'Ik zie toch niet dat je reageert!'

AMSTELVEEN - In een grote poppenkast is een knus berenhol ingericht. Met een luie stoel voor papa Beer, huiselijke spulletjes voor mama Beer en een radio met 'het klokje van zeven uur' voor 'Abe Beer', hoofdpersoon van het verhaal. “Abe Beer speelt in de nostalgische jaren vijftig”, vertelt poppenspeelster Trudy Kuyper, die het afgelopen weekeinde de Wim Meilinkprijs voor haar oeuvre kreeg uitgereikt.

In de kleedkamer van het Amstelveense Poppentheater - het vroegere huistheater van de overleden meester in het vak Jan Nelissen - zegt Kuyper lacherig: “Ik ben er erg blij mee, maar zo'n oeuvre-prijs is wel een beetje benauwend. Alsof mijn loopbaan al ten einde zou zijn, terwijl ik het gevoel heb dat ik het vak nu pas echt onder de knie begin te krijgen.”

Kuyper maakt al zo'n twintig jaar poppenvoorstellingen voor kleuters. Zij beperkt zich daarbij tot het handpoppenspel en haar voorstellingen lijken eenvoudig, maar er gaat een enorme perfectie achter schuil. Zij weet aan deze klassieke vorm een heel persoonlijke en natuurlijke dimensie te geven. Met een perfecte timing, een laconiek gevoel voor humor en ontroerende poppenfiguren in een schilderachtige miniatuur-wereld.

Sterke armen

Kuyper stapte enthousiast het vak in als assistent van poppenspeler Jacques Vernout in Haarlem. “Mijn vader kwam thuis met een briefje waarop stond 'assistent gevraagd'. Ik was geloof ik de enige sollicitant en werd meteen aangenomen. Ik zat op de pedagogische academie, in de hoop dat ik zo poppenspeler kon worden. Van de toneelschool of de kleinkunstacademie wist ik nauwelijks iets af, terwijl dat achteraf gezien een logische weg was geweest. Maar het is ook geen slechte methode om het vak van een ander te leren. Eerst heb ik heel veel limonade ingeschonken. Verder speelde ik een fee die zeer langdurig in een put zat en twee poppen die alleen maar door het raam keken. Daar krijg je heel sterke armen van. Na een opleiding van zo'n anderhalf jaar, ben ik voor mezelf begonnen en heb ik Poppentheater Dibbes opgericht in Akersloot. Mijn broer - kinderboekenschrijver Sjoerd Kuyper - schreef verhalen en mijn jongere broertje maakte muziek. Drie jaar later kwam vormgeefster Gerda Hopman er bij en nu werk ik al jaren met hetzelfde team. Pieter Vrijman is mijn vaste regisseur en hij is geweldig. Ik heb alles van hem geleerd. Hij kan de essentie zeer goed uit een verhaal halen en dat hebben wij poppenspelers hard nodig. Binnen in de kast vergis je je altijd in het effect op het publiek. 'Wat doe je nu?', vraagt Pieter dan. 'Nou eh.., ik reageer', zeg ik dan. 'Maar dat zie ik toch niet!', roept hij dan. Hij is heel eerlijk. 'Zo slecht heb ik het nog nooit gezien', zegt hij weleens vrolijk. Maar als hij het goed vind, weet ik dat ik daar op kan vertrouwen.”

Gewone kleuter

“Mijn voorstellingen gaan over simpele, alledaagse dingen die kinderen meemaken. Vergelijkbaar met Jip en Janneke. Zo is Abe wel een beer, maar ook een heel gewone kleuter. Abe krijgt te maken met een Russische oppas die hem niet verstaat. De voorstelling 'Zachtjes' ging bijvoorbeeld over een kind, dat zo vreselijk graag een hondje wilde. 'Jutte' is me bijgebleven omdat het zo mooi treurig was. Het is een echte smartlap over twee hondjes, waarvan de ene uit armoede bijna bevriest. Pieter Vrijman zei: “De moeder moet dat andere hondje slaan, uit onmacht. Het verhaal kan niet erg genoeg zijn, dat is goed voor de dramatiek”.

“Er is geen onderwerp dat kleuters niet aankunnen”, bevestigt zij, “ook verhalen over de dood, verdriet, scheiding, liefde en vriendschap spreken hen aan. Maar het gaat om de manier waarop je het vertelt. Als je het maar goed af laat lopen. Dat moet echt hoor! Je moet kinderen altijd hoop geven. Het is belangrijk om te laten zien dat je problemen kunt oplossen en dat je zelf verantwoordelijkheid kunt nemen. Mijn personages zijn meestal sympathiek, behalve dan de Eiber. Maar die was weer zo intens slecht dat het grappig werd.”

De Eiber was een enorme ooievaar, die een opgewekte kikkerfamilie bedreigde en een jonge kikker trekt er daarom op uit om de strijd aan te gaan. Kuyper: “Deze voorstelling sprong er een beetje uit. Het was een avonturenverhaal, dat laat zien dat je pas echt moedig bent als je je angst overwint.”

“Voor de toeschouwers zijn het geen poppen, het is echt. En dan is zo'n krokodil niet leuk meer. Ik spreek het publiek daarom altijd even toe en benadruk dat het een spel is. Het is hun eerste ervaring met het theater en het is jammer als die door angst verpest wordt. In 'Abe Beer' zit niets engs. Zijn Russische oppas die hij niet kan verstaan laat een actueel probleem zien. Vooral in de grote steden zitten er vaak kleuters in de zaal, die nog geen Nederlands spreken. Zij kijken me dan glazig aan. Laatst zaten er tien kleine Japannertjes op de voorste rij. Heel schattig, maar ik zie geen begrip in die ogen. Ik weet niet goed wat ik daar aan kan doen, misschien moet ik wel zonder tekst gaan spelen. Het lijkt me vooral zo moeilijk voor kinderen van vluchtelingen. Stel je maar voor: je komt uit Somalië, zit in een enge donkere zaal en je begrijpt die mevrouw met die poppen niet. En dat met alles wat je hebt meegemaakt. Dan verbaast het me dat ze er na afloop nog zitten.”

Als later op de dag de Amstelveense kleuters in drommen naar binnen zijn gestommeld en het zaallicht dooft, komt het nostalgisch warme berenhol tot leven. Moeder Beer rent geagiteerd heen en weer en kleedt zich om op kraamvisite te gaan. Vader is veel te laat, maar als hij thuiskomt springt Abe druk kletsend op zijn nek. 'Oh, dat kleintje!', roept een meisje vertederd. De eigenwijze Abe is duidelijk favoriet en de kleuters in de zaal lachen uitgelaten om zijn slimme grapjes.

Abe wil niet alleen thuis blijven, maar hij wil ook geen Russische oppas. Bovendien is hij zijn lievelingspop kwijt en hoe leg je dat uit aan iemand die je niet verstaat? Abe raakt verzeild in een nachtmerrie-achtige droom. Hij komt terecht in de gangen van Russische mollen met grote groepen baby's die zijn lievelingspop in hun bezit blijken te hebben. De levendige figuren gaan in een rap tempo op en af en het is moeilijk voor te stellen dat ze allemaal door één persoon bespeeld worden. Na afloop komt Trudy Kuyper weer tevoorschijn en vertelt dat Vader Beer en Moeder Beer weer veilig thuiskomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden