’Ik wist niet goed wie ik was zonder de sport’

Irma Heeren: 'Hulp zoeken doe je in zo'n situatie niet. Je voelt je zo klein, je ziet het als falen.' ( FOTO JÿRGEN CARIS, TROUW)

Het ’zwarte gat’, een groeiend gevaar binnen de topsport, is er in alle soorten en maten. Irma Heeren verloor haar identiteit en had jaren nodig om zichzelf terug te vinden.

Haar gedrevenheid was haar valkuil. Als topsportster noemt Irma Heeren zich een alleskunner die grenzen overging die anderen niet over konden. Nu ze daarvan de zware consequenties heeft ervaren, wil ze anderen voor de gevaren behoeden.

„Ik heb momenten gehad dat het voor mij niet meer hoefde. Ik dacht: ik loop nu naar het spoor en ik ga eraan. Ik was alles van mezelf kwijt. Mijn hoofd wilden niet meer denken, ik durfde niet meer naar buiten, ik had een raar lijf, een raar hart, ik had nergens grip meer op.”

Irma Heeren is een van de vijftien (oud)topsporters die in het boek Overwonnen van Wieneke van Vucht openhartig vertellen over de keerzijde van de topsport. Het befaamde ’zwarte gat’ treft volgens onderzoekster Agnes Elling, sportsociologe aan het Mulier Instituut, de helft van de gestopte topsporters in meer of mindere mate.

Volgens Elling zullen problemen op dit vlak toenemen omdat de druk om medailles te winnen steeds groter wordt. Omdat het topsportsysteem ’een echt regime is geworden’, krijgen sporters niet de kans een andere identiteit te ontwikkelen. Het vinden van een nieuwe levensinvulling kan na de sportcarrière een probleem zijn.

„We steken meer geld in de topsport. Daardoor krijg je een grotere groep die voor de medailles gaat, maar ook een grotere groep die het niet redt”, concludeert ze in Overwonnen. „Dit is geen individueel probleem. Dit is een maatschappelijk probleem.” Ze pleit voor preventief beleid vanuit de sport, waar mentale coaches er nu slechts zijn om medailles te helpen winnen.

„Het zwarte gat is een beladen begrip, en deels terecht”, zegt Elling. „Topsporters denken vaak dat ze hun ervaring overal kunnen gebruiken. Maar het zijn toch vaak egoïstische mensen. Voor veel werksituaties moet je leren in een team te werken waarin je lang niet altijd de belangrijkste bent.”

Heeren was zowel in sporten als met stoppen onmatig. Ze won talloze nationale, Europese en wereldtitels in duatlon, triatlon, veldlopen en langeafstandlopen. Geen offer was haar te veel. Toen een blessure haar van het einddoel, de olympische marathon van 2004, afhield en dwong abrupt te stoppen, „deed ik de deur zo hard dicht, dat was eigenlijk niet normaal.”

In het aftrainen bleef Heeren grenzen overschrijden. In de voor haar nieuwe sociale wereld voelde ze zich niet thuis. Langzaam raakte ze vervreemd van zichzelf en haar geliefde, vriendin Chris. „Ik wás iemand in de sport en ineens was ik die persoon niet meer. Ik wist niet goed wie ik was zonder de sport. Ik verloor mijn identiteit.”

Twee jaar nadat ze was gestopt, raakte Heeren in een zware crisis. Na een duurloop werd ze duizelig onder de douche. In snel tempo kreeg ze andere symptomen. Zweetaanvallen; onregelmatige hartslag; hyperventileren; angst om naar het werk te gaan. „Ik ben een controlefreak, ik had als sporter altijd controle over mijn lijf. Ineens nam mijn lijf het over en was ik de beheersing over mijn eigen lichaam totaal kwijt.”

De diagnose was voor de eens zo trotse, sterke sportvrouw onacceptabel: een zware burn-out. Heeren zegt tijdens de boekpresentatie desgevraagd: „Ik dacht aan een enge ziekte, aan hartproblemen. Als je dan hoort dat het tussen je oren zit, voelt dat als een klap in je gezicht. Ik ben toch niet gek?”

Gek is ze niet. Aan tafel zit een blijmoedige vrouw die graag vertelt van haar oude problemen. Maar het heeft wel vierenhalf jaar geduurd voordat ze zichzelf heeft terug gevonden.

Vanuit de sportwereld hoorde ze niets, hetgeen ze als teleurstellend heeft ervaren. „Hulp zoeken doe je in zo’n situatie niet. Je voelt je zo klein, je ziet het als falen.” Een tip bracht haar bij mental coach Bouke de Boer. In bijeenkomsten met lotgenoten keek ze naar zichzelf in de spiegel. Langzaam, met veel oefening, kwam ze tot zichzelf.

„Door het lange knokken ben ik een sterkere vrouw geworden, ik sta krachtig in het leven. Maar het was een zware weg, waarop Chris en ik elkaar dreigden kwijt te raken. Dat we nu meer dan ooit samen van het leven genieten, bewijst dat de lijn van de liefde er altijd is geweest.”

Heeren is zo openhartig, dat zelfs haar ouders, met wie ze een intensief contact zegt te hebben, schrokken van de deplorabele staat waarin ze heeft verkeerd. „Als je naar buiten toe niet eerlijk kunt zijn, zul je nooit de realiteit onder ogen zien. Ik hoop dat mijn verhaal een taboe kan doorbreken. En ik hoop me nuttig te kunnen maken voor andere sporters die in de problemen zijn geraakt.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden