'Ik wilde meedoen aan het volwassen leven'

De eerste baan maakt vaak diepe indruk. Acteur Dragan Bakema (1980) begon op jonge leeftijd als 'bloemknoppen-kopper' in het Drentse Smilde. Bakema is te zien in 'Zout op mijn huid', de voorstelling gaat deze week in première.

"Ik was eigenlijk veel te jong om te werken, maar ik wilde zo graag. Niet eens zozeer om geld te verdienen, ik wilde vooral meedoen aan het volwasssen leven. Zes uur 's ochtends moest je opstaan. Ik vond het allemaal reuze spannend. Met een busje werden we - we waren met zo'n acht jongens - opgehaald in Oosterwolde, waar ik woonde. Vanuit daar gingen we naar de boer in Smilde.

Daar moesten we bloemknoppen koppen: er stonden eindeloos veel rijen tulpen op zijn veld, kilometers lang. De knoppen trokken we er allemaal af. De volgende knop zou nog groter en mooier worden. In de banen of 'loopgraven', zoals het werd genoemd, liepen we met zo'n zeventien jongens. Ieder had zijn 'eigen' rij. Van de knoppen die we eraf trokken maakten we bosjes van twee vuisten dik. Elastiekje eromheen, en vervolgens liet je het bosje op de grond vallen. Ik kreeg er al snel een enorme handigheid in.

De boer zag je vrijwel niet. Wel lieten zijn zoons ons zien hoe het moest: megasnel kopten zij de knoppen. Het was de bedoeling dat wij hetzelfde tempo haalden, maar dat lukte vrijwel niemand.

Met het maken van bosjes kon je echt geld verdienen; je kreeg een kwartje per bosje betaald. De echte werkers onderscheidden zich hier: het ging om snelheid. Met een klein mesje moest je de stelen afsnijden. Daar gingen veel jongens de mist in. De boer kende geen genade, die jongens werden zonder pardon ontslagen.

Als ik eenmaal aan het einde van de rij kwam, steeg de spanning: straks - bij het teruglopen - kwam je erachter hoeveel je had verdiend. Tijdens het lopen verzamelde ik de bosjes in mijn armen. Ik telde gelijk mijn geld. Na honderd meter zat je al op drie gulden. En na anderhalve kilometer had je al gauw zo'n 23 gulden verdiend. Een enorm bedrag.

Twee zomers heb ik bij de boer in Smilde gewerkt. Het was mijn allereerste bijbaantje. Daarna heb ik nog talloze bijbaantjes gehad voor ik ging werken als acteur: ik ben afwasser geweest, nachtportier bij een hotel, ik heb wasmachines bezorgd, bij een varkensboer gewerkt en in een plasticfabriek.

Achteraf kan ik zeggen: van al die bijbaantjes heb ik leren relativeren. Het was altijd weer een nieuwe ervaring. Tijdens mijn bijbaantjes had ik te maken met volwassen mensen. Ik leerde dat wat voor mij een bijbaan was, voor anderen een werkelijke baan is.

Als ik aan het repeteren ben voor een nieuwe voorstelling kan ik me heel druk maken om bepaalde zaken. Maar je kunt jezelf echt op slot zetten als je denkt dat wat jij doet werkelijk iets uitmaakt. Het kan namelijk veel zwaarder dan de wereld waar ik mij in bevind. Soms denk ik dan weer even aan die boer in Smilde, of aan de vrouwen in de plasticfabriek."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden