Ik wilde door want mijn troepen moesten dat ook

Peter van Uhm, voormalig Commandant der Strijdkrachten, sprak in het openbaar niet vaak over zijn emoties na de dood van zijn zoon. Nu is er zijn boek.

Les 1

Kijk vooruit, niet achteruit

"De dag na mijn benoeming in 2008 als Commandant der Strijdkrachten, werd de zwaarste in mijn leven. Ik kreeg die ochtend te horen dat onze zoon Dennis was gesneuveld in Afghanistan. Tijdens een patrouille reed zijn eenheid van de Bravo-compagnie op een bermbom. Op zo'n moment schudt je leven op zijn grondvesten. Maar door er over na te denken, dwars door mijn verdriet heen, wist ik waar ik voor stond: ik had destijds voor de krijgsmacht gekozen, ik zou die nu niet verlaten. Juist nu niet.

Dennis en ik stonden voor hetzelfde doel: de wereld beter maken via de krijgsmacht. We kenden de risico's en kozen bewust voor de krijgsmacht. Mijn boek, een biografie, heet niet voor niets: 'Ik koos het wapen'.

De dood van Dennis heeft mij bevestigd in de keuzes in mijn leven. Dat weten we door alle gesprekken die we samen voerden, maar ook uit zijn laatste brief. Iedere militair die wordt uitgezonden mag een brief schrijven voor het geval hij of zij tijdens een missie omkomt. Dennis twijfelde daarover, maar schreef hem toch. Dat is nu zo'n dierbaar bezit.

Vanaf de eerste dag na zijn dood hebben we als gezin vooruitgekeken. Natuurlijk hadden we hem graag bij ons gehouden, maar dat gaat niet. We proberen blij te zijn met de jaren die we wel met hem hebben gedeeld. Dat lukt de ene dag beter dan de andere."

Les 2

Leg anderen niet op hoe ze moeten rouwen

"Sinds ik geen Commandant der Strijdkrachten meer ben, kan ik het verdriet beter toelaten. We hebben in de logeerkamer nog altijd twee tassen met steunbetuigingen staan, die we graag een keer willen lezen en beantwoorden. Dat konden we zes jaar geleden niet maar nu komt daar ruimte voor.

In die begintijd hielp het om niet weg te lopen voor mijn taak. Dat begreep niet iedereen. Toen ik zelf de persconferentie wilde doen met het nieuws over de twee gesneuvelde militairen, onder wie mijn eigen zoon, was er onbegrip maar ook respect. We hadden er thuis uitgebreid over gesproken. Het ging nu niet om mij, maar om mijn verantwoordelijkheid als Commandant der Strijdkrachten. Van tevoren had ik met mijn woordvoerder afgesproken dat hij de persconferentie moest beëindigen als ik mijn hand op zijn arm zou leggen. Dan wist hij dat ik het niet meer volhield. Dat gaf mij steun. Ik trok emotioneel gezien een pantser aan en het lukte. Dat was mijn methode om te overleven. Toen ik in 1983 als jonge kapitein naar Libanon werd uitgezonden, zei ik ook tegen mezelf dat ze daar nooit op kapiteins schieten. Dat is natuurlijk jezelf foppen en tegelijk jezelf helpen.

Sommige mensen twijfelden eraan of ik wel in staat was te werken na de dood van Dennis. Maar ik wilde het moreel van de uitgezonden troepen niet ondermijnen, door ze in de steek te laten. Ik wilde door, zij moesten dat ook. Hard werken geeft structuur en drive. Je kunt niemand opleggen hoe hij moet rouwen of verdriet moet tonen."

Les 3

Samen een klus klaren, geeft een goed gevoel

"Bij de krijgsmacht gaat het om samen een klus klaren en zorg hebben voor elkaar. In het heetst van de strijd moet je 100 procent op elkaar kunnen vertrouwen. Dat gevoel kende ik van vroeger, dat leerde ik al jong in de bakkerij van mijn ouders. Ons hele gezin hielp mee. Dat vond ik niet altijd leuk, soms wilde ik op zaterdag liever buiten spelen. Toch denk ik daar met warmte en dankbaarheid aan terug. Hoe klein ik ook was, ik hielp mee. Het begon met het invetten van de broodblikken, later hielp ik mijn vader met brood rondbrengen en nog weer later kreeg ik mijn eigen klanten. Meedoen, aanpakken en op jonge leeftijd verantwoordelijkheden krijgen; dat was belangrijk bij ons thuis. En je moest je best doen, half werk werd niet gewaardeerd. Daar heb ik mijn hele leven veel aan gehad. Op dit moment woon ik in een appartement op een paar honderd meter van de plek waar vroeger mijn vaders bakkerij stond. Een prettig, nostalgisch gevoel."

Les 4

De krijgsmacht laat jongeren groeien

"Het werd me al snel duidelijk dat de bakkerij niet mijn toekomst was. Ik wilde meer. Als jongen was ik geïntrigeerd door de Tweede Wereldoorlog, de verhalen over de bevrijding van Nijmegen, de geallieerden en de gevechten met de Duitsers. Maar ook een historisch figuur als Winston Churchill maakte op mij een onuitwisbare indruk. Zo duidelijk als hij was, zo stevig als hij leiding gaf - dat inspireerde mij. Ik realiseerde me dat de krijgsmacht wellicht wel iets voor me zou zijn.

Als 17-jarige - een kindsoldaat eigenlijk - meldde ik me aan. Ik viel voor het actief zijn, het werken aan veiligheid, stevig presteren, de collegialiteit en het warme nest. Ik voelde me er vanaf dag één senang, volledig op mijn plek. De krijgsmacht heeft mij echt een zinvol leven gegeven. En met mij vele anderen. Soms kregen we jongens die niet wilden deugen, of die louter kwamen voor het avontuur of het vechten. Ik zag ze gaandeweg groeien - en niet alleen in spierkracht. Wij vormden ze tot betere mensen, dat vind ik een mooi aspect van de krijgsmacht. Daarmee zeg ik absoluut niet dat er geen rotte appels zijn, maar die heb je overal."

Les 5

Openheid geeft begrip

"Toen ik in de jaren zeventig begon, had de krijgsmacht een slechte naam. Het was vreselijk impopulair om naar de KMA te gaan. Hoewel het niet gemakkelijk was, volhardde ik in mijn keuze. Ik herinner me dat ik een keer in uniform op een station stond en iemand recht in mijn gezicht zei: 'moordenaar'. Dat gebeurde in die dagen, het waren de tijden van de kruisraketten. Ik vind het goed dat ik er mede voor heb gezorgd dat het gesloten bastion van defensie is opengebroken. We hebben cameraploegen laten meedraaien tijdens missies en legio interviews gegeven. Zolang de veiligheid niet in het geding was, was alles bespreekbaar. Dat heeft gezorgd voor meer steun in de samenleving. Vroeger kende niemand Veteranendag, nu is het een vast onderwerp in het Achtuurjournaal. Mensen vinden het zelfs vervelend dat onze jongens en meiden even niet in uniform in het openbaar vervoer mogen. Vroeger was het andersom: voordat militairen naar huis gingen, deden ze eerst hun burgerkleding aan.

Ik denk dat de steun onder burgers ook voortkomt uit de zorg over de nieuwe dreigingen. Denk aan de grimmige sfeer vanuit Rusland en de Oekraïne, de wapenwedloop in Azië of de opkomst van IS. In kwetsbare periodes voelt een sterke krijgsmacht als steun."

Les 6

Sta achter je opdracht

"In mijn carrière ben ik vrij snel opgeklommen: ik begon als officier en was als slotstuk Commandant der Strijdkrachten. Ik heb op ongelooflijk veel plekken gezeten. Meestal werd ik na twee of drie jaar bij mijn oren gepakt en ergens anders neergezet. Verschillende keren had ik het prima naar mijn zin en wilde ik eigenlijk niet vertrekken. Maar dan realiseerde ik me dat het niet om mij ging. Als er een beroep op me werd gedaan dan luisterde ik. Geregeld lagen er pittige dossiers te wachten. Zoals het ombouwen van de krijgsmacht met een dienstplicht naar een beroepsleger, daarin zag ik wel de uitdaging.

Wat ik uitermate wrang en zuur vond, waren de ingrijpende bezuinigingen van het eerste kabinet-Rutte. Die vielen rauw op mijn dak. 's Avonds lag ik in mijn bedje en vroeg me af of ik hier wel verantwoordelijk voor wilde zijn. Dat ging heel diep. Uiteindelijk heb ik die opdracht wel uitgevoerd. Hoe hoger je in de organisatie komt hoe groter de eer van je functie, maar hoe minder soms het genoegen. Wat mij bij de les hield was mijn gele map, die altijd op mijn bureau lag. Daarin zaten twee speeches over de effecten van politieke inmenging in militaire operaties. Eén speech vanuit historisch perspectief en een andere vanuit recente missies. Die twee speeches herinnerden mij er elke dag aan dat ik bezig was met beleid waar ik achter moest staan. Na mijn pensioen gingen die twee speeches door de shredder."

Les 7

Laat je op je vingers tikken

"Op persoonlijk niveau is mijn vrouw Inge altijd mijn relativerende factor geweest. Zij kent mij beter dan ik mezelf en zorgt ervoor dat ik niet naast mijn schoenen ga lopen. Mocht ik al neigingen hebben tot egotrekjes, dan wijst mijn vrouw mij daar fijntjes op. Als je steeds hogere rangen krijgt, zijn er legio mensen die je een superioriteitsgevoel geven. Daar heb ik altijd voor bedankt, ik ben een troepenman.

In al mijn functies heb ik altijd contact gehouden met de jongens en meiden in het veld. Dat je met een arrogante en agressieve houding niet veel bereikt, leerde ik al als 21-jarige luitenant. Een sergeant-majoor die lager in rang was dan ik, maar veel ouder en met een rugzak vol ervaring, las me de les. Ik had die ochtend een soldaat verbaal compleet afgedroogd, nadat hij iets verkeerds had gedaan. Van zijn kruin tot zijn teennagels. Deze oudere sergeant-majoor zei niks en stond er rustig bij te kijken.

Die middag kwam hij bij me langs en zei: 'Luitenant, ik heb uw aanpak gezien, maar denkt u nu werkelijk dat deze soldaat nog iets voor u doet als u er niet bij bent?' Een meesterlijke zet. Dat zette me aan het denken. Hij heeft mij meerdere keren op mijn vingers getikt en met resultaat. Ik gun iedereen in zijn leven zo'n leermeester."

Peter van Uhm

Peter van Uhm (1955) was tot juni 2012 Commandant der Strijdkrachten. Als bakkerszoon koos hij voor defensie en ging naar de Koninklijke Militaire Academie.

Hij begon als luitenant bij het 48ste Pantserinfanteriebataljon en werd in 1983 uitgezonden naar Libanon (Unifil). Na diverse functies bij de landmacht en het ministerie van defensie was Van Uhm in 2000 werkzaam bij het hoofdkwartier van de Stabilization Force in Sarajevo als Assistant Chief of Staff. Later werd hij benoemd tot commandant Landstrijdkrachten en vervolgens Commandant der Strijdkrachten.

Een dag na zijn aantreden in 2008 overleed zijn zoon Dennis tijdens een missie in Afghanistan. Van Uhm bleef aan en leidde tot juni 2012 de krijgsmacht. Generaal Van Uhm kreeg bij zijn afscheid de versierselen van commandeur in de Orde van Oranje-Nassau met de Zwaarden en werd benoemd tot adjudant in buitengewone dienst van Koningin Beatrix. Bij de inhuldiging van koning Willem-Alexander bekleedde hij het ambt van Koning der Wapenen. Op 4 mei 2013 hield hij een indrukwekkende speech tijdens de Nationale Dodenherdenking. Vorige maand verscheen de biografie van Peter Van Uhm met als titel 'Ik koos het wapen', geschreven door Sander Koenen (uitgeverij AtlasContact).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden