'Ik werd voor iedere vrouw iemand anders'

Daan Heerma van Voss Beeld HH/Karoly Effenberger
Daan Heerma van VossBeeld HH/Karoly Effenberger

Hij staat ervan te kijken hoeveel gedaanten hij heeft aangenomen bij zijn eerste liefdes. Wie was schrijver Daan Heerma van Voss eigenlijk echt? Nu hij dertig is, blikt hij terug.

Daan Heerma van Voss

Als jongen werd ik geregeld met de bedroevende scheidingsstatistieken van de tijd geconfronteerd. Weet je zeker dat je later wel wilt trouwen? Een derde van de huwelijken eindigt vroegtijdig; of was het nu de helft? Waarom zou het bij jou anders zijn? Wat maakt jou zo zeker van je zaak? Ik was veel, maar zeker van mijn zaak allerminst.

Ik was zo bang voor meisjes dat ik slechts één vriendin had, met wie ik na schooltijd afsprak tussen de bomen van het Amsterdamse Hiltonhotel, zodat niemand ons zou zien. Toen ik als dertienjarige jongen eens aan mijn vader vroeg wat liefde was, zei hij: "Een verbond tussen twee mensen die elkaar kunnen verwoesten, maar vooralsnog beweren dit niet te doen." In zijn vrije tijd vergeleek hij vrouwen met dynamiet. Als ik hem vroeg naar de reden, zei hij: 'Wacht maar.'

Het kind werd adolescent.

Vrije keuze
In de loop van de eeuw van mijn grootouders en ouders is liefde definitief tot ieders eigen verantwoordelijkheid gaan behoren. Niets wordt opgedrongen. Vrije keuze. Echte liefde.

Waar voor mijn ouders sprake was van een persoonlijk vrijheidsverlangen dat voortkwam uit maatschappelijke omwentelingen en nieuwe kansen, is bij ons een krampreactie opgetreden: een teveel aan vrijheid. We kunnen kiezen, dus ook verkeerd kiezen. Zo werd bindingsangst, in al zijn verschillende gradaties, het symptoom voor mijn generatie, zoals vrijheidsverlangen dat was voor die van mijn ouders. Goed, het kan natuurlijk erger, maar toch. Als jou maar vaak genoeg wordt verteld dat je nergens in hoeft te geloven, dan breekt onherroepelijk het moment aan dat je nergens in durft te geloven.

Ik leefde mijn leven in conclaaf met deprimerende filosofen, terwijl ik hun boeken niet eens echt had gelezen. Nietzsche, in de rug gesteund door schrijvers als Grunberg en Houellebecq, was de luidste. De hoekstenen van hun wereldbeeld: allemaal zijn we, zonder hier om te hebben gevraagd, in de wereld 'geworpen' die al onbeschrijflijk lang bestaat en steeds complexer wordt. Het leven heeft geen diepere betekenis. Er is niet één waarheid. Kortom: het stelt allemaal bar weinig voor. Afgezien van de liefde, natuurlijk.

Op mijn achttiende was ik klaar voor de volgende stap: de jonge man zou niet langer bang zijn voor wat zijn vader altijd had gevreesd. Ik was jaloers op vrienden die dweepten met hun liefdesmislukkingen. Zij waren echte mannen, die veel hadden gezien - gegokt en verloren. Voor mij zat er niets anders op dan maar proberen, kleine stapjes werden stappen, ik kuste en werd ontmaagd. Grote woorden braken af op kleine teleurstellingen. De jaren schoten voorbij, 18, 20, 23. Ik werd niet verliefd op een vrouw, maar op vrouwen, die allemaal in iets anders voorzagen. De enige min of meer constante factor was ikzelf. De onbegrepen eenzaamheid groeide, ik raakte eraan verslaafd, werd mijn eigen romantische tragiheld.

Daan Heerma van Voss (Amsterdam, 1986) is schrijver. Zijn artikelen verschijnen met enige regelmaat in nationale en internationale bladen. Onlangs verscheen bij de Bezige Bij zijn jongste roman 'De laatste oorlog'.

null Beeld Anita van der Weijden
Beeld Anita van der Weijden

De jonge man werd een man die niet langer jong genoemd wenste te worden.

De liefdesvorderingen waren te gering, en het duurde allemaal veel te lang. Ik wilde mijn portie echte liefde, en snel een beetje. Wilde ik iets wezenlijks bereiken, dan moest ik het serieuzer aanpakken. Vanaf dit moment zou ik me volledig aan de liefde wijden.

Mezelf zijn, zoals tegenwoordig het ideaal is: wist ik veel hoe dat moest. Al moet ik eerlijk zijn, zelfs als ik dat wel had geweten, had ik het niet aangedurfd. De enige manier waarop ik mezelf aan de liefde kon geven zonder alle bescherming op te geven - dynamiet! - was door meer over mezelf te weten dan de ander deed. Het was een onbewust proces; ik handelde vanuit instinct. Het instinct fluisterde me in: acteer, in plaats van jezelf te laten zien.

Leonard Zelig
Zo gebeurde het, dat ik voor iedere vrouw iemand anders werd; ik gaf me over aan steeds een andere uitvergroting van een in het normale leven begrensd deel van wie ik was. Iemand met andere voorkeuren, zwaktes en gewoonten, iemand gevrijwaard van wie ik gisteren was. (Zo heb ik om onduidelijke redenen een gehele zomer een bandana gedragen.) Zij moest zich aan mij binden, zozeer dat ze niet eens merkte dat het niet helemaal wederzijds was.

En er was niemand in de buurt om te zeggen dat ik mezelf niet was, of dat wat ik deed van lafheid getuigde (wat natuurlijk zo was). Het lag binnen mijn bereik uit te groeien tot de Leonard Zelig van de liefde, het personage van Woody Allen, een werkelijke man zonder eigenschappen. Ik was vrij, onthecht, lichter dan ooit.

Seks leerde ik zien als de ultieme performance: in de beslotenheid van een uur - laten we hier niet kinderachtig over doen - kon ik werkelijk iemand anders worden. Iemand die schaamte overwint in plaats van iemand die geen schaamte kent. Uiteindelijk kwam ik tot vijf volwaardige rollen.

Bij mijn eerste grote liefde was het emotionele superioriteit die ik zocht. Zij hield meer van mij dan ik van haar, zij troostte mij vaker dan ik haar. Als wij seks hadden gehad, kocht ik een kersenbonbon voor haar. Ik gedroeg me zelfverzekerd en krachtig. Archetype nummer 1: de machthebber. De noodzakelijke ongelijkheid was uiteraard ook de reden dat het uiteindelijk niet werkte. (Voor haar.) Ik was te onvolwassen om in te zien dat ze alles wat ze zei, ook meende. Bij ruzies liep ze weg, en wachtte tot ik haar achterna kwam. Dat heb ik nooit gedaan. Op een gegeven moment is ze doorgelopen.

Geduldige redder
Een tijdje was er een buitenlandse, geschikt bevonden vanwege de taalbarrière. Maar uiteindelijk was die barrière zo groot dat spreken over abstracte ideeën ronduit lachwekkend was. (Kennelijk had zij minder behoefte aan zulke gesprekken dan ik.) Archetype nummer 2: de onverstaanbare buitenlander, ofwel de eeuwige buitenstaander.

Een ander personage dat ik in me bleek te hebben, nummer 3: de geduldige redder. Er volgde een relatie van twee jaar met een vrouw die leed aan een ziekte die vroeg of laat haar einde zou betekenen. Ik accepteerde die kennis zonder zelfmedelijden. Ik ging met haar mee naar het ziekenhuis, regelmatig fietste ik met duizenden euro's aan medicijnen in twee witte plastic apotheektassen over de grachten.

Zij, bang voor naalden, keek mij grootogig aan wanneer ze aan het infuus werd gekoppeld, ze kneep hard in mijn arm wanneer de naald in haar arm geschoven werd. Ik herinner me de wirwar van draadjes die haar gezicht van het mijne scheidde, wanneer we overnachtten in het AMC. Maar echt redden is onmogelijk. Het was afgelopen.

Intussen verhielden de delen die ik liet zien zich steeds slechter tot de delen die ik verborgen hield. Hoezeer ik ook van iemand hield, altijd bleef ik denken: als ze me werkelijk kende, zou ze me verlaten.

De jonge hond
De vierde vrouw was in de veertig, gescheiden en wel, met een echte baan op een echt kantoor. Ik ontmoette haar op een feestje waar ik niet hoorde. Als we uit eten gingen, wat we elke avond deden, pakte zij de rekening op en ik de fooi. Archetype nummer 4: de jonge hond. Het ging mis toen er anderen in het spel kwamen: haar vrienden die me wantrouwig aankeken, haar ouders die maar niet over mij te horen kregen.

In haar slaapkamer stond een ouderwetse kaptafel, met lampenpitjes in een halve maan rond de spiegel. Eindeloze crèmes, potjes, flacons en flessen. Toekijkend hoe zij zich klaarmaakte voor de nacht begreep ik dan toch wat haar niet gewoon volwassen, maar ronduit oud maakte: ze stelde alles in het werk om jong te blijven. We formuleerden een eendrachtig 'het is beter zo' en stapten ieder een andere richting in.

null Beeld Colourbox
Beeld Colourbox

In de ogen van mijn vrienden voelde ik het contrast met vroeger, en hoezeer ik wegdreef van degene die ze kenden.

De laatste stap was een zeer jonge vrouw, eigenlijk moet gesproken worden van een meisje: net van de middelbare school, die beroemde langste zomer uit je leven. De notities van het wiskundeboek 'Getal en Ruimte' deel zoveel slingerden door mijn huis, ze gebruikte woorden die ik niet kende, ze wist het verschil niet tussen Rambo en Rimbaud, en dacht dat Moby Dick een geslachtsziekte was.

Volkomen leeg
Ik droeg hippe - een woord dat zij verbood - kleren en liet mijn baard staan. Archetype nummer 5: de romantische mentor. Ik leerde haar dingen die ze voor altijd met mij zou associëren, ik gaf onze relatie vorm, ze werd afhankelijk van mij, ik was eens te meer nodig. Natuurlijk was het moment dat de pupil het zonder mentor wilde afkunnen, onafwendbaar. Dat had ik altijd geweten. Ik nam afscheid van haar, en van degene die ik was geweest.

Vijf mensen was ik geweest, en op 28-jarige leeftijd volkomen leeg. Uiteindelijk had ik inderdaad liefgehad, gegokt en verloren, maar het was altijd op een verwrongen manier geweest, uitgaande van een oneerlijke verdeling die ervoor zorgde dat ik altijd meer wist dan zij, en zij nooit de kans kreeg die afstand te overbruggen.

Dat was de slotsom, dat was het residu. De enige mogelijke conclusie was dat ik nooit een ander was geworden, het had alleen jaren geduurd voordat ik het gemeenschappelijke element van de vijf alter ego's onder woorden kon brengen: angst.

Aan het einde van zijn leven wordt Leonard Zelig gek. Na alle kameleontische rondzwervingen door de geschiedenis, doet de kernloosheid zijn leven uiteindelijk imploderen. De liefde van zijn psychiater, gespeeld door Mia Farrow, verandert hier niets aan.

De periode van zelfmedelijden en leegte duurde enkele maanden, totdat ik er genoeg van had. Ik wiste alle nummers in mijn telefoon en stapte de straat op. Het was avond, de lucht was klam en aanhankelijk, cafés verwelkomden iedereen die langsliep. Ik koos er eentje en ging naar binnen. Het was druk, mensen riepen om pils en fluitjes, iedereen was hetzelfde behalve zij. Ze zag eruit als iemand die sterker was dan ik. Ik stapte op haar af en, voor het eerst in drie jaar, vergat ik te vertellen wie ik was. En ja, ik nodigde haar uit om een stap in mijn richting te zetten.

Reageren

Welk pad legde u af in de liefde? Was u ook bij verschillende geliefdes een ander persoon? En lukte het uw masker af te doen? We zijn benieuwd naar uw verhaal. Schrijf ons in maximaal 120 woorden en vermeld uw naam en woonplaats. tijdpost@trouw.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden