'Ik was gedoemd muzikant te worden'

AMSTERDAM - Als hij praat over het enorme succes dat zijn Klezmer Conservatory Band sinds de oprichting in 1980 heeft, lijkt hij een jongetje dat net een miljoen in de loterij gewonnen heeft. Toch is de 39-jarige Hankus Netsky, zeker in Amerika, een beroemdheid en wordt hij gezien als dè expert op het gebied van de klezmer-muziek.

ANITA LÿWENHARDT

De term 'kleze mer' is Hebreeuws en staat voor (joodse) muzikant. Letterlijk betekent het 'voertuig van liederen'; degene die de muziek verklankt. Het woord komt al voor in de Bijbel, vertelt Hankus Netsky trots. Hij praat graag over zijn lievelingsmuziek. Niet voor niets doceert hij ook klezmer-muziek aan het New England Conservatory of Music in Boston, het conservatorium waar hij ooit zelf studeerde.

Eigenlijk is klezmer-muziek, net als zigeuner-muziek, gewoon Oosteuropese volksmuziek. “Maar”, zegt Netsky, “het klinkt anders als een joodse musicus het speelt, omdat die er de invloed in verwerkt van de chassidische muziek en van het zingen in de synagoge. Dat is het unieke, de geest en de essentie van joodse muziek.”

Hij is voor de vierde keer in Nederland. Zijn band treedt dit keer op in het kader van het Internationaal Joods Muziekfestival, dat morgen begint. Maar eigenlijk, zegt hij in een Amsterdams hotel, houdt hij veel meer van lesgeven en van de research naar klezmer-muziek. “Optreden is belangrijk om deze muziek bekend te maken, het helpt bij het creëren van een revival van klezmer-muziek, maar ik treed niet op om een 'ster' te worden.”

Hankus Netsky komt uit een muzikale familie. Zijn overgrootvader, grootvader, diens broers en beide broers van zijn moeder waren allen klezmoriem in Moldavië en de Oekraïne, die na de grote pogrom in het Oost-Europa van 1903 hun geluk in Amerika zochten. In Philadelphia. Van muziek maken konden de meesten daar echter niet leven.

“Mijn overgrootvader was acteur, zanger en comedian. Hij begon een winkel, met weinig succes, beroemd als hij was voor zijn pogingen om 's zomers kerstbomen en 's winters badpakken te verkopen”, vertelt Netsky schaterend. “Mijn grootvader was een muzikaal talent. Hij had zichzelf ongeveer alle instrumenten leren bespelen: piano, viool, klarinet en andere blaasinstrumenten. In Amerika speelde hij joodse muziek, maar ook jazz en society music: Lehar en muziek van de Ziegfeld Follies.”

Joodse immigranten als Netsky's opa brachten niet alleen de klezmer-muziek naar Amerika. In de jaren tien, twintig en dertig bloeide in de Nieuwe Wereld het jiddisj theater, de jiddisje film en de jiddisje literatuur. Tot daar in de jaren veerig langzaam een eind aan kwam.

De belangrijkste reden was dat de volgende generatie langzamerhand assimileerde, vertelt Netsky. “De jongeren wilden geen 'immigrant' meer zijn, maar Amerikaan, en leerden geen jiddisj en joodse muziek meer. “Zo deed Ira Gershwin eens auditie voor een jiddisj theater. Hij werd afgewezen, omdat hij te jazzy speelde.”

Een andere oorzaak was dat Amerika in 1924 alle immigratie uit Oost-Europa had stopgezet. “Dat duurde tot 1945 en toen was de bron van deze muziek letterlijk uitgeroeid en was klezmer-muziek iets heel droevigs geworden. Ook het opkomende zionisme speelde een rol. Zo groeide ik op met de Israëlische cultuur. In plaats van jiddisj leerde ik Hebreeuws. Mijn generatie werd beroofd van haar jiddisje wortels.”

Desondanks bleef de klezmer-muziek het leven van Hankus beheersen. “Mijn grootvader stierf in 1959, toen ik vier was. Mijn grootmoeder bewaarde al zijn muziekinstrumenten en daar kon ik niet vanaf blijven. Op mijn vierde kreeg ik pianoles, drie jaar later saxofoonles en op m'n veertiende hobo-les. Ach, ik was nergens anders goed in. Ik kon geen baseball raken, laat staan vangen en in wiskunde was ik ook al slecht. Ik was gedoemd muzikant te worden. Op m'n elfde speelde ik met andere kinderen in onze garage muziek, die ik zelf geschreven had, op kleine blaadjes.”

De eerste die hem iets bijbracht over joodse muziek was geen familielid, maar de voorzanger van de synagoge. “Als ik mijn musicerende oom er naar vroeg, zei hij: 'Waarom wil je iets van joodse muziek weten? Die is voorbij'. Tot ik in 1974 bij een oudoom kwam, die wèl geïnteresseerd was, eigenlijk had zitten wachten op iemand aan wie hij zijn kennis kon overdragen. Hij had een kamer vol met 78-toeren-platen, allemaal klezmer-muziek. Toen ik die hoorde, dacht ik: 'Dit is wat ik zocht'. Ik had wel bladmuziek van mijn opa, maar als ik dat speelde, klonk het meer als Scarlatti dan 'joods'. En de joodse muziek die ik 's zondags op de radio hoorde, klonk 'plastic'. Maar toen ik de muziek op die oude platen hoorde, zo expressief, zo ritmisch, wist ik dat dit was wat ik wilde leren.”

Hankus Netsky ging naar het conservatorium in Pittsburg en begon ook jiddisj te studeren. Vervolgens trok hij naar Boston. “Op dat conservatorium was ruimte voor allerlei muziek. Toen ik mijn interesse liet blijken, werd ik gelijk aangemoedigd me meer in klezmer-muziek te verdiepen.”

“Op dat conservatorium ging ik in 1978 zelf les geven. Geïnspireerd door Ieren die elkaar hun Keltische muziek leerden, begon ik met klezmer-workshops waar meteen veel studenten op af kwamen. Twee jaar later mocht ik met de band die daaruit ontstond een concert organiseren, eenmalig dacht ik. Ik had er geen idee van dat dat optreden zo'n waanzinnig succes zou zijn. Ze braken de zaal af. Door dat ene concert had ik opeens een nieuwe 'carrière'. Als uitvoerend muzikant.”

“Binnen een jaar had de band haar eerste plaat opgenomen en groeide het aantal optredens en daarmee het publiek. Het ging maar door. Radio-optredens, lokaal, nationaal. Internationale optredens, in Australië, Nieuw-Zeeland en vanaf 1990 ook in Europa. En toen vroeg acteur Joel Gray (bekend als de 'ceremoniemeester' in de film 'Cabaret') ons hem te begeleiden tijdens de tournee van zijn jiddisje musical. Daardoor dachten mensen: 'Wow, die band moet goed zijn', dus kwamen er nog meer uitnodigingen. Ik speelde zelfs op de bruiloft van Caroline Kennedy.”

Hankus Netsky speelt ook elke zondag in het langst bestaande radio-programma ter wereld, sinds 1931 op de lokale radio van Boston gepresenteerd door de nu 96-jarige muzikant en jiddisje zanger Ben Gailing. Componeren doet Netsky ook, onder meer voor films en musicals. En hij richtte een stichting op om de klezmer-muziek te 'conserveren'. “Dat moet, anders verdwijnt het, mèt de mensen die het nog gespeeld hebben. Laten horen dat deze muziek nog bestaat, vind ik belangrijker dan optreden.”

Desondanks blijft de populariteit van zijn Klezmer Conservatory Band groeien. “Daar ben ik nog steeds oprecht verbaasd over. Zoveel enthousiasme voor deze muziek had ik niet verwacht, laat staan dat ik op m'n 39ste beschouwd zou worden als een oude rot in het vak van klezmer-muzikant.”

De Klezmer Conservatory Band speelt zondag in Eindhoven en in Amsterdam (Nieuwe de la Mar, na concerten van Di Gojim en Salomon Klezmorim), maandag in Vlaardingen en dinsdag in Groningen. Het Internationaal Joods Muziekfestival: morgen tot en met dinsdag in Amsterdam (Christofori), met onder meer: Shura Lipovsky, de Jeff Warschauer Klezmer Ensemble, Adrienne Cooper, Joyce Rosenzweig, de Jeruzalem Jazz Band, het Lewandowski- en Amsterdams Synagogaal Koor.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden