Weblog

Ik stem liever op een hindoe dan op een moslim

(\N)

De presidentsverkiezing in Afghanistan wordt aan het einde van de zomer van 2009 gehouden. Maar in een land waar men niet gewend is om te stemmen, moet eerst het besef worden gekweekt dat men mag, kan en moet stemmen.

Genietend van de herfstzon zat ik onder de walnotenboom naar vogelgezang te luisteren. Ik hoorde een schorre stem iets aankondigen via een luidspreker. Het was moeilijk te verstaan. Ik schrok ervan, kreeg een verschrikkelijk déjà vu. Het klonk als de leuzen die onze bezwete en fanatieke docent politicologie en partijleden riepen tijdens anti-Amerikaanse demonstraties. Ten tijde van de communistische regering moesten we meelopen wilden we slagen voor het examen politicologie.

Mijn achterneef van zes, die schreeuwend het binnenhof op rende, haalde mij uit mijn angst: “Verkiezingen, verkiezingen. Schrijf je in.” Ik gaf hem een walnoot die net van de boom was gevallen en vroeg waar men dat kon doen. “Hiernaast, in de meisjesschool,” zei hij. “Waar gaat u naartoe?” riep hij. “Ik ga me inschrijven,” antwoordde ik. “Oom Haroon, stem dan op mijn papa. Hij is de sterkste,” hoorde ik zijn kinderlijke stem achter mij.

In een betonnen kamer met kale muren en een aantal stoelen en tafels zaten de coördinator, de ambtenaar en de fotograaf. Buiten stond een vrolijke politieagent die graag met zijn Kalasjnikov op de foto wilde.

Er zijn in totaal vier inschrijfkantoren in Charikar. Mensen die bij de vorige verkiezingen een pasje hebben opgehaald, hoeven zich nu niet opnieuw in te schrijven.

Ik vroeg de coördinator of hij door het ministerie van Justitie was aangesteld om de inschrijving te coördineren, omdat de ambtenaar hem ‘meneer de officier’ noemde. Hij lachte verlegen: “Ik ben geen officier van Justitie. Ik ben tijdelijk aangenomen door UNAMA – The United Nations Assistence Mission in Afghanistan – vanwege de komende verkiezingen.” Op mijn vraag waarom voor een meisjesschool was gekozen, antwoordde hij: “Om het inschrijven voor vrouwen laagdrempelig te maken. Voor Afghaanse maatstaven hebben zich best veel vrouwen ingeschreven.”

Terwijl in sommige delen van het land een inschrijvingskaart een vogelvrijverklaring betekent, hoorde ik tot mijn genoegen dat vrouwen zich hier zelfs graag komen inschrijven.

Op een gegeven moment kwamen drie jongens binnen die zich wilden inschrijven. Nadat hun foto’s waren genomen en uitgeprint met een miniprinter, namen ze plaats aan tafel bij de ambtenaar om de gegevens te laten controleren. Een van de jongens bleek minderjarig te zijn. Teleurgesteld ging hij op de bank in de hoek van de kamer zitten. “Op wie gaan jullie stemmen?” vroeg ik de andere twee jongens. “We weten het niet,” zei de jongen met zijn arm in het gips. “Het ziekenhuis heeft mij hierheen gestuurd. Ze wilden mij niet behandelen omdat ik geen inschrijfkaartje had.” Het inschrijven is dus lang niet altijd vrijwillig, concludeerde ik geschrokken. “Een duwtje in de rug met een fluwelen handschoentje mag toch wel,” zei de coördinator.

's Middags kwam mijn neef thuis om warm te eten. Zijn haren en baard waren mooi bijgeknipt. “Ben je in Dubai geweest?” vroeg ik. Het is algemeen bekend dat de zoon van de leider van een islamitische politieke partij in Dubai naar de kapper gaat. “Nee hoor, zo rijk en zo dom ben ik ook weer niet. Gewoon naar een kapper hier in de bazaar.” Ik aaide over mijn baard en zei: “Laten we naar hem toe gaan.”

Waarom kappers zo veel praten weet ik niet. “Sinds de vorige verkiezingen hebben de autoriteiten hier in Charikar geen steen op steen gezet - niets gedaan. Geen water, geen stroom. In Bagram, iets verderop, is de Amerikaanse luchtmachtbasis 24 uur per dag in een meer van licht gedompeld. Onze stad ligt in een zee van duisternis. Slim van ons dat we onder invloed van de vorige verkiezingsbeloften onze oude olielampen niet weg hebben gegooid.”

“Gaat u stemmen deze keer?” vroeg ik aan hem. “Ik weet het niet,” zei hij, “maar als ik ga stemmen, stem ik deze keer liever op een hindoe dan op een moslim. Mijn broeders hebben hun beloftes niet ingelost.”

(\N)
(\N)
(\N)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden