Ik sta fatalistischer tegenover problemen dan vroeger

'Kijk maar rustig naar de televisie. Je hebt genoeg gedaan om de wereld een beetje mooier te maken. Nu is het aan mij', schrijf je aan het eind van je vorige brief. Het is vast lief bedoeld, maar ik zou toch krachtig tegen je formulering willen protesteren (daar zijn wij babyboomers nou eenmaal heel goed in!). Straks denkt de lezer van Trouw nog dat ik tegenwoordig niets anders meer doe dan op de bank liggen en met de zapper in de hand van het ene naar het andere televisiestation schakelen. In werkelijkheid valt dat reuze mee. Ik kom heus nog weleens buiten en een blik in mijn agenda leert dat ik het voor een pensionado best druk heb. Als politici het over vitale bejaarden hebben, doelen ze vast op mensen als ik. Toch betrap ik me erop dat ik veel fatalistischer tegenover de grote problemen in de wereld sta dan vroeger. Dat bedoelde ik met de opmerking: 'Donald Trump heeft ervoor gezorgd dat ik een couch potato ben geworden'.


De Franse politicoloog Bernard Manin heeft de term 'toeschouwersdemocratie' geïntroduceerd. In de activistische jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw werden mensen lid van een politieke partij, of anders wel van een vakbond of buurtcomité. Ze hadden het gevoel dat ze hun toekomst, al of niet in samenwerking met anderen, zelf konden bepalen. Dat gaf hoop en een enorme dosis energie. Nu, schrijft Manin, is politiek engagement vooral een kwestie van tv-kijken geworden: ministers en Kamerleden zoeken hun achterban niet meer op in vergaderzaaltjes, maar verspreiden hun boodschap via actualiteitenprogramma's en talkshows. Ze zetten videofilmpjes op Facebook en twitteren er lustig op los. Volgens de Fransman is het resultaat dat politiek geïnteresseerden zich steeds meer gedragen als het publiek bij een schouwburgvoorstelling: ze kijken al of niet met instemming, ze applaudisseren of slingeren verwensingen in de richting van hun televisietoestel. Maar zelf krijgen ze niet veel meer uit hun handen.


Ik denk dat politici als Donald Trump volop profiteren van die toeschouwersdemocratie. De Amerikaanse president zorgt voor een onafgebroken reeks incidenten - van het inreisverbod voor bewoners van moslimlanden via zijn fittie met Arnold Schwarzenberger over de dalende kijkcijfers van 'The Apprentice' tot de reclame die het Witte Huis maakt voor de kledinglijn van dochter Ivanka. Hij maakt van politiek een reallifesoap, altijd met een cliffhanger: wat voor onverwachte wending zou het presidentschap van Trump morgen nemen? De ene dag barst hij los in een tirade tegen een 'zogenaamde rechter', de andere dag betitelt hij 'fake media' als The New York Times en CNN als 'vijanden van het Amerikaanse volk'. Zou hij weten dat bij ons Geert Wilders zich ook bedient van scheldwoorden als 'neprechters' en 'nepparlement'? Het is niet dat ik me niet opwind over die verbale grofheid en de verachting van de democratische pluriformiteit die uit zulke uitlatingen spreekt. Maar wat kun je er in hemelsnaam tegen ondernemen? Soms voel ik me als een konijn dat in de koplampen van een aanstormende auto staart.


Liefs, papa

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden