'Ik kom uit een land waar niets gratis is'

Ritah Mabble (34) uit Oeganda kreeg twee jaar geleden haar verblijfsvergunning. Ze woont met haar Nederlandse man en twee dochters in Zoetermeer en wil een boerenbedrijf leiden.

Wel. Niet. Wel. Niet. Ritah Mabble zit op een bankje op station Amersfoort. Ze is moe van het denken. Ze ziet geel met blauw voorbij razen. Beter hier dan in Oeganda, denkt ze. Maar ze blijft zitten, als aan het staal vastgenageld.

Ze belt een vriend die ze kent van haar landbouwopleiding in Barneveld. Ze is net klaar en dus moet ze terug naar Oeganda. Maar daar is het onveilig en is haar broer vermoord - zij zal de volgende zijn. Haar vriend zegt: "Ritah, blijf zitten waar je zit." Hij geeft haar het nummer van een advocaat.

Ze toetst het nummer in. De advocaat zegt dat ze direct in de trein naar Ter Apel moet stappen. Ze is in paniek, maar doet wat hij zegt.

De advocaat blijft aan de lijn. Hij vraagt haar wat haar dromen zijn. Ze vertelt hem dat ze van dieren houdt. Geen kleine - als honden of poezen - maar grote: koeien, varkens, olifanten. Dat ze daarmee wil werken. Dat ze graag een gezin wil stichten.

Om de zoveel minuten vraagt hij: 'Ritah, ben je daar nog?'

Terwijl het Nederlandse landschap aan haar voorbij raast, ratelt ze verder. Over het kleine dorp waar ze opgroeide. De boeren waarbij ze werkte om te overleven. Over het teveel aan gedachten de laatste tijd. Over haar inspiratieloze bijbaan bij McDonald¿s. Als het gesprek opdroogt, zegt de advocaat: "Ik ga jou de geschiedenis van Zeeland vertellen." Na drie uur staat Ritah voor de poort van het aanmeldcentrum in Ter Apel en hangt op. Ze weet alles over de Watersnoodramp.

Vier jaar later zit Nabulya Ritah Mabble (34) met haar grote liefde Bob Heuvelman (41) op de bank in een nieuwbouwwijk in Zoetermeer. Links hangt een schilderij van een walvis, rechts een olifant. Aan Ritahs voeten spelen twee meisjes: Jaminah (3) en Julicia (1). Het is een nieuw leven in een nieuwe stad. Sinds twee weken wonen Bob en Ritah samen met hun dochters in het rijtjeshuis dat nog naar verf ruikt.

Ritah heeft nu twee jaar een verblijfsvergunning. Toen ze in het AZC in Arnhem wachtte op een status, schreef ze zich in bij een datingsite. Ze scande de Nederlandse mannen op hun dierenliefde. Zo vond ze Bob. Ze spraken af in Burgers Zoo. Zij liet hem alle dieren uit haar land zien en was op slag verliefd ('Zo'n knappe man!'). Hij moest even wennen ('De klik was er, maar de liefde moest groeien.') Ritah: "Het was een heel moeilijke en onzekere tijd voor mij. Maar Bob was altijd daar. Wij verstaan elkaar." Bob lacht. "Ik zeg altijd maar: alles komt goed."

Ritah gaat met haar dochters naar de kinderboerderij. Bob: "Daar wordt ze altijd blij van." De kinderboerderij in Zoetermeer is net zo vinex als de wijk. Dat lijkt Ritah niet te deren, ze gaat in de omgeving op. Ze aait de dieren zoals ze door het haar van haar kinderen strijkt. Ze praat tegen ze op fluistertoon.

Ritah loopt de stal in, waar beheerder Wendy Leentvaar kinderen emmers met voer geeft. "Mag ik klompschoenen aan mevrouw?" Ritah wijst naar een rij klompen. "Die zijn alleen voor kinderen", zegt Leentvaar. "Je bent de eerste volwassene die erom vraagt." De beheerder geeft Ritah blauwe plastic zakjes voor om haar schoenen. Ze wijst naar het hok van de ezels Isabel en Amber. "Die mag je wel doen." Ritah pakt een riek en schept het met poep bezaaide stro in een kruiwagen.

"Dat heb je vast vaker gedaan", zegt Leentvaar. "Ik heb voor dierenarts gestudeerd in Oeganda," zegt Ritah. "Maar daar keren we het stro eerst een keer om, zodat we er langer mee doen." Als Ritah met een kruiwagen vol de stal uitloopt, zegt Leentvaar: "Heb je een goede opleiding, kun je hier gewoon stront gaan scheppen."

Na een half uur noeste arbeid wandelt Ritah terug naar huis. Daar serveert ze Afrikaanse pannenkoeken. Bob legt er een Hollands plakje kipfilet op. "We hebben elkaars keuken goed leren kennen," zegt hij. Als de kinderen een middagdutje doen, zit het stel op de bank. Bob heeft zijn arm om Ritah geslagen.

Ze begrijpen elkaar goed, ook al zijn er cultuurverschillen. Ritah schiet in de lach. "Waar moet je aan denken, schat?" vraagt Bob. Ritah: "Die keer dat jij mij een cadeau gaf." Ritah was op haar knieën gegaan om hem te bedanken - zo doen ze dat in Oeganda. Bob wist niet wat hij meemaakte en zei snel dat in Nederland alleen katholieken nog aan knielen doen. Bob: "Ritah is overal dankbaar voor. Ik hoef maar een avocado voor haar mee te nemen of haar dag is goed." Ritah: "Bob is niet nep, hij is zichzelf. Hij heeft me door alles heen geholpen. Ik ben nu gelukkig." Wel is er een verschil tussen de twee: Bob wil 'meer knuffelen' dan Ritah. Als dat eruit floept, krijgt hij een kleur. "Ik ga even de post halen."

Als hij weg is, dempt Ritah haar stem. Ze vertelt over haar dromen, net als toen, aan de advocaat. Ze is gelukkig, dat wel, maar ze zou graag werk hebben. Haar Nederlands is goed, maar nog niet zo goed dat ze kans maakt op een hbo-functie. Ze wil liever een boerenbedrijf leiden, dan de stallen verschonen. Maar ze heeft geduld. "Tot die tijd blijf ik vrijwilligerswerk doen. Want wij asielzoekers moeten wel proberen iets te doen. De regering heeft ons een status gegeven. Ik kom uit een land waarin niets gratis is. In Nederland krijg je veel. Dat is fijn, maar het maakt sommige asielzoekers lui." Volgens Ritah kan de overheid beter met bedrijven gaan praten. "Die moeten ons een kans geven. In onze landen hebben wij ook iets geleerd. Niet alle asielzoekers zijn dom."

Ritah begint opeens te giechelen, alsof ze een geheim bewaart. Na even aarzelen durft ze het te zeggen: ze is een boek aan het schrijven over het leven als asielzoeker. Het gaat over dromen najagen en de moed niet verliezen. "Ik schrijf wel in jip-en-janneketaal hoor."

Het eerste hoofdstuk? Station Amersfoort.

Nieuwe Nederlanders

In Nieuwe Nederlanders portretteert Trouw mensen die een verblijfsstatus hebben gekregen. Hoe ontwikkelt hun leven zich na dat moment? Vandaag deel 3: Ritah Mabble.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden