'Ik kan niet wachten tot ik de rook van Willy's lichaam af zie komen'

Elizabeth en Vernon Harvey zijn voor de doodstraf en tegenargumenten zijn aan hun niet besteed. Want hun dochter werd vermoord. “Wat mij betreft is het nemen van het leven van een ander mens de onvergefelijke zonde”, zegt Elizabeth. Ze waren getuige bij de executie van de dader. Toen recht was gedaan, dachten ze rust te vinden. Maar het tegendeel bleek waar. Dit is de derde aflevering in een serie artikelen die mede tot stand kwam met steun van de stichting Fonds bijzondere journalistieke projecten.

Het drama heeft hun leven in meer dan één opzicht overhoop gegooid. In de jaren na de moord op Faith hebben de Harveys zich vastgebeten in het Amerikaanse rechtssysteem. Het echtpaar is actief in de pro-doodstrafbeweging in Louisiana. Bij iedere executie in de staatsgevangenis van Louisiana staan Elizabeth en Vernon Harvey bij de poort. Zoals onlangs, op 16 mei bij de executie van Thomas Lee Ward in Louisiana. De Harveys demonstreerden als enigen bij de ingang van de staatsgevangenis.

Voor de Harveys is de doodstraf een zegen, de argumenten tégen zijn aan hen niet besteed en waarom zou je ook met ouders van een vermoord kind in discussie wìllen gaan? Elizabeth: “Wat je ook van de doodstraf vindt, ik weet nu zeker dat de moordenaar van Faith nooit meer een moord zal kunnen plegen. May his soul burn in hell.”

Ze wonen in een kleine bungalow in Mandeville, Louisiana, niet ver van New Orleans, aan de overkant van Lake Pontchartrain. Vernon loopt met een stok, hij praat moeilijk, de restverschijnselen van een herseninfarct dat hem drie jaar geleden trof. Hij draagt een donkere bril, het is moeilijk zijn ogen te zien. Vernon praat weinig, Elizabeth voert voornamelijk het woord. Ze vertelt schijnbaar onbewogen over wat er met Faith is gebeurd. Tijdens het gesprek toont ze niets van emoties. Ze spreekt in statements, in sound-bites, gepokt en gemazeld als ze is in de omgang met de media. “Als je mij had ontmoet voor de moord op Faith, had je geen twee woorden uit me gekregen. Ik was verlegen en terughoudend. Nu heb ik geleerd dat ik voor mijn mening moet uitkomen, dat onze stem gehoord moet worden. Dat ben ik aan Faith verplicht.”

De Harveys waren erbij toen één van de daders van de moordpartij op hun dochter in de gevangenis van Louisiana werd geëxecuteerd. Ze hebben lang moeten wachten op de dood van Robert Lee Willie, de verkrachter en moordenaar van Faith. Verdachten, zeker in een zaak waarin de doodstraf wordt geëist, hebben in de VS een schijnbaar onuitputtellijke reeks van beroepsmogelijkheden. Doodstrafzaken kunnen zich makkelijk tien jaar of nog langer voortslepen. “En in al die zaken gaat het niet om de rechten van het slachtoffer, maar om de rechten van de dader”, schampert Elizabeth.

Maar hun geduld werd beloond, vindt Vernon nog altijd. “Ik kan niet wachten tot ik de rook van Willies lichaam af zie komen”, riep Harvey destijds tegen wie het maar wilde horen. En hij kondigde aan dat hij op de voorste rij wilde zitten bij de terechtstelling.

Ze hebben bepaald geen nare herinneringen aan de dag dat Willie op de elektrische stoel werd gezet. Elizabeth: “Hij heeft niet zo erg geleden als mijn dochter. Hij heeft een heel wat menselijker dood gehad. Faith heeft hen gesmeekt haar alleen te laten om te sterven. Maar zelfs dat was haar niet gegund. Ze hebben haar nog verkracht toen ze al dood was. Uit de sectie bleek dat ze alleen al aan de verkrachting zou zijn overleden, alles was kapot. Nu Willie dood is, weet ik dat hij nooit meer een moord zal kunnen plegen en nooit meer in staat zal zijn een familie zo veel ellende aan te doen, als hij ons deed.”

Faith Hathaway had net een week haar diploma van de Mandeville High School, toen Robert Lee Willie en zijn vriend Joseph Vaccaro haar pad kruisten. Ze was de avond van de 28ste mei 1980 naar de disco in Mandeville gegaan om afscheid te nemen van haar vrienden. Op 29 mei 1980 zou ze in New Orleans in het leger gaan, om er Russisch te leren en om haar land te dienen. Vernon Harvey, een veteraan die bij de U.S. Navy had gediend, was trots op zijn dochter: het is goed een paar jaar van je leven voor het land te geven, vond hij.

Het bericht over Hathaways afstuderen was ook het laatste dat Nora Overweel uit het Westbrabantse Oudenbosch van haar vriendin hoorde. Ze kreeg een brief thuis waarin Faith, met wie ze eind jaren zeventig bevriend was geraakt tijdens een verblijf van zes maanden in het buitenland, haar enthousiast schreef dat ze was geslaagd. Nora schreef direct terug, maar er kwam geen antwoord. Dat was vreemd, Faith was altijd erg trouw in het beantwoorden van de brieven van haar Hollandse vriendin. Ze stuurde nog een brief en nog een. Op een dag kreeg Nora Overweel een telegram. Daarin stond een korte, maar schokkende boodschap: 'Faith killed'. Het contact met Faith's ouders verwaterde. Pas onlangs hoorde Nora Overweel wat er met Faith was gebeurd, vijftien jaar na dato. “Dat grijpt je wel aan. We hebben net een baby. Dan kijk je toch anders aan tegen dit soort vreselijke gebeurtenissen.”

De ochtend van haar vertrek naar het leger zou Elizabeth Vernon haar dochter helpen met het inpakken van de laatste spullen. Toen ze bij het appartement van Faith kwam, was er niemand. Het bed was onbeslapen. Faith zou die dag haar afspraak om zich in New Orleans in te schrijven voor het leger niet nakomen. Haar ouders waren bezorgd, want het was niks voor Faith om zonder bericht weg te blijven. “Ze hield ons altijd op de hoogte.”

Diezelfde avond nog meldde Vernon Harvey zich bij de sheriff in Mandeville om de vermissing van zijn dochter aan te geven. De politie zei dat er pas na 48 uur actie kon worden ondernomen. Twee dagen vol spanning gingen voorbij. Er werd een zoekactie gehouden in de omgeving. Maar het was onbegonnen werk. In het woeste, bergachtige gebied rond Mandeville was het zoeken naar een speld in een hooiberg.

Op zondag 1 juni 1980 vonden picknickers bij Fricke's Cave een lege portemonnee en wat kleren. Ze waren van Faith Hathaway. De sheriff hield de Harveys onwetend van de vondst, maar het nieuws verspreidde zich snel in de kleine gemeenschap, de inmiddels dodelijk ongeruste Harveys werden door kennissen op de hoogte gebracht.

De ontdekking van de kleren was voor Vernon Harvey reden nogmaals zelf te gaan zoeken in het rotsachtige terrein. Hij vond niets. Wel viel het hem op dat het er stonk, net alsof er ergens een dood dier lag. Acht dagen na de verdwijning vonden politie-beambten het lijk van Faith in een afgelegen deel van een grot. Het naakte lichaam was ernstig verminkt, de jonge vrouw was zeventien keer in nek en borst gestoken. Alles wees op een uiterst gewelddadige verkrachting.

Juist op de dag dat het lichaam van Faith Hathaway werd gevonden, kwam een leraar van de middelbare school bij de ouders de foto brengen van de diploma-uitreiking, die twee weken daarvoor had plaatsgevonden. Die foto, uitvergroot, lag op de kist toen Faith werd begraven, want het lichaam kon niet meer worden getoond. Dezelfde opname hangt sindsdien aan de muur in de kamer van de Harveys: een blonde lachende meid, zorgeloos, met de toekomst nog voor zich.

Vernon Harvey kan niet zonder emoties spreken over die episode, vijftien jaar geleden. Zijn stem breekt als hij probeert te vertellen hoe hecht zijn relatie was met Faith. “En weet je dat ik niet eens haar echte vader was”, zegt hij met verstikte stem. Toen Vernon trouwde met Elizabeth had zij Faith al uit haar eerste huwelijk. Vernon barst regelmatig in snikken uit tijdens het gesprek. Hij heeft nooit vrede kunnen vinden met wat er gebeurd is, zelfs de executie van één van de daders heeft hem geen innerlijke rust gebracht.

Er zijn kennissen in hun omgeving die zeggen: het is nu zo lang geleden, het wordt tijd dat jullie weer gaan proberen je eigen leven te leiden, vertelt Elizabeth. Ze kan het niet. “Tot op de dag van vandaag kan ik het gruwelijke van wat er toen is gebeurd niet bevatten. Ik vind dat ik als moeder voor mijn dochter moet spreken. Zelf kan zij dat niet meer doen. Iedere moeder van een vermoord kind zou dat moeten doen.”

Om die reden zijn de Harveys actief in organisaties die voor de belangen van slachtoffers van geweldsmisdrijven opkomen, zoals Parents of Murdered Children. Het zijn vooral gespreksgroepen, maar de Harveys geven door hun jarenlange ervaring met het ondoorgrondelijke Amerikaanse rechtssysteem - dat bovendien per staat verschilt - ook praktische adviezen aan familieleden van slachtoffers die recht zoeken.

“Als wij toen hadden geweten wat we nu weten, was ons een heleboel ellende met justitie bespaard gebleven”, zegt Elizabeth strijdbaar. Ze hebben het justitie zo moeilijk mogelijk gemaakt, omdat ze niet wilden dat de moord op hun dochter onbestraft bleef. Elizabeth: “Wij hebben er voor gezorgd dat onze zaak niet op de plank bleef liggen. Faith hield van haar land en daarom had ze recht op een goed proces. Een van de officieren van justitie zei eens dat hij als hij 's avonds in zijn bed stapte soms achterom keek, om zich ervan te vergewissen dat wij niet tegelijk met hem onder de lakens kropen.”

Wat er die rampzalige nacht precies was gebeurd, kwam in al de verbijsterende details naar buiten toen de twee verdachten voor de rechter stonden. Het bleek dat beide mannen in de weken na de moord op Faith tot hun arrestatie, nog vier anderen hadden omgebracht, op net zo'n gruwelijke manier. Ze hadden Faith bij de disco een lift aangeboden in hun pickup-truck. Faith was meegegaan, misschien had ze te veel gedronken, was ze te licht van vertrouwen geweest.

In plaats van haar naar huis te brengen, reden de mannen 25 mijl door de nacht naar Fricke's Cave. Daar dwongen ze Faith zich uit te kleden, blinddoekten ze haar en verkrachtten zij de jonge vrouw. Vervolgens stak een van hen haar dood, terwijl de ander haar armen vasthield. Van Faith's rechterhand misten enkele vingers, waarschijnlijk omdat ze had geprobeerd de messteken af te weren.

De politie wilde niet dat Elizabeth en Vernon hun kind zelf identificeerden. Maar Elizabeth stond erop dat iemand die haar goed had gekend haar dochter zou zien, ze kon de gedachte niet weerstaan dat het lichaam zou worden begraven zonder dat voor honderd procent vaststond dat het Faith was. Elizabeths broer nam die taak op zich.

Elizabeth en Vernon Harvey leven sinds die donkere dagen in mei 1980 met één overtuiging: iemand die tot zulke daden in staat is, verdient de doodstraf.

Robert Lee Willie werd op 27 december 1991 ter dood gebracht op 'Gruesome Gertie', de elektrische stoel van Louisiana. (Niet lang daarna raakte in deze staat de stoel in onbruik. De doodstraf wordt in Louisiana nu uitgevoerd met een injectie.) De Harveys herinneren zich letterlijk 'het laatste woord' van Willie: “Meneer en mevrouw Harvey, ik hoop dat jullie enige troost vinden in mijn dood. Het vermoorden van mensen is fout. Daarom word ik nu ter dood gebracht. Maar het maakt geen verschil of het nu burgers, landen of staten zijn die anderen ombrengen, moord is fout.”

Willies medeplichtige, Joseph Vaccaro kreeg levenslang (vier keer voor vier verschillende delicten). Hij zit zijn straf uit in een federale gevangenis. Vaccaro ontkwam aan de doodstraf doordat één van de juryleden tegenstemde. Volgens het Amerikaanse rechtssysteem betekent dat automatisch een levenslange straf. Het zit de Harveys tot op de dag vandaag niet lekker dat Vaccaro de in hun ogen rechtvaardige straf kon ontlopen. Iedere januari belt Elizabeth met de gevangenis in Colorado om te horen of Vaccaro er nog zit. “Zo lang ik leef, zal ik er voor zorgen dat hij levenslang heeft.”

Elizabeth Harvey heeft, naar ze zelf zegt, een simpele visie op de doodstraf. “Als mensen besluiten om te moorden, dan kiezen ze voor de doodstraf. Zo eenvoudig ligt dat. De straf op moord is de doodstraf. Wat mij betreft is het nemen van het leven van een ander mens de onvergefelijke zonde. Als je die grens overschrijdt, weet je wat de consequenties zijn. De doodstraf bestaat omdat het leven zo kwetsbaar is. Je moet er in dit leven van op aan kunnen dat je voortbestaan is gegarandeerd.”

Het stoort de Harveys dat bij de doodstrafzaken de aandacht doorgaans volledig is geconcentreerd op de dader, hoe z'n laatste dag was verlopen, wat zijn laatste maaltijd was, wat zijn laatste woorden waren. “Over het slachtoffer wordt met geen woord gerept.”

De Harveys hebben in de jaren volgend op de arrestatie van de twee daders grote moeite gehad met de traagheid waarmee justitie de zaak tegen Robert Lee Willie behandelde. Op een gegeven moment zocht Vernon Harvey in wanhoop zelfs zijn heil bij een congreslid uit hun regio. Ze legden hem hun problemen voor en vroegen of hij niet kon zorgen dat er schot in de zaak kwam.

Het congreslid nam de zaak kennelijk hoog op. Op een avond ging de telefoon in huize Harvey: “Heeft u een ogenblik, ik heb hier de president voor u”, zei een vrouwenstem aan de andere kant. President? Welke president? Waarvan? Van de Rotary Club? Harvey wilde de hoorn weer op de haak gooien, toen hij een bekend stemgeluid hoorde. Ronald Reagan aan de lijn. “Meneer Harvey, maakt u zich geen zorgen. Het federale hooggerechtshof zal op zeer korte termijn uitspraak doen in de zaak tegen Willie. Er zit schot in”, zei de president van de Verenigde Staten. Nog diezelfde dag wees het hof een laatste beroepsmogelijkheid van Willie af en was de weg vrij voor executie.

Het was een roerige tijd voor de Harveys. De media berichtten uitvoerig over de zaak. Het echtpaar was op van de zenuwen. Hoorzitting volgde op hoorzitting, maar echt veel beweging zat er niet in en al die tijd liepen Vernon en Elizabeth rond met een diepe behoefte aan vergelding voor wat hun dochter was aangedaan. Pas nadat recht was gedaan, zouden ze rust vinden. Dachten ze toen nog. De werkelijkheid zou heel anders zijn.

Twee keer heeft Harvey op het punt gestaan tegen Willie en Vaccaro het recht in eigen hand te nemen. Beide gelegenheden deden zich voor op de dag dat de twee mannen voor een hoorzitting naar het paleis van justitie in New Orleans werden vervoerd door FBI-agenten. Vernon reed bij toeval achter de arrestantenwagen op de kilometerslange brug over Lake Pontchartrain. Hij herkende de moordenaars van zijn dochter en de FBI-agenten in de wagen herkenden Vernon Harvey. In blinde woede zette Harvey de achtervolging in, de FBI-agenten drukten het gaspedaal diep in. Ze reden zo'n 170 kilometer per uur, maar nog haalde Harvey ze in. “Als ik ze van achteren had geramd waren ze kansloos. Die wagen was zo het meer in gereden.” Maar Harvey haalde zijn voet van het pedaal. “Ik realiseerde me dat die FBI-agenten er dan ook geweest zouden zijn. En die hadden niets misdaan.”

De tweede gelegenheid kwam diezelfde dag in een kleine rechtszaal in New Orleans, waar de hoorzitting werd gehouden. Harvey stond naast een hulpsheriff en zijn oog viel plots op het zwaar kaliber pistool dat de man droeg. Willie en Vaccaro stonden op slechts een paar meters van hem verwijderd. Met één snelle beweging zou Harvey, geoefend schutter, het pistool kunnen grijpen en hij zou kunnen schieten. . . Opnieuw won het verstand. “Ik had daar in die kleine, overvolle rechtszaal makkelijk onschuldige mensen kunnen treffen.” Pas later hoorden de Harveys dat de rechter en de officier van justitie die dag kogelvrije vesten hadden gedragen, omdat ze bang waren voor een aanslag door Vernon Harvey. Het was genoegzaam bekend dat Vernon als oorlogsveteraan minstens drie vuurwapens bezat.

Ze hebben nog een tweede dochter, Lizabeth. Maar eigenlijk zijn Elizabeth en Vernon ook haar kwijt. Lizabeth verbrak het contact met haar ouders uit verdriet en frustratie over het feit dat haar vader en moeder volledig in beslag werden genomen door de nasleep van de moord op haar zus. Voor een tweede kind was er eigenlijk geen plaats meer in het gezin.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden