Column

Ik kan in het 'klootjesvolk' geen vijanden of fascisten zien

Demonstranten van Pegida voeren actie in Amsterdam tegen de islamisering van Europa. Beeld anp
Demonstranten van Pegida voeren actie in Amsterdam tegen de islamisering van Europa.Beeld anp

'Nee, niet de kleyne luyden, maar de leden van de elite zijn het monster,' schreef Kiza Magendane een paar dagen geleden in deze krant. 'De Mark Ruttes en de Paul Scheffers van deze wereld... Ik wil opkomen voor de 'tokkies'. Voor 'Henk en Ingrid'.' Afgaande op de reacties raakte hij een gevoelige snaar met zijn aanval op het moderne 'verraad der klerken'.

Ger Groot

Onwillekeurig denk ik terug aan de jaren zeventig, steevast aangewezen als de bron van het huidige kwaad. Dat is sterk overdreven - ook heel veel van het goede van vandaag vindt daar zijn oorsprong - maar onschuldig waren die jaren niet. In spraakmakende kringen heerste een (al dan niet kritische) communistische oriëntatie, die het proletariaat hoog in het vaandel had. Ik herinner mij een college literatuurwetenschap waarin plots de 'strijdcultuur' werd ontdekt: een literair gebeuren dat zich in obscure toneelzaaltjes afspeelde en volgens begeesterde studenten het wezen van de arbeidersziel weergaf.

Nu had ik wel eens een arbeidersziel gezien en die was in die zaaltjes nooit te vinden, noch had zij met de geest daarvan veel van doen. Ze keek 's avonds gewoonlijk naar de TROS-televisie - wat in die tijd nog gold als het ergste van het ergste. De proletarische solidariteit was dus grotendeels een luchtspiegeling: zo illusoir dat het 'politiek correcte' deel van de natie haar aan het eind van de jaren zeventig als een baksteen liet vallen.

Idool
Over het proletariaat praat intussen niemand meer. Of liever: niet meer in termen die aan dat oude idool herinneren. Als die klasse nu ter sprake komt, dan gebeurt dat meestal met achterdocht, of erger: als het diep problematisch geworden recruteringsveld van extreem-rechts. Het heeft er alle schijn van dat wij, burgerlijke intellectuelen, eindelijk de 'hässliche Prolet' hebben herontdekt. Soms lijkt er zelfs een beetje opluchting mee te klinken, eindelijk te zijn bevrijd uit de onwaarschijnlijke alliantie waartoe we onszelf zo lang hadden verplicht.

De Nederlandse bovenlaag mag de ogen niet sluiten voor de zorgen van de onderklasse, stelde Kiza Magendane onlangs in Trouw.

Ik denk niet dat deze idool veel realistischer is dan de vorige. Niet dat ik de dingen niet hoor die ik en u liever niet zouden horen. Maar ik kan in dit 'klootjesvolk' geen vijanden en ook geen fascisten zien. Misschien omdat ze me in zeker opzicht na staan en ik wel begrijp wat hen beweegt, ook al vind ik het (juist door die nabijheid) vaak pijnlijk genoeg.

Als u wilt weten wat mijn bekommernis is, dan is dat dus een bekommernis met de niet-correcten. Dat is geen politiek engagement, afgezien van mijn overtuiging dat ook hun politieke rechten zoveel mogelijk verdienen te worden geëerbiedigd. Het is een wil om te begrijpen wat er gaande is, zonder de vraag naar de waarheid van wat over de tong gaat op te schorten. Zin en onzin doen er wel degelijk toe. Daarover zou een redelijk gesprek mogelijk moeten zijn waarin het argument niet bij voorbaat wordt afgetroefd door de emotie.

Uit de oude doos
Nu wordt het tijd voor een bekentenis. Wat u, op de eerste alinea na, tot nu toe gelezen hebt, is niet nieuw. Ik droeg die bekentenis ooit voor in het Amsterdamse debatcentrum De Balie. Kort daarop verscheen ze in het filosofische tijdschrift Krisis, in het hol van de intellectuele, politiek-correcte leeuw dus. Dat was bijna twintig jaar geleden, in 1997. Paul Scheffer moest zijn baanbrekende essay over 'Het multiculturele drama' nog schrijven, Pim Fortuyn was een obscure columnist in Elsevier en Geert Wilders een beginnend VVD-gemeenteraadslid in Utrecht.

Waarom put ik uit de oude doos? Niet alleen om de suggestie van collega Ephimenco te corrigeren dat ik bij een eerdere klaagzang over verruwing van de openbare zeden vooral aan 'tokkies' gedacht zou hebben. Noch om Magendane erop te wijzen dat er een wereld van verschil zit tussen de 'kleine luyden' die hij verdedigt en het lompenproletariaat dat, genoemd naar een asociale familie, dankzij de Ikon-TV kortstondig populair kon worden. En al helemaal niet om twee decennia na dato alsnog mijn gelijk op te eisen.

Maar wel om te onderstrepen hoe hardnekkig het probleem is waarmee de implosie van de sociaaldemocratie (èn de christendemocratie) ons heeft opgezadeld. Hoog en laag, intellect en Volksempfinden lijken soms alleen nog maar aan de uitersten van het politieke spectrum de handen ineen te kunnen slaan. In de meer gematigde partijen zijn ze elkaar al lang kwijtgeraakt. Wat in de VS de 'culture wars' heet, dreigt zo ook in Europa een catastrofe te worden voor de gematigde progressiviteit waarvan de toekomst het hebben moet. Dat is een zorgelijke gedachte.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden