'Ik hou van Afrika, maar ik hou nog meer van mijn veiligheid'

Oumar Berete (53) kreeg onlangs een verblijfsvergunning, werd herenigd met zijn zoon en dochter en heeft nu ook een eigen huis in Den Bosch.

Op 15 december 2014 om 16.50 - Oumar weet het nog precies - landde op Schiphol het vliegtuig dat zijn kinderen bracht. Oumar Berete (53) woonde net twee maanden in zijn nieuwe huis in Den Bosch. "Die nacht sliep ik tussen ze in. Telkens als ik wakker schoot, voelde ik met mijn linkerhand - ja, daar lag Ibrahim. Met mijn rechterhand - Aissa. En dan huilde ik."

Het was nog een hele toer om ze uit Guinee weg te krijgen. Aissa (16) woonde bij een tante in zijn geboortedorp, Ibrahim (13) bij Oumars ex en haar nieuwe man honderden kilometers verder. Ze moesten geboortewijzen regelen en naar de Nederlandse ambassade in Senegal voor een DNA-test. Bij de grens werden ze tegengehouden: angst voor ebola. Rechtsomkeert dan maar, naar het consulaat in Mali. Vanuit Den Bosch moest Oumar de hele operatie zien aan te sturen.

Hij schuift twee fruitschalen propvol appels en bananen naar zijn gast. "Eet", beveelt hij. In de keuken bereidt hij een maaltijd, of de gast nu wil of niet. Slappe, zouteloze frietjes. Maar wel opgediend op zíjn eettafel, in zíjn huiskamer. Eindelijk is hij de gastheer, na jaren van de liefdadigheid van anderen te hebben geleefd.

Brede lach: "Blijft u ook slapen?"

Hij zet de tv aan voor wat sfeer. CNN. Weerberichten. Gezellig. Haalt dan een Koran vol vlekken en krassen tevoorschijn. "Toen ik wegging, zei ik tegen mijn dochter: 'Ik weet niet of ik zal leven of sterven. Dit is onze familiekoran, ik heb hem van mijn vader gekregen. Bewaar hem goed'."

Inmiddels is Oumar geen moslim meer. Toen hij tweeënhalf jaar geleden in de voormalige Vluchtkerk in Amsterdam woonde - een gekraakt kerkgebouw voor uitgeprocedeerde asielzoekers - liet hij zich tot het christendom bekeren door twee jonge protestantse vrouwen uit de Noorderkerk. Hij, zoon van een dorpsimam en hadj uit Opper-Guinee, voorbestemd om in zijn vaders voetsporen te treden, zong nu zondag aan zondag psalmen in oude berijming.

Oumar drong zijn nieuwe geloof niet op aan zijn kinderen. "Maar zij zeiden: 'Wij gaan niet naar links terwijl jij naar rechts gaat. We volgen dezelfde weg'."

Ibrahim stormt de huiskamer binnen. In sporttenue, blakend van de energie. Hij zit in de C1 van BVV Den Bosch en doet niets anders dan voetballen. Op de tv-kast staan al een paar medailles. Oumar: "Mijn zoon, hij wordt een prof. Een hele grote voetballer, zoals Ronaldino. Daar ben ik van overtuigd."

Liefde voor sport heeft Ibrahim niet van een vreemde. 's Middags, na de Nederlandse les, kleedt Oumar zich in zijn joggingpak voor zijn dagelijkse rondjes om de Oosterplas, een paar straten verderop.

Precies zo rende Oumar over de Groningse vlakten, toen hij nog in het azc van Musselkanaal verbleef. Kilometer na kilometer. En in Amsterdam sloop hij 's ochtends, hartje winter, de Vluchtkerk uit om in het Erasmuspark zijn zorgen weg te rennen, terwijl de rest nog sliep.

Oumar rent. Zo overleeft hij.

In Monrovia, Liberia, had hij een goed leven als schilder. Tot rebellen op een dag de stad bestormden en de huizen langs gingen. Iedereen van zijn stam, de malinke, joegen ze over de kling. Oumar rende van de ene kant van de stad naar de andere. En ontsnapte.

Twintig jaar later, in Conakry, Guinee, had hij een nieuw bestaan opgebouwd als eigenaar van een afgedankte Amerikaanse schoolbus. Op een dag in 2011 deden de remmen het niet. De bus ramde een woonhuis en doodde zeven mensen. Familieleden van de slachtoffers zetten de bus in brand en wilde met hem minstens hetzelfde doen.

Hij rende voor zijn leven. Zelfs de gevangenis waarin hij zat bestormden ze. Geholpen door een bevriende agent vluchtte hij naar Mali, daarna naar Benin, overal meende hij wraakzuchtige clangenoten op te zien duiken. In de lente van 2012 had hij er genoeg van. Hij zegt: "Ik hou van Afrika. Ik hou nog meer van mijn veiligheid."

Hij liet zich onderin een ruim van een containerschip smokkelen, zonder licht of wc. Hij leefde op tien liter water en cassavekoeken. Met knipperende ogen en kapotte darmen stond hij twintig dagen later op een kade in Rotterdam.

En nu heeft hij eindelijk een verblijfsvergunning. Die kreeg hij bijna anderhalf jaar geleden na een nieuwe asielaanvraag. Hij moest een half jaar wachten op een huis, in een azc in Heerlen. "Ik heb er alles aan gedaan om een huis in Amsterdam te krijgen", zegt hij. Daar heeft hij zijn vrienden, daar voelt hij zich thuis. Het werd Den Bosch.

Al gaat hij er zondags naar de hervormde kerk, hij voelt zich nog steeds een vreemde in Noord-Brabant. Vaak treint hij zondags naar de hoofdstad, naar de Noorderkerk. Daar voelt het 'als familie'.

Over zijn toekomst is Oumar vaag. "Ik wil mijn talenten delen met iedereen", zegt hij. Oké, maar hoe? "Ik wil iets belangrijks zijn."

Ja, maar wát dan? "Daar moet ik nog goed over nadenken."

Oumars taaldocente Bernadette Wubben (64) ziet het somber in. Ze vindt hem een 'schat', een 'echte charmeur', en ook 'sterk', maar met zijn studie maakt hij nauwelijks vorderingen, zegt ze. "Zijn abstractievermogen is beperkt, hij kan niet ordenen. De inburgeringcursus zal hem héél veel moeite kosten. En daarna? Nederlanders boven de vijftig komen al nauwelijks aan een baan, laat staan Oumar. Met een sociale werkplaats mag hij nog van geluk spreken."

Het vaderschap valt hem zwaar, zegt ze. "De ene dag is hij heel vrolijk, de andere mat en afwezig. Hij vertelde eens dat hij niet kan slapen omdat zijn dochter de hele tijd maar bezig is met haar telefoon. Vergis je niet, het zijn pittige kinderen. Totaal ontworteld."

In Nieuwe Nederlanders portretteert Trouw mensen die een verblijfsstatus hebben gekregen. Hoe ontwikkelt hun leven zich na dat moment? Vandaag deel 2: Oumar Berete.

Nieuwe Nederlanders

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden