'Ik heb toevallig deze passie'

Waarom zou iemand 'helemaal' naar Dordrecht reizen om een galerietje te bezoeken? Victor Deconinck, tv-presentator, mediatrainer en galeriehouder, kocht het pand van de achterbuurman, het uit 1735 daterende West-Indisch Huis, om zijn galerie meer allure te geven. Met de restauratie van het monumentale herenhuis ging ook een jongensdroom in vervulling.

Henny de Lange

In een hoek van de kolossale zolder van het West-Indisch Huis heeft Victor Deconinck de 'schatten' opgeborgen die hij uit de afvalcontainer van de aannemer heeft gevist. ,,De bouwer werd soms gek van me. Wat moet je met die troep, riep hij dan. Maar ik kan er gewoon geen afstand van doen. Als ik dit zie, gaat er iets bij me trillen.'' Hij pakt een plank van een stapel hout. ,,Kijk, uit 1700, er zitten zelfs nog gesmede spijkers in. Dat is toch schitterend, dat gooi je toch niet weg. Misschien kan ik het ooit nog ergens voor gebruiken.''

Deconinck, pedagoog van huis uit, begon zijn carrière ooit in het onderwijs, wat hij al gauw combineerde met het schrijven van 'stukjes' voor kranten. Daarna lokte de televisie en tegenwoordig voorziet Deconinck in zijn onderhoud met het presenteren van het actualiteitenprogramma '2Vandaag', het leiden van congressen en verzorgen van mediatrainingen. Sinds een aantal jaren houdt hij er met zijn echtgenote ook een galerie op na. En dan heeft hij nu tussen alle bedrijven door ook nog een monumentaal pand in oude luister hersteld.

,,Iedereen vraagt zich natuurlijk af: hoe doet-ie dat allemaal en wáár doet-ie het van. Nou, ik heb me de laatste jaren helemaal de klere gewerkt. Het is ook heel goed gegaan met m'n werk. Het geld dat ik daarmee heb verdiend, is in dit pand verdwenen. Anderen rijden in dure auto's, ik heb toevallig deze passie. Op vrijdagavond ga ik met mijn zonen wel eens een biertje drinken, maar dan heb je 't ook wel gehad met mijn uitspattingen.''

Zijn vader, beeldend kunstenaar, leerde hem genieten van monumentale steden. ,,Tot veertien jaar geleden woonden we in Rotterdam. We hebben lang gezocht naar een mooi oud huis in Leiden, Delft of Dordrecht. Delft was te duur, Leiden te ver weg. Bij Dordrecht was het liefde op het eerste gezicht. Op een druilerige ochtend langs de Dordtse havens lopen, dat is zó fantastisch.''

Deconinck woont in een monumentaal huis aan de Kuipershaven, de mooiste haven van Dordrecht, dichtbij het Groothoofd, waar Noord, Oude Maas en Merwede samenvloeien. Op de benedenverdieping is de galerie gevestigd, de Compagnie, die nu dankzij de aankoop van het pand van de achterbuurman doorloopt tot aan de Wijnstraat. In het monumentale pand, dat bekendstaat als het West-Indisch Huis, zat sinds 1950 een drukkerij, die alle waardevolle onderdelen eruit had gesloopt dan wel verborgen achter schrootjes en gipsplaten. Op de zolder vond Deconinck stukken lambrisering en een aantal originele deuren terug.

Over de geschiedenis van het pand aan de Wijnstraat 87 is veel bekend. In de zeventiende eeuw stonden op deze plaats drie huizen: de Hoorn, de Cull en het Ossenhoofd. Aardig detail: in de Cull woonde in de zestiende eeuw de koopman en watergeus Coninck. Het stadsbestuur kocht de panden in 1623 voor de opslag van handelswaar van de in 1621 opgerichte West-Indische Compagnie. In 1645 werd de schilder Aert de Gelder er geboren, een leerling van Rembrandt. Toen het de Compagnie minder voor de wind ging, kwam er een suikerraffinaderij in. In 1735 gingen de drie huizen tegen de vlakte en werd het huidige herenhuis gebouwd. In de fries boven de voordeur is nog steeds een suikerbrood te zien, het beeldmerk van de West-Indische Compagnie.

Toen de drukkerij wegging, was dat voor Deconinck de kans om een aantal wensen in één keer te vervullen. ,,We wilden de galerie uitbreiden en meer bekendheid geven. Ook zocht ik ruimte voor het geven van mediatrainingen en ontvangsten.'' Voor 8 ton kocht hij het pand, op dat moment nog onwetend van alle geheimen die het verborgen hield. ,,Ik wist absoluut niet waar ik aan begon en wat het zou worden. Al gravend en afpellend ontdekten we zoveel originele dingen, dat ik besloot het huis zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat terug te brengen.''

Wat er niet meer was, werd nagemaakt aan de hand van foto's en tekeningen uit archieven. Daarmee verspeelde Deconinck wel een deel van de subsidie van de Rijksdienst voor monumentenzorg, die van mening is dat je niet moet vervangen wat er niet meer is. ,,In het pand zat een verschrikkelijke haard uit 1900. Monumentenzorg vond dat ik dat ding moest laten zitten, omdat het deel uitmaakt van de geschiedenis van het pand. Maar daarvoor heb ik niet gekozen. Ik wilde er tot in alle details weer een vroeg-achttiende-eeuwse pand van maken.'' Daarom zit er op de wanden peperdure opgespannen zijde uit Italië. ,,Eigenlijk onbetaalbaar, maar je kunt er ook niet van dat enge treviraspul op plakken.''

Op de verlichting heeft hij wel bezuinigd. Z'n architect Andries Lugten wilde Venetiaanse kroonluchters. ,,Die gingen m'n budget echt te boven.'' De kroonluchters die er nu hangen, komen uit Turkije. Ze passen in de stijl van het huis, maar daarmee is volgens Lugten ook alles gezegd.

De restauratie is op enkele details na voltooid. De eerste en tweede verdieping heeft Deconinck verhuurd als kantoorruimte. De stijlkamers op de begane grond gebruikt hij voor mediatrainingen en ontvangsten. ,,Maar het wordt beslist geen partycentrum.'' De tuin, door de drukkerij volgebouwd, is weer 'opengegooid' en overkapt met glas, wat een sublieme expositieruimte oplevert, direct aansluitend op de galerie. De restauratie kostte hem 2,2 miljoen, waarvan hij 419 000 gulden kon lenen uit het Nationaal Restauratiefonds.''

Vanaf de bovenste etage kan Deconinck zijn hele domein overzien. ,,Voor sommigen lijk ik misschien een vastgoedmagnaat, maar ik ben het niet. Want dan begin je niet aan zo'n kostbare restauratie. Als ik het alleen voor 't geld doe, had ik dát huis erbij moeten nemen.'' Hij wijst naar een aangrenzend pand. ,,Ik kon het kopen, maar wat moet ik ermee. Achteraf kun je zeggen: stom, want die panden aan de haven doen het erg goed op de markt. Maar uiteindelijk wint toch de passie voor monumenten en kunst het van het pure gewin. En zo ben ik weer terug bij mijn vader die mijn jeugd heeft gedomineerd met dezelfde passie.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden