'Ik heb mezelf willen bewijzen'

tien geboden | interview | Ji¿í Kylián (Praag, 1947) is choreograaf. Hij creëerde 74 balletten voor het Nederlands Dans Theater. Tijdens de openingsavond van het 'Celebrating Kylián!'-festival dat ter ere van zijn 70ste verjaardag wordt georganiseerd, werd hij benoemd tot ereburger van Den Haag.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben


"Ik ben in katholiek Tsjechië geboren, maar een jaar later grepen de communisten de macht en was het aanhangen van een religie niet per se verboden maar wel ongewenst. Mensen die religieuze aanvechtingen hadden - zoals mijn vader - probeerden die te verbergen. Hij ging stiekem naar de kerk, vooral als hij in de problemen zat. Toen mijn twee jaar oudere broer een vreselijk verkeersongeluk had gehad, smeekte mijn vader God dag en nacht, non stop, zijn zoon te sparen. Hij was diepgelovig, maar wist dat het niet in ons voordeel zou werken om zijn kinderen religieus op te voeden. Op school kreeg ik nog een staartje godsdienstles mee, maar al snel werd religie een 'bourgeois overblijfsel' genoemd, iets wat uitgeroeid moest worden.


De vraag of God bestaat is belangrijk, spiritueel en filosofisch, maar eigenlijk moet je hem mij niet stellen. Ik ben een choreograaf. Mijn vage antwoord is: God móet wel bestaan, al was het maar omdat miljarden mensen in Hem geloven. Er zit een sprankje God in ieder mens. Maar hoe? En wat? Was ik maar wiskundige, dan zou ik misschien nog met een aardige definitie op de proppen kunnen komen of een formule vinden die deze ongelooflijke chaos enigszins verklaart. Enigszins, want er zijn maar weinig echte oplossingen in dit leven. Het enige wat we kunnen proberen is onze vragen preciezer te formuleren."


IIGij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is


"Ooit had ik een opmerkelijke ervaring in een kamer die vol stond met beelden van Giacometti (Alberto Giacometti, Zwitserse beeldhouwer en schilder, 1901 - 1966, AV). Tussen die beelden lopen had een sterk metafysisch effect: daar ging ik, een soort levend beeld, temidden van dode beelden die door een ander levend beeld waren gemaakt... poeh, kunst, nog zo'n onderwerp waarover ik moeilijk iets zinnigs kan zeggen. Zal ik je een mop vertellen? Daar zijn wij, Tsjechen, dol op. We komen uit een klein land, platgedrukt door grote mogendheden. Humor is voor ons een manier geweest om te ontsnappen aan de werkelijkheid, precies zoals ik nu doe aan jouw lastige vragen."


III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken


"Er was eens een man, een uitstekend leraar die duizenden kinderen had onderwezen, lief was geweest voor zijn vrouw, God had aanbeden, nooit een gesneden beeld had gemaakt, afijn: iemand die zich keurig aan alle geboden had gehouden. Op een dag werd hij ernstig ziek, maar het deerde hem niet; hij verheugde zich op het heerlijke eeuwige leven. De volgende ochtend werd hij wakker in de hemel. Het ontbijt werd geserveerd. Yoghurt. Enigszins verbaasd keek hij naar beneden en zag hoe daar, in de hel, van een copieuze maaltijd met gebakken eieren en gebraden worstjes werd genoten. Nou ja, besloot hij, het kan alleen maar beter worden, maar toen het lunchtijd was, kreeg hij voor een tweede keer een bordje yoghurt voorgezet. In de hel, zag hij, werd wéér kostelijk gegeten. Hier is iets niet in orde, dacht de vrome man. Hij riep God, wees naar zijn bord en zei: 'Excuseer, Heer, maar is dit alles? Zou ik niet iets lekkerders te eten kunnen krijgen?' Waarop God antwoordde: 'Zeg, je denkt toch niet dat ik voor ons tweeën een hele dag in de keuken ga staan?'"


IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen


"Tijdens de vierendertig jaar die ik bij het Nederlands Danstheater heb doorgebracht moest ik op afgesproken tijdstippen geïnspireerd zijn - je hebt geen idee hoe vermoeiend dat is. Een schrijver kan overal de tijd voor nemen, zijn werk nog eens kritisch bekijken en desnoods opnieuw beginnen. Als choreograaf werd ik, terwijl ik bezig was, door iedereen in de gaten gehouden. Ik moest de dansers overtuigen van mijn bedoelingen, op dát moment een creatie neerzetten. Daarna was ik vrij. Die tijd ligt gelukkig achter mij. Ik heb nu de luxe om te werken als ik zin heb en te stoppen als ik moe ben. Het enige waarin ik mezelf moet trainen is discipline. Niet lanterfanten, zorgvuldig met mijn tijd omgaan. De hoeveelheid die me rest, wordt namelijk almaar kleiner."


V Eer uw vader en uw moeder


"Mijn vader werd geboren in een arme familie in het zuiden van mijn vaderland. Hij deed al het mogelijke om een belangrijk persoon in de financiële wereld te worden. Toen hij eindelijk directeur van de Sparkasse werd, namen de communisten de boel over, devalueerde de waarde van geld en ging hij net zoveel verdienen als de mevrouw die 's avonds het bankgebouw kwam schoonmaken.


We woonden onder heel eenvoudige omstandigheden in het centrum van Praag. Vijf mensen in twee kamers. Mijn grootmoeder woonde in de gang. We moesten het buitentoilet delen met de buren. Mijn vader was gefrustreerd, zeker, het enige wat hij nog overhad was een erg sarcastisch gevoel voor humor. Tussen mijn ouders ging het ook steeds minder goed. Na een redelijke start en de geboorte van hun twee kinderen, groeiden ze volledig uit elkaar. Mijn vader ging mijn moeder zoveel mogelijk uit de weg. Als er in die tijd woonruimte beschikbaar zou zijn geweest, was hij nooit meer thuis gekomen. Ik kreeg de kans niet om... nee, laatst heb ik mijn broer geschreven dat ik onvoldoende heb geprobeerd om mijn vader te begrijpen. Toen ik jong was, zag ik hem letterlijk nooit. Hij vertrok als ik nog lag te slapen en kwam terug als ik al weer in bed lag.


Op mijn twintigste verliet ik Tsjechië en ik was ervan overtuigd dat ik mijn familie niet meer terug zou zien. Dat gebeurde toch, het was dus wel degelijk mogelijk geweest om tijd met mijn vader door te brengen, maar toen ik hem in 1983 met mijn opnameapparaatje opzocht, luisterde ik vooral naar zijn verhalen en ging het gesprek tussen vader en zoon alsnog uit de weg. We konden elkaar niet bereiken. Niet echt. Als ik het bandje nu afluister, hoor ik weer een man praten voor wie het leven één nare grap is geweest. Heel verdrietig.


Kort na mijn bezoek vertrok mijn vader naar een sanatorium in Slowakije om een beetje bij te komen van de astma-aanvallen waarvan hij steeds vaker last begon te krijgen. Na een dag hield hij het daar al niet meer uit en nam de trein naar huis. Hij wandelde van het station naar het park, ging op een bankje zitten, kreeg een vreselijke hoestbui en stierf. In zijn jaszak vonden ze een briefje: 'Cremeer mij eerst. Zeg het daarna tegen mijn vrouw.' Toen mijn moeder op de hoogte werd gebracht, flikte ze mij in zekere zin hetzelfde. Het was mijn grootmoeder die het me tijdens een telefoongesprek, min of meer terloops, vertelde: 'O ja, en je hebt geen vader meer. Hij is tien dagen geleden dood gegaan.' Mijn moeder zei later dat ze me niet had willen storen omdat ik bezig was met een première. Ze begreep niet waarom ik zo boos werd.


Mijn moeder... God, wat moet ik je over haar vertellen? Ik zal eerst een fotootje laten zien. Kijk, hier is ze. En zie je wat daar in het hoekje staat? Scheveningen, 1937. Tien jaar voor ik werd geboren is ze hier, een paar kilometer verwijderd van de plek waar wij nu zitten, al eens geweest. Voor een optreden in het Kurhaus. Mijn moeder was op haar tiende al een ster. Ze vierde grote successen als danseres, haar artiestennaam was Rita Rita. Ze begreep mij goed, wist wat ik probeerde te doen maar had tegelijkertijd kritiek op elke danspas die ik maakte. Ze kon verschrikkelijk bot zijn. 'Als iemand daar behoefte aan heeft,' zei ze, 'zal ik altijd zeggen waar het op staat. En als hij er geen behoefte aan heeft, doe ik het ook.' Ze was heel geliefd en zeer gehaat. Ook door mij. Ze slalomde door het leven en ging dieper liggende gevoelens uit de weg. Misschien is ze daarom wel zo oud geworden. Ze is vorig jaar december op 104-jarige leeftijd overleden.


Ik herinner me dat ik haar op een dag - ze was al over de honderd - uitnodigde voor een lunch op het oude stadsplein van Praag. Ik zat haar zo'n beetje te observeren, toen ze ineens vroeg: 'Wat zit je nou stom naar me te kijken?' 'Nou,' zei ik, 'ik zat eraan te denken dat ik je vandaag misschien wel voor de laatste keer zie.' Waarop zij antwoordde: 'Hoezo? Ben je soms bang dat je binnenkort dood zult gaan?'"


VI Gij zult niet doodslaan


"Toen de Russen kwamen, heb ik met mijn vrienden nog geprobeerd ze te bevechten. Bespottelijk romantisch. Pathetisch. Ik had ook een schietschijf ter hoogte van mijn hart opgespeld, zo van: daar kun je me raken. Er was natuurlijk een gigantische overmacht. De tanks rolden door de straten, elke minuut hoorden we een gevechtsvliegtuig landen. Volwassenen trokken ons bij die soldaten weg. Hou maar op. Dit heeft geen zin. Een paar dagen later ging ik terug naar London waar ik een jaar eerder met een beurs op de Royal Ballet School was aangenomen. Het was geen vlucht. Ik móest gewoon dansen en dat kon niet in mijn eigen land.


Een half jaar na mijn vertrek stak de student Jan Palach zichzelf uit protest tegen de bezetting van ons land in brand. Het is geen goede vergelijking natuurlijk, maar ik heb wel eens gedacht: ik zou willen dat ik de kracht had gehad om zo'n sterk, politiek statement te maken. Jan Palach heeft zichzelf geofferd, zijn dood heeft processen in gang gezet. Voor zo'n daad kan ik alleen maar bewondering hebben."


VII Gij zult niet echtbreken


"Sabine (Kupferberg, danseres, muze en levenspartner van Kylián, AV) is nu vijfenzestig. We hebben elkaar ontmoet toen zij twintig was, ik heb alle metamorfoses in haar leven meegemaakt. Het is prachtig om terug te blikken, maar ik kijk net zo lief vooruit, benieuwd naar wat er allemaal nog komen gaat. Sabine is mijn leven. Natuurlijk zijn er wel eens verleidingen geweest - ik geloof ook niet dat we gemaakt zijn met de bedoeling om al onze tijd met één persoon door te brengen - en toch... ik weet dat dit zakelijk gaat klinken, maar ik kan er even geen andere woorden voor bedenken: een relatie is een emotionele, intellectuele investering. Waarom zou ik daarmee woekeren? Misschien, bedenk ik nu, is het zelfs een spirituele investering want ook als je niet bidt tot een God, zul je moeten erkennen dat er een niet te verklaren lijm bestaat die ons, mensen, een leven lang bij elkaar weet te houden."


VIII Gij zult niet stelen


"Maar stel je nou eens voor dat iemand informatie steelt waaruit blijkt dat anderen véél grotere dieven zijn? Julian Assange van WikiLeaks en klokkenluider Edward Snowden hebben aan het licht gebracht dat wij, het volk, bestolen worden. Is dat strafbaar? Ik weet het niet. En: als de baas steelt, waarom zou ik het dan niet mogen doen?"


IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste


"Ja! Eindelijk een gebod waarvoor ik met mijn bloed zou willen tekenen. Het is immoreel om iemand in een kwaad daglicht te stellen, in diskrediet te brengen. Ik zou niet kunnen leven met de wetenschap dat ik een ander zoiets vreselijks heb aangedaan."


X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is


"Er is veel competitie in de danswereld. Je wilt hoger springen, vaker rond kunnen draaien dan de danser naast je. Gelukkig werd mij al snel duidelijk dat ik niet het fysiek had waarmee ik ver zou kunnen komen; ik kon mijn dromen en gedachten veel beter middels andere lichamen naar buiten brengen. Choreografie is minder competitief. Het is een individuele boodschap, iets wat jij er uit moet gooien. De strijd met andere choreografen wordt vooral door de buitenwereld gezien - al moet ik eerlijk zeggen dat ik ongelooflijk jaloers ben op de collega die een meesterwerk aflevert. Als iemand met een oppervlakkig stuk succes heeft, doet me dat helemaal niets. Ik heb mezelf willen bewijzen, maar toen ik dat eenmaal had gedaan, was het niet nodig om dat keer op keer te blijven doen... er schiet me, in dit verband, nog een anekdote over mijn vader te binnen.


In 1980 kwam hij naar Nederland om de première bij te wonen van 'Soldatenmis', een dans op de muziek van Bohuslav Martin¿, een componist die ook uit Tsjechië was gevlucht. Hij had eerst de generale repetitie in het Circustheater bijgewoond. Die was behoorlijk slecht, maar dat was niet erg: des te beter zou de première zijn. Ik nam mijn vader mee naar het strand... ja, nu je het zegt: hetzelfde strand waar mijn moeder in 1937 heeft geposeerd. Het was de eerste keer dat hij de zee zag. Ik merkte aan alles dat mijn vader trots op me was. Daar waren geen woorden voor nodig.


We hadden een fles champagne meegenomen. De drank, de branding; alles bruiste. Daar zaten we, naast elkaar in het zand. We werden dronken. En we waren gelukkig."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden