'Ik heb mezelf geleerd niet bang te zijn.'

Anne Kremers, directeur van Villa Mondriaan, is de jongste museumbaas van Nederland. Ze heeft besloten daar niet van wakker te liggen.

Les 1

Vertrek als dat beter is

"Boven aan de trap rechts is mijn lievelingskamer: een vierkante ruimte met uitzicht op de Zonnebrink. Ik stel me voor dat de jonge Piet Mondriaan hier sliep toen hij als tiener in deze villa in Winterswijk woonde. Hij leerde er schilderen van zijn oom Frits: de kerktoren die je vanuit de achtertuin ziet, met de boom die we hebben herplant, idyllische bosgezichten.

Ik ben graag in deze kamer door de foto's die er hangen, gemaakt door zijn vrienden. Je ziet hem als gevierd kunstenaar, drinkend in gezelschap in Parijs. Op een groepsportret met andere, voor de oorlog gevluchte collega's in New York - Matisse, Zadkine, Breton. Mondriaan kijkt vaak serieus, waardoor mensen denken dat hij een eenzame, stille man was. Maar het Gemeentemuseum in Den Haag kon een kwartetspel vullen met zijn vrouwen. Hij hield van dansen en wilde in New York een nachtclub beginnen, betoverd als hij was door de boogie woogie. Op de foto's van zijn laatste atelier, gemaakt na zijn overlijden in 1944, zie je muren vol primair gekleurde vormen. Hij bleef ermee schuiven, op zoek naar balans.

Dat ik uren naar deze foto's kan kijken, komt doordat ze laten zien waartoe zijn leven vanuit deze slaapkamer zou leiden. Dat vind ik een mooie gedachte.

Ik ben in Lichtenvoorde geboren en wilde op mijn achttiende weg uit de Achterhoek. Naar Rotterdam, cultuurwetenschappen en kunstgeschiedenis studeren. Ik ben een beetje gevlucht. Hier had ik geleerd dat je beter je ideeën voor je kunt houden, maar van nature ben ik direct, misschien wat brutaal. Waarom moet je je mening inslikken en mag je niet praten over ambities? Dat wil niet zeggen dat je opschept."

Les 2

Durf terug te keren

"Ik ben alweer terug. Sneller dan gedacht, want andere jongeren die weggaan wachten daar tien jaar langer mee: tot ze een gezin en werkervaring hebben. Maar ik kreeg de kans om dit museum te helpen opbouwen en zei meteen ja, omdat je in deze streek altijd een uur moest rijden voor een tentoonstelling.

Een verdieping hoger, op zolder, heb ik als stagiaire een half jaar gewoond. Toen ik september vorig jaar directeur werd van Villa Mondriaan - na een officiële sollicitatie - zocht ik een andere woning. Om zelf geen museumobject te worden. Maar in deze villa voel ik me thuis.

's Ochtends zit ik niet meer in een volle tram waarin je alleen muziek uit oordopjes hoort. Hier loop ik over straat en zegt iedereen goeiedag. Ze weten dat ik de directeur ben. Dat is niet zo bijzonder, want iedereen kent elkaar.

Ik werk hard, doe samen met twee stagiairs en 75 onmisbare vrijwilligers alles zelf, maar soms blijft 's avonds tijd over om te gaan paardrijden, net zoals vroeger. Dan heb ik van begin tot eind een geweldige dag gehad.

Een van mijn favoriete schilderijen in ons museum maakte Mondriaan in 1899 van een bos in 't Woold, een buurtschap vlakbij. Het is zijn eerste stap naar abstractie. Je ziet alleen stammen en wortels, geen boomtoppen en nauwelijks een pad. Verderop is wit licht dat tussen de bomen dichterbij wil komen. Het werk stopt niet. Die eindeloosheid herken ik van mijn ritten met Monsieur, een ruin die op de boerderij van de buren stond maar voor mij was. In galop over afgelegen paden, die spieren onder je voelen, tranen van de wind. Samen met een paard zie je sneller reeën, omdat die het wel vertrouwen.

De vrijheid die ik nu in de natuur vind, is inspirerend. En het is fijn om weer dicht bij familie te wonen, mijn twee broers en twee zussen. Mijn moeder zet een zak fruit achter de deur als ze vindt dat ik er moe uitzie. Ze kan weer voor haar jongste zorgen."

Les 3

Niet bang zijn

"Soms raak ik in het café leuk met iemand aan de praat en vraagt hij wat ik doe. Mu-se-um-di-rec-teur. Dan moet ik stiekem een beetje lachen. Vaak geloven ze het pas door mijn visitekaartje. En opeens verandert de sfeer, alsof ze even schrikken. Dat ongemak probeer ik uit te wissen door mezelf te zijn. Een vrouw van 25 die graag naar Zwarte Cross gaat. Ik ben niet anders dan mijn leeftijdgenoten. Wat ik doe, had iedereen kunnen doen met evenveel enthousiasme en energie.

Was ik verstandig geweest, dan had ik misschien nee gezegd tegen deze functie. Eerst mijn scriptie afmaken. Maar dan was ik nu mogelijk een werkloze afgestudeerde geweest. Mijn droom is directeur van een groot museum te worden. Deze kans kon ik niet laten lopen.

Ik neem mezelf voor om niet wakker te liggen van wat er mis kan gaan. Met de renovatie, zoveel werk in korte tijd. Of rond de opening van de eerste tentoonstelling onder mijn leiding, 'Mondriaan en zijn leermeesters'. Ik heb mezelf geleerd niet bang te zijn."

Les 4

Wees niet altijd jezelf

"Ik heb twee studies tegelijk gedaan en van de tweede deed ik twee jaar ineen. Dat klinkt ambitieus, streberig, en dat ben ik ook wel. Tegelijkertijd had ik continu de angst dat het zou mislukken. Totdat ik bedacht: als het niet lukt, vergaat de wereld niet. Dat was geen kwestie van een knop omzetten, ik heb er lang over nagedacht. Waarom zijn vooral zoveel vrouwen om me heen zo onzeker?

Ik kreeg ooit een belangrijk advies van mijn dramadocent - ik zat in een toneelgroep die zelf stukken schreef over puberproblemen. Toen ik bang was voor een tentamen Duits, zei hij: Anne, morgenochtend sta je op als iemand anders. Dan ben je een Duitser, en vul je dat tentamen zo in. Het hielp.

Die techniek, een rol aannemen, ben ik gaan toepassen in mijn studententijd: doe alsof je iemand anders bent. Dat werkte. Totdat het zo vaak was gelukt, dat ik besloot nergens bang voor te hoeven zijn.

Als directrice speel ik geen rol, dat zou een lang toneelstuk worden en het heeft geen zin om hier rond te lopen als 'de directeur'. Want veel vrijwilligers hebben mij meegemaakt als stagiaire en in de Achterhoek moet je sowieso niet naast je schoenen lopen. Ik maak ook net zo lief de trap schoon.

Maar als ik opzie tegen een belangrijk gesprek, over de verantwoording van de financiële cijfers bijvoorbeeld, stel ik me voor hoe iemand dat zou doen die precies weet hoe het moet. Het is alsof ik mezelf in een filmscène plaats. Uiteindelijk vind je daarin een deel van jezelf en wordt die rol steeds meer werkelijkheid. Als de jas van een ander die lekker zit.

Ik moet doelen halen: het museum op de kaart zetten, het educatieprogramma ontwikkelen, Duits publiek trekken. En ik voel die spanning ook. Maar het heeft geen zin om me erdoor te laten verlammen."

Les 5

Een vrouw moet leren bluffen

"Ik heb weinig ervaring en zie er jong uit, waardoor ik niet meteen serieus genomen word. Ik probeer mezelf te bewijzen door extra hard te werken. Nee, niet extra hard knikken naar mensen. Dat nooit. Ik laat niet over me heen lopen.

Aan de top zie je mannen die goed kunnen bluffen. Ze hebben de nodige kwaliteiten, maar weten daarnaast hoe ze zo'n positie moeten verwerven. Hoe ze zichzelf verkopen. Ook in de museumwereld is de directeur vaak een man en werken daaronder alleen maar vrouwen. Gelukkig verandert dat, je ziet steeds meer vrouwelijke museumdirecteuren. Maar waarom veel talentvolle vrouwen na hun studie inzakken, begrijp ik niet. Huppetee, ga d'r voor!

In een gesprek benadruk ik nooit dat ik iets niet eerder heb gedaan. Je kunt niet alles weten, maar je kunt wel overal achterkomen. Ik zoek het uit. En vraag wijze mensen om hulp, mijn leermeesters."

Les 6

Neem anderen serieus

"Wim van Krimpen, voormalig directeur van de Kunsthal, is mijn coach. Hij is 73 maar heeft de frisse ideeën van een 25-jarige. Hij zit nooit stil en verwondert zich over van alles. Om de paar weken hebben we lange gesprekken. Hij weet precies hoe je een museum in de markt zet, hoe je het publiek bereikt.

Wim wil dat ik me minder bezighoud met al die praktische zaken - de post, de boekhouding, een schilderij ophalen - en in het belang van het museum naar buiten treed. Heb je nou een afspraak gemaakt met die directeur? En hij vertelt me over zijn ervaringen met Neelie Kroes als bestuurslid van de Kunsthal.

Bij veel jongeren merk ik dat ze niet echt luisteren naar iemand die advies geeft. Ze doen er niks mee. Neem je gesprekspartner serieus, want je weet niet wie je tegenover je hebt. Als je doorvraagt, stuit je op verborgen schatten."

Les 7

De wereld is groter dan Winterswijk

"Rotterdam was geen vreemde stad voor me. Mijn ouders komen ervandaan en vanaf mijn vierde reed ik vaak op zaterdag met mijn vader mee. Even naar Rotterdam. Om 7 uur 's ochtends weg, liepen we ruim twee uur later over de markt bij Blaak. Hij had daar niks te halen, al kochten we soms een kleed of een gekke stoel. Een patatje bij Bram Ladage, langs het graf van oma, en naar huis. Dat deden we altijd samen.

Hij miste Rotterdam, denk ik. Nu zit ik hier in Winterswijk en mis ik Rotterdam ook een beetje. Dus wat doe ik als ik in het weekend in Rotterdam ben? Dan ga ik in m'n eentje naar de markt op Blaak. Niet om iets te kopen, maar voor al die verschillende mensen. De jongeren die ik in Winterswijk mis. Hoe Rotterdammers tegen elkaar praten, het is om in een scheur te liggen: hé pleuriswijf, kijk eens uit je doppen. Iedereen zegt lekker wat hij denkt, daar slikken ze niks in."

Anne Kremers

Anne Kremers (Lichtenvoorde, 1989) is de jongste museumdirecteur van Nederland. Na haar stage kon ze in september 2013 als directeur aan de slag in museum Villa Mondriaan, gevestigd in het voormalige woonhuis van Piet Mondriaan in Winterswijk. Tot en met 14 september is daar de eerste tentoonstelling onder haar leiding te zien: 'Mondriaan en zijn leermeesters'. Een expositie over de invloeden van vader Pieter Cornelis Senior, oom Frits Mondriaan en de kunstenaar Braet von Uberfeldt op het vroege, realistische werk van Mondriaan.

Kremers studeerde algemene cultuurwetenschappen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en kunstgeschiedenis aan de Universiteit Leiden. Ze was voorzitter van het Rotterdamsch Cultureel Studentenfestival, en werkte bij Theater Lantaren Venster aan de kassa en als assistent-projectleider bij museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden