'Ik heb meer gedaan dan een gemiddeld Kamerlid'

ADIEU DEN HAAG | interview | Ze zaten tijdens dit tweede kabinet-Rutte in het centrum van de macht. Toch vertrokken ze voortijdig van het Binnenhof. Hoe kijken politici terug? Aflevering 2: Peter Oskam, CDA.

Een van de eerste personen die Peter Oskam in 2012 feliciteren met zijn plek op de CDA-kandidatenlijst voor de Tweede Kamer, is Fred Teeven. De twee hebben in het verleden getuigen verhoord van de martelpraktijken van de geheime Afghaanse politie KhAD en de gifgasaanval in het Iraakse Halabja. In de avonduren speelden officier van justitie Teeven en rechter-commissaris Oskam in hun pensions in Afghanistan en Jordanië menig potje Kolonisten van Catan en klaverjas. "Wat leuk!", zegt Teeven door de telefoon, inmiddels staatssecretaris van veiligheid en justitie.

Hoe leuk Teeven de overstap van Oskam ook vindt, de CDA'er houdt het na drie jaar en drie maanden voor gezien in Den Haag. Hij wordt burgemeester van Capelle aan den IJssel, vlakbij Rotterdam. Het Kamerlidmaatschap beviel hem goed, vertelt hij een half jaar na zijn overstap, maar één baan stond nog hoger op zijn verlanglijst: het burgemeesterschap.

"Ik zal even het verhaal vertellen", begint Oskam (56). Bij zijn vertrek ontstond het beeld dat hij het Kamerlidmaatschap gebruikte als opstapje. In een interview met een regionale nieuwssite vertelde Oskam dat hem was aangeraden eerst politieke ervaring op te doen alvorens aan het burgemeesterschap te beginnen. Dat hij enkel en alleen met dat doel de Kamer in is gegaan, is volgens Oskam 'een vervelend misverstand'. "Ik vond het belangrijk om politieke ervaring op te doen, maar ik had die niet nodig als springplank."

Scheidsrechter

De CDA'er situeert het begin van zijn verhaal op de grasmat van de Galgenwaard. "In 2004, ik was toen 44, was ik naast rechter scheidsrechter in het betaald voetbal. Ik floot op een dag Utrecht-Heerenveen. Jan Franssen (toenmalig commissaris van de koningin van Zuid-Holland, red.) was er ook. Toen zei ik: 'Nou Jan, als ik vijftig ben, wil ik graag burgemeester worden'. 'Dan moet je wel lid worden van een politieke partij', zei hij."

Hoewel Oskam zich tot dan toe vrij afzijdig hield van politiek, wordt hij met overtuiging lid van het CDA. "Ik ben katholiek opgevoed en redelijk liberaal. Ik zit een beetje tussen CDA en VVD in."

De christen-democraten weten Oskam al snel te vinden. De Hagenaar heeft zich van agent in de Schilderswijk via avondstudies opgewerkt naar officier van justitie en daarna rechter. Hij komt in de 'klankbordgroep' van Sybrand Buma, op dat moment justitiewoordvoerder van de Tweede Kamerfractie. "Toen Buma vervolgens fractiesecretaris werd, zei hij: 'Oskam, als je burgemeester wilt worden, dan moet je de lokale politiek ingaan'."

Burgemeestersklasje

Oskam klopt aan bij het CDA in Rijswijk, maar valt in 2010 net buiten de boot bij de gemeenteraadsverkiezingen. Hij wordt fractie-assistent en netwerkt verder, onder andere via het burgemeestersklasje van de partij. Zo krijgt Ger Koopmans, als Kamerlid betrokken bij burgemeestersbenoemingen, hem in het vizier. Hoewel Oskam nauwelijks politieke ervaring heeft, zegt Koopmans: Jij bent mijn man voor Roermond. "Mijn vrouw zei : 'Roermond is leuk voor de outletstores, maar niet om te wonen en te werken'."

Na een reeks gesprekken slaat Oskam het aanbod af. Belangrijkste reden: Jos van Rey, dan nog wethouder voor de VVD. "Er was net een onderzoek naar hem geweest: collegeleden moesten elkaar beter begeleiden om solistisch optreden te voorkomen. Toen bleek dat Van Rey de adviserend wethouder van de vertrouwenscommissie was. Ik vond het niet oké wat er was gebeurd, maar als ik dat ter sprake zou brengen, werd ik het niet. Zei ik niets, dan was ik geen knip voor mijn neus waard."

Als Oskam de partij meldt dat hij past voor Roermond, volgt een andere vraag: wil je niet in de Tweede Kamer? Die vraag verrast hem, maar lang hoeft hij niet na te denken. "Ik liep in mijn werk tegen dingen aan waarvan ik dacht: waarom gaat het in vredesnaam zo in Nederland? Het leek me mooi om vanuit mijn ervaring als agent, officier van justitie en rechter een bijdrage te leveren aan een betere strafrechtketen." Oskam solliciteert. "Maar het was niet mijn eigen idee."

Na de verkiezingen is het wennen. Hij is als grote onbekende in de Kamer beland en moet een voet tussen de deur zien te krijgen. "Als CDA moesten we een soort boetedoening doen voor de tijd dat we met de PVV samenwerkten. We mochten even niet meedoen. Vervelend, want het is mijn stijl om zoveel mogelijk samen te werken en ik ben heel resultaatgericht."

Oskams cv en humor fungeren als ijsbreker in de commissie veiligheid en justitie, vooral het domein van juristen, advocaten en rechters in ruste. Hij voelt zich al snel geaccepteerd, kan zaken met hen doen en heeft goed contact met de bewindslieden. Als minister Ivo Opstelten tijdens een overleg over prostitutie vastloopt in zijn woorden en vraagt waar hij was gebleven, reageert Oskam ad rem: "Op het Zandpad."

In de CDA-fractie voelt Oskam zich als 'blanco' politicus aanvankelijk een buitenbeentje. "Ik moest erg wennen aan het politieke spel. Dan verdedigde ik een justitieonderwerp en zei een fractiegenoot: 'Je moet een motie van treurnis indienen!' Dan dacht ik: ik ben officier van justitie en rechter geweest en wie ben jij dan? Buma wees erop dat ik blij moest zijn dat anderen andere inzichten hebben, omdat mijn inbreng daar alleen maar scherper van kon worden. Daar had hij gelijk in."

Enquêtecommissie

Koud een halfjaar in de Kamer krijgt Oskam, gepokt en gemazeld in de wereld van getuigenverhoren en grootscheepse onderzoeken, de vraag of hij zitting wil nemen in de enquêtecommissie die onderzoek doet naar de woningcorporaties. Hij hapt toe en stort zich vol overgave op de dossiers. "Als men mij verwijt dat ik te kort in de Kamer heb gezeten, dan is dat zo. Maar ik heb in die drie jaar en drie maanden meer gedaan dan een gemiddeld Kamerlid."

Hij wijst ook op zijn plek in de drukbezette commissie veiligheid en justitie, de commissie koninkrijksrelaties en de asielportefeuille die hij eind 2014, vlak voor de Europese vluchtelingencrisis, van een collega overnam. "Migratie ligt bij het CDA heel ingewikkeld. Veel CDA-leden zeggen: laat het volk maar tot ons komen. Maar er zijn er ook veel die zeggen: not in my backyard. Je kunt het bijna niet goed doen."

Plus, zegt hij, hij kreeg vanuit de oppositiebankjes ook zaken geregeld: de veiligheidshuizen (waarin gemeente, politie, justitie en welzijnsorganisaties samenwerken om overlast en criminaliteit te voorkomen) blijven open en de rechtbanken worden niet verder ontmanteld. Toen de oppositie afgelopen najaar één blok vormde, kwam het kabinet met extra geld voor de politie, justitie en rechtspraak over de brug. "Dat vind ik heel mooi. Daarvoor kwam ik naar Den Haag. Ik wilde dat de strafrechtketen beter ging lopen."

Vluchtig

Dan, in de zomer van 2015, belt partijgenoot en burgemeester Frank Koen van Capelle aan den IJssel. Oskam liep daar in 2012 op aanraden van commissaris van de koningin Franssen een week stage om aan het burgemeestersvak te ruiken. "Koen zei: 'Ik stop ermee. Je bent hier destijds maar een week geweest, maar ze hebben het nog steeds over je. Dus misschien moet je solliciteren'."

Even wikt Oskam. Tussentijds uit de Kamer, kan dat wel? Anderzijds: Capelle is hem goed bevallen. Veiligheid staat er hoog in het vaandel, de mentaliteit van de mouwen opstropen staat hem aan, evenals het burgemeesterswerk waarin hij al zijn vorige banen ziet samenkomen. "Als agent moest ik problemen oplossen, als officier van justitie moest ik het recht respecteren, maar ook de grens opzoeken en de politie aansturen en als rechter moest ik goed luisteren, beslissingen nemen en die zo motiveren dat ze geaccepteerd werden. Als burgemeester moet dat ook. Het was dus niet zo dat ik dacht: 'Nou, leuk om burgemeester te zijn.' Het was een bewuste keuze."

Hij besluit in het diepste geheim te solliciteren - alleen zijn vrouw weet ervan - en overtuigt de Capelse vertrouwenscommissie.

Zijn vertrek van het Binnenhof doet bij sommigen de wenkbrauwen fronsen."Mensen zoals Frans Weisglas, oud-Kamervoorzitter van de VVD, vinden het afschuwelijk als Kamerleden voortijdig vertrekken. Die vinden het Kamerlidmaatschap een roeping. Wat Sybrand zei? Ik geloof dat hij het ook niet echt leuk vond. Aan de andere kant: hij heeft nu een CDA-burgemeester. Ook niet onbelangrijk."

Zes maanden later zit Oskam in Capelle de laatste raadsvergadering voor het zomerreces voor. Op de agenda onder meer: preventief fouilleren, een omstreden woon- en werklocatie voor jonge vluchtelingen en de bestrijding van berenklauw in de berm. Voor het scherm met spreektijden per fractie heeft Oskam nauwelijks oog. Hij heeft liever een goed debat.

Oskam noemt het burgemeesterswerk na afloop van de vergadering 'fantastisch'. Het veelzijdige bevalt hem, het directe contact, de concrete zaken waar hij mee bezig is. "Ik kom bij honderdjarigen en mensen die zestig jaar zijn getrouwd, ik overleg met regioburgemeesters over de inzet van politie en brandweer en de economie en ga in gesprek met de Molukse gemeenschap over hun wijkcentrum. Het is aan mij om die mensen aan onze zijde te houden en ervoor te zorgen dat er een oplossing komt waar zij mee kunnen leven."

Dat contact met mensen was tot Oskams teleurstelling in Den Haag veel vluchtiger. "Als ik hier samen met de Molukse gemeenschap de problemen en oplossingen verken, dan schept dat een band. De volgende keer dat er iets speelt, hebben we weer contact.

"Toen ik Kamerlid was, heb ik enorm mijn nek uitgestoken voor de inwoners van Oranje en ervoor gezorgd dat er minder asielzoekers in het dorp kwamen. Ja, en daar hoor je dan nooit meer wat van."

Spijt van zijn overstap heeft Oskam niet. "Ik was als Kamerlid op de Antillen en sprak met D66-senator Thom de Graaf, die burgemeester van Nijmegen is geweest, over de wispelturigheid van de politiek. De les die hij me leerde is dat mensen je nu leuk kunnen vinden, maar over drie jaar misschien niet meer. Denk dus ook aan jezelf." Die les heeft Oskam in zijn oren geknoopt. "Ik ben helemaal happy hier. Het is een goeie keuze geweest."

Peter Oskam

Peter Oskam (56) werd in 2012 Tweede Kamerlid voor het CDA. In januari 2016 legde hij zijn functie neer, na drie jaar en drie maanden. Hij begon na de havo als politieagent, haalde in de avonduren zijn vwo- en rechtendiploma en werkte daarna als officier van justitie, rechter en vicepresident van de rechtbanken in Arnhem en Amsterdam. Daarnaast floot hij eredivisiewedstrijden voor de KNVB. Oskam groeide op in Den Haag. Zijn vader werkte zich op tot hoofd algemene zaken bij de Postgiro, een voorloper van de Postbank, nu ING. Zijn moeder werkte als ziekenverzorgster in het ziekenhuis. Oskam is getrouwd, heeft zes kinderen en is sinds begin dit jaar burgemeester van Capelle aan den IJssel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden