'Ik heb meer dan één leven nodig'

erasmusprijs | interview | De Engelse schrijfster A.S. Byatt krijgt op 8 december Nederlands meest prestigieuze culturele onderscheiding, de Erasmusprijs. 'Eerst dacht ik: vreselijk, net nu ik een Europese prijs krijg, stappen we uit Europa. Maar eigenlijk is het een goed moment: we moeten juist weer met elkaar praten.'

Voor een gesprek over Europese cultuur is er geen passender setting dan een hotel aan een sfeervol verlichte Amsterdamse gracht op een herfstige novemberavond. De afspraak met de Engelse romanschrijfster A.S. Byatt is om zes uur, maar bij aankomst heeft ze al een gesprekspartner: haar oude vriend Cees Nooteboom, die even langs is gewipt om haar een nieuwe bundel van zijn teksten in het Frans cadeau te geven. De twee schrijvers, hij 83, zij 80, zitten bij te praten in de bar, met een drankje erbij: voor hem whisky, voor haar een glaasje champagne. Het typeert Byatts internationale oriëntatie dat ze hem en zijn werk goed kent en het zowel in het Frans als in het Engels leest.

Op 8 december ontvangt ze in het Paleis op de Dam uit handen van koning Willem-Alexander de Erasmusprijs, Nederlands meest prestigieuze internationale onderscheiding voor kunst en cultuur. Het is een opvallend populaire keuze. Byatt schrijft haar romans vanuit een grote kennis van literatuur, geschiedenis, biologie en beeldende kunst, maar tegelijk is ze een rasverteller die over het algemeen toegankelijk weet te blijven. Ze mag dan wel in een ivoren toren wonen, ze stelt het gebouw graag open voor het publiek en is een zeer onderhoudende gids.

Haar roem, ook in Nederland, heeft ze vooral te danken aan 'Obsessie' (Engelse titel 'Possession', 1990), over twee jonge academici die op het spoor komen van een geheime liefdesaffaire tussen twee Victoriaanse dichters. De roman, bekroond met de Booker Prize, zit vol literaire en historische verwijzingen,maar is tegelijk een spannende detective en een love story, een onbewoond eiland-boek voor de serieuze lezer, een 'Da Vinci Code' voor de Jane Austen-fan.

Voor Byatt zijn lezen, schrijven en denken een bron van plezier, iets waarin ze de lezer graag laat delen. Maar het zijn ook vluchtroutes. Door te schrijven ontsnapte ze eerst aan een ongelukkige jeugd in het naoorlogse, industriële Yorkshire, en later toen ze trouwde en moeder werd, ook aan het aanrecht en de kinderkamer. Weer later bood het schrijven troost na een zwaar persoonlijk verlies. Bij een interview vijf jaar geleden voor deze krant, in hetzelfde hotel, toonde ze zich een enthousiaste verteller met de blik naar buiten gericht. Ze sprak bevlogen over het boek waar ze aan werkte, een roman gesitueerd in de kringen van Franse surrealistische dichters rond 1920, en sprak liever over ideeën dan over zichzelf.

Maar die roman ligt nu een tijdje stil. Byatt werd afgelopen zomer enkele weken opgenomen in het ziekenhuis nadat ze in coma was geraakt na een val in haar huis in Londen, en ze is nog niet volledig hersteld. Ze loopt moeilijk en heeft nog merkbaar pijn. Haar Nederlandse uitgever had gewaarschuwd dat ze 'broos' was, maar dat is niet het juiste woord. In een eenvoudige zwarte gebreide jurk, stevig gezeten op de chique bank, oogt ze allerminst fragiel. Haar bruine ogen schitteren, ze is betrokken bij het gesprek. Wel komt ze kwetsbaar over. Het ontbreekt haar aan energie om een beschermende muur op te werpen van feiten, kennis en observaties. Ze is zachtaardig en openhartig, ook wanneer het gesprek overgaat van de actualiteit naar haar persoonlijke leven, en vervolgens naar het vooruitzicht van de dood.

Mag ik naar de Brexit vragen? Of misschien wilt u liever niet...

"Nee hoor, ik wil best over de Brexit praten. Veel vrienden van me moesten huilen na de Brexit-uitslag. En sinds ik hier ben - in Europa - realiseer ik me dat mensen zoals ik, die er juist behoefte aan hebben om zich Europees te voelen, zelfs nog actiever Europeaan willen zijn. Ik ben romans gaan schrijven doordat ik de Europese roman ontdekte. Proust en ook Dostojevski hebben me als schrijver gevormd. Bovendien voel ik me thuis in Europa. Toen we toetraden tot Europa had ik het gevoel: dit is de wereld waarin ik altijd al heb willen leven. En nu leef ik in een land dat ervoor stemde om niet bij Europa te willen horen.

"Mijn man is econoom. Hij vindt het eigenlijk prima dat we Europa hebben verlaten, ook al spreekt hij meerdere Europese talen en gaat hij net zo vaak naar het vasteland als ik. Hij vindt het Europese investeringsbeleid niet per se goed voor de economie-noch voor die van de EU, noch voor Engeland."

Economische en culturele verbondenheid zijn twee verschillende dingen.

"Precies. Hij zegt dat er groepen in Groot-Brittannië zijn, vooral de lager betaalden, die helemaal niet profiteren van de EU. Toen hij dat zei, besefte ik dat ik een nogal idealistisch beeld van Europa had, en dat het misschien minder goed was dan altijd werd voorgesteld. Ik weet het niet."

Ze was de afgelopen maanden niet in staat om zich erin te verdiepen, maar dat gaat ze zeker doen, zegt ze gedecideerd. "Ik knap weer op, ik ga verder werken aan mijn roman, en ik ga deze prijs met trots in ontvangst nemen. Eerst dacht ik: dit is vreselijk. Net nu ik een Europese prijs krijg, niet eens voor mijn romans maar voor mijn denken, stappen we uit Europa. Maar eigenlijk is het ook een goed moment om een Europese prijs te krijgen. We moeten juist meer met elkaar praten."

Net als Europees voelt ze zich ook heel erg Engels - 'Brits' is ze in elk geval niet. Ze is zich bewust van haar afkomst uit het noorden, en uit een 'little England' dat niet meer bestaat. "Ik kijk graag naar 'Dad's Army' ('Daar komen de schutters')", vertelt ze, "want dat is het Engeland waarin ik ben opgegroeid. Een kleine, vertrouwde wereld die heel erg in zichzelf besloten was."

Het was voor haar een beschutte wereld, maar geen gelukkige. Byatt en haar zus, de eveneens bekende schrijfster Margaret Drabble, hebben beiden geschreven over de spanningen in het gezin, die vooral veroorzaakt werden door hun gefrustreerde, vaak bozige moeder, die had gestudeerd in Cambridge maar vond dat ze thuis moest blijven voor haar man en hun vier kinderen. "Zij wilde doen wat wij allemaal zijn gaan doen, al haar kinderen", vertelt Byatt. "Lezen, schrijven, denken, dingen maken. Maar ze miste..." - ze zoekt naar de juiste woorden - "het zelfvertrouwen en het monomane. Als je boeken wilt schrijven, moet je je voor veel dingen afsluiten."

Byatt ging ook in Cambridge studeren, vastbesloten om niet het lot van haar moeder te ondergaan, maar toen ze trouwde, vond haar promotor (een vrouw) dat een getrouwde vrouw niets te zoeken had in de wetenschap. Bovendien werd haar staatsbeurs automatisch ingetrokken. Teleurgesteld, maar ook enigszins opgelucht liet ze haar proefschrift voor wat het was en kreeg twee kinderen met haar eerste echtgenoot, econoom Ian Byatt. Na hun scheiding in de jaren zestig hertrouwde ze en kreeg ze nog twee kinderen. Ondertussen publiceerde ze twee romans, maar nadat in 1972 haar 11-jarige zoon werd doodgereden door een dronken automobilist schreef ze meerdere jaren niet. Ze praat er niet graag over. Wel vertelde ze een interviewer dat ze nooit echt van dit verdriet hersteld is, en dat ze pas weer begon met schrijven toen ze bij zichzelf dacht: "Je kunt twee dingen doen. Je kunt zelfmoord plegen, of je kunt je gaan interesseren voor absoluut alles".

Ze maakte gaandeweg naam als romanschrijver, en haar interesse in absoluut alles komt tot uiting in haar werk, dat ook gaat over haar liefde voor de exacte wetenschappen, of voor vormgeving. Boeken en kunstobjecten geven haar een gevoel van identiteit, zegt ze, meer nog dan landen of steden.

U komt uit het noorden van Engeland, u woont in Londen, u hebt een huis in Frankrijk, u voelt zich Europees. Wat is voor u thuis?

"Ik voel me vooral thuis bij mijn man. We zijn al heel lang getrouwd, maar ik geloof niet dat ik me in het begin speciaal thuis bij hem voelde. Ik hield van hem en ik wilde samen met hem in een huis wonen en met hem praten over boeken en ideeën. Maar nu wil ik hem gewoon graag bij me hebben.

"Iets anders is dat ik kunstvoorwerpen verzamel. Ik verzamel bijvoorbeeld Venetiaanse glazen bollen. Die liggen in ons Engelse huis, en dat is ook deels de reden waarom ons Engelse huis echt 'ons thuis' is, en het Franse huis weliswaar zeer geliefd maar toch 'het Franse huis'."

Zijn schrijven en verzamelen voor u verbonden?

"Ze komen natuurlijk overeen. Je verzamelt voorwerpen en die bestudeer je. Ik verzamel ideeën en levens van mensen om te bestuderen - echte mensen en mensen uit boeken. Omdat ik geen autobiografische fictie schrijf, heb ik meer dan één leven nodig, net zoals ik meer dan één glazen bol nodig heb, met verschillende patronen, om te kunnen vergelijken wat hetzelfde is en wat anders. Het is het menselijk verlangen om dingen te willen begrijpen.

"Het was vreselijk toen ik uit het ziekenhuis kwam. Iedereen had alles in huis verplaatst. Spullen lagen niet meer op hun vertrouwde plek, ik voelde me niet meer thuis in mijn eigen huis.

"Vergelijk het met Engeland en Europa. Ik ben Europeaan, maar mijn thuis is een huis in Engeland, en dat is mijn thuis omdat het vol staat met boeken in allerlei talen."

Het praten over haar kindertijd en haar tijd in het ziekenhuis brengt haar op haar leeftijd. "Tachtig", merkt ze op, "is oud genoeg om dood te zijn. Als je boven de tachtig komt, kun je elk moment dood zijn. Het verbaast me altijd dat andere mensen van boven de tachtig daar niet meer bij stilstaan. Het was leuk om even met Cees Nooteboom te praten, want hij is zich daar ook bewust van."

Hoe voelt dat?

"Je gaat alles meer van een afstand zien. Je denkt: waarom zou ik me nog druk maken over kleine dingen? Wat maakt het uit of de kraan drupt, of dat iemand mijn boeken op een andere plek heeft neergezet, of dat mijn koffer zoek is?

"En dan denk ik aan het heelal, de beelden daarvan die ik weleens op televisie zie. Ik denk aan de aarde die ronddraait in de ruimte, en het geeft me een fijn gevoel dat ik niet echt besta.

"Je ziet op het nieuws hoe mensen in enorme aantallen sterven in het Midden-Oosten, mensen die niet hebben geleefd. Ik betreur het - nee, ik treur om al die mensen ver weg die sterven voordat ze geleefd hebben.

"Het is goed. Ik heb geleefd. Niemands leven is perfect."

Hebt u genoeg geschreven?

"Nee. Ik ben bezig met een dik boek waar ik al veel onderzoek voor gedaan heb, wat ik weer op zal moeten pakken omdat ik inmiddels zoveel al weer ben vergeten. Voor pampus liggen in het ziekenhuis is niet erg bevorderlijk. (Lacht.) Echt niet. Dus ik schrijf gewoon verder, alsof ik lang genoeg zal leven om het af te krijgen. En als ik het niet af krijg, zal ik het toch niet weten. Dus ja..."

Byatt wordt moe. Maar het gesprek keert nog even terug naar haar jeugd en haar eigen moederschap. "Ik heb wel het idee dat ik geluk heb gehad", zegt ze nu. "Ik had niet verwacht dat ik schrijver kon worden, terwijl ik nooit iets anders wilde worden."

U verwachtte geen schrijver te worden omdat u kinderen had?

"Om wie ik was. Ik had gedacht dat ik een roemloos leven zou leiden. Ik had als kind maar één talent: ik kon goed leren. Dat was het. Ik was niet goed in sport, ik was sociaal niet sterk. Ik ging naar de universiteit, maar daarna was de kans nog steeds groot dat ik zou eindigen als mijn moeder, in de keuken. En ik belandde daar waarachtig ook nog. Maar dat was niet erg, want het bleek niet het einde te zijn."

Historische en biografische verhalen

A.S. Byatt, geboren als Antonia Susan Drabble (Sheffield, 1936), sinds 1999 'Dame Antonia', ontvangt de Erasmusprijs voor haar bijdrage aan 'life writing', dat memoires, biografieën en familiekronieken omvat, maar ook historische romans en verzonnen levensverhalen. Byatt schrijft vooral historische en biografische fictie, zoals 'Obsessie' (1990) en 'Het boek van de kinderen' (2009), een roman over schrijvers en kunstenaars rond 1900. In haar roman 'De biograaf' (2000) nam ze onderzoek naar de levens van beroemdheden juist op de korrel, maar ze schrijft ook zelf biografische essays, waaronder 'Pauw & wijnrank', over de Engelse ontwerper William Morris en couturier Mariano Fortuny. Dat laatste boek verscheen eerder deze maand bij De Bezige Bij, 29,99 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden