’Ik heb gezwegen over Trouw’

(Trouw)

Henk Toby (12-7-1916),

„Ik heb gehandeld uit geloof en uit vaderlandsliefde. Ik was tegen de overheersing. Ik kon heel scherp uitvallen tegen mensen die bijvoorbeeld geen onderduikers in huis namen omdat dat ’te gevaarlijk’ was. Dan kon ik tegen ze tekeer gaan: ’Ben jij nou vaderlandslievend?’

In 1939 was ik commandant van de vrijwillige luchtwachtdienst in Wormerveer. Ik had de leiding over 24 soldaten. Overdag werkte ik in het woninginrichtingsbedrijf van mijn ouders.

In juni 1940 ging ik met een stel vrienden naar Amsterdam. We liepen met anjers op door de Kalverstraat. Een NSB’er pakte die anjer van me af. Ik gaf die vent een klap in z’n gezicht, bril stuk. Door twee Duitse militairen die daar liepen, ben ik afgerammeld. Ik weet nog dat ik tegen ze riep: ’Je moet mij niet hebben, maar die rotzak daar, die me sloeg’.

Ik ben bij Vrij Nederland terechtgekomen via Jaap Boot. Hij kende Wim Speelman uit zijn studententijd. Wim kwam veel hier in Wormerveer. VN werd eerst gestencild. Wij zorgden voor de verspreiding. Er ontstond een meningsverschil over een artikel. Ze vonden het blad langzamerhand te links worden. Toen (maart 1943) hebben we daar in Ede de eerste bespreking met verspreiders gehad. Wim Speelman was er niet bij, maar Mien (Bouwman; red.) geloof ik wel.

We zijn drukkers gaan zoeken. Eerst hadden we een drukkerij in Enkhuizen. Jaap Boot had contact met iemand in Hillegom, die kenden daar drukkerij Kat. Dat waren twee halfbroers, die waren wel bereid dat te doen. Daar hebben ze tot aan de bevrijding toe altijd Trouw gedrukt.

Ik heb verschillende weekends meegemaakt van de Trouw-redactie en -verspreiders. Hier in Wormerveer, maar ook in Rotterdam en Emmen. De redactie wilde graag horen hoe het met de verspreiding ging. De redactie stuurde meestal een afvaardiging: Bruins Slot of Smallenbroek. Van Ruller kwam het vaakst namens de redactie op die weekends. Van de leidersgroep ben ik geloof ik de enige nog. Dan was je met tien, twaalf, soms wel vijftien man. We kwamen bij elkaar om de nieuwe krant te bespreken.

Op station Haarlem kwam ik een keer de trein uit en toen had ik een tasje met Trouws bij me. Ik heb dat zakje met Trouws aan de kant gezet en ben doorgelopen. Met Trouw zelf hebben ze me nooit gepakt, nee. Iedereen fietste met spullen in z’n tas, probeerde wat te eten te krijgen. Dat werd soms wel afgepakt, maar het ging niet speciaal om de krant.

Onderweg van Alkmaar naar Stompetoren ’s ochtends om zes uur kwam ons een motor tegemoet en die stopte. Ze wilden de weg weten, maar je hebt meteen wel de schrik in je lijf. Met Huib Ottevanger in de trein, op station Uitgeest met een zware koffer. ’Doe je koffer eens open’. Huib doet zijn koffer open en slaat hem zo weer dicht. ’Allemaal evangelisatielectuur’, zei hij. Dan stond je wel even te beven hoor, na die tijd.

Een ruimte boven het kantoor bij de winkel was in gebruik als wapenopslagplaats. Daar hebben we grote risico’s mee gelopen. In 1943 is een broer van mij overleden aan tyfus. In tien dagen was het gebeurd. Mijn moeder zei: ’Je moet met dat werk ophouden, anders ben ik zo nog een zoon kwijt.’

Ik ben in februari 1944 in Heemstede gearresteerd. Huib Ottevanger (Trouw-verspreider; red.) had me gevraagd naar een man in Heemstede te gaan die veel werk voor ons zou kunnen doen. Huib was er een dag eerder al geweest, maar de man was niet thuis. Ik er op mijn fietsje heen, ik bel aan en krijg twee revolvers op me gericht. De vorige dag hadden ze die man al gearresteerd en een briefje gevonden dat tegen een bloempot stond. ’Morgenmiddag om 2 uur komt Henk’. Op het station zag ik een meubelfabrikant. Die heb ik toegeschreeuwd ’Bel m’n ouders op!’ Dat hebben ze ook gedaan. Daarna heb ik vastgezeten in Rotterdam. Uiteindelijk ben ik na zes weken Vught in Dachau beland.

Ik heb zware verhoren gehad, maar nooit over de krant gesproken. Ik heb Trouw erbuiten kunnen laten. Ik heb het erop gegooid dat ik erg begaan was met mensen die voor jodenkinderen zorgden en dat ik daarom die man in Heemstede wilde helpen. Ik geloof niet dat zij wisten dat ik voor Trouw werkte. Ik heb het op iets anders gegooid. In de gevangenis heb ik een gesprek aangevraagd met een politieofficier, ene Van den Berg. ’Meneer Toby, mag ik u wat anders vertellen? Kent u deze pijp?’ Een van uw vrienden heeft me dit meegegeven een paar weken geleden op een Trouw-reünie. Deze man is bij me geweest en hij weet dat u hier zit. Hij vraagt u niet of u geld hebt (ik had een hoop geld bij me van de illegaliteit), maar of u het een en ander hebt verteld over Trouw. Die man was helemaal goed, ik heb hem het een ander over Trouw verteld.

In Dachau heb ik een heel slechte tijd gehad, ben er doodziek geweest. Ik kwam in een buitenkamp van Dachau terecht, dat nog slechtere barakken had dan Dachau. We sliepen in oude paardenstallen, zonder wasgelegenheid en toiletten. ’s Avonds werden er tonnen neergezet waarin je je behoefte moest doen. Die liepen over. We lagen met honderden mensen in zo’n barak. Je zat onder de vlooien en luizen.

Toen wij uit Duitsland terugkwamen, kon je niet over het kampleven vertellen. Dat mensen elkaar dat kunnen aandoen, was toch onmogelijk. Dat is pas veel later tot de mensen hier doorgedrongen. Na de oorlog wilde ik niets meer met het verzet te maken hebben. Later ben ik in allerlei besturen gegaan van organisaties die zich bezighouden met de oorlog en herdenken. Dat valt allemaal weg. Ik was mede-organisator van de reünies van de Trouw-groep. De laatste reünie was in 1998, toen zijn we ermee gestopt. De vereniging van ex-politieke gevangenen is vorig jaar voor het laatst bijeen geweest, op paleis Het Loo. Daar heb ik koningin Beatrix nog gesproken.

Nu ben ik 93. Dat is een wonder. Het is een bewogen leven geweest. Ik zal ook niet alles vertellen. Ik ben zwaar overspannen geweest; mijn oudste dochter heeft zelfmoord gepleegd.

Ik sta nog altijd achter Trouw; ik vind het wel een goeie krant. De krant is de risico’s zeker waard geweest. Van geen enkel ding dat ik gedaan heb, heb ik spijt.’’

Henk Toby is op vrijdag 16 april 2010 in Alkmaar overleden, 93 jaar oud.

Henk Toby (Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden