Ik bid waar ik wil

Vijfmaal daags, de blik naar Mekka. Fotografe Saskia Aukema ging na hoe Nederlandse moslims bidden. Dat doen ze overal en nergens.

Noureddine Marco Steenvoorden (36), uit Amsterdam. Werkt in de gehandicaptenzorg.

"Ik vraag overal Gods hulp bij. Ik sta om vier uur op om te bidden. De dag ervoor heb ik God al gevraagd of ik de wil mag krijgen om op te staan. Na het bidden ga ik weer naar bed. In gebed tel ik mijn zegeningen. Ik heb liever een zonnetje, maar als het regent hou ik me voor dat het goed is voor mijn tuin.

Rond mijn twintigste wilde ik het contact met God herstellen. Ik ben katholiek opgevoed, maar ergens bij het vormsel afgehaakt. Mijn collega's in de boekhandel waar ik werkte waren moslim, en ik maakte vaak een babbeltje met hen over het geloof. Ik was toch al vegetariër, en alcohol had ik ook opgegeven - daar ging ik heel gekke dingen van doen. Langzamerhand ging ik steeds meer als moslim leven, en na een jaar of drie begon ik met het vijf maal daags bidden.

Ik heb het mezelf geleerd uit een kinderboekje. Achteraf bleek dat ik bij mijn eerste gebed helemaal de verkeerde kant op heb gezeten. Ik dacht dat Mekka ongeveer daar moest zijn - niet dus. Ik had als gebedskleed een handdoek neergelegd. Het Arabisch, dat ik toen nog helemaal niet machtig was, las ik over van een blaadje. Ik had geen idee waar het over ging. Maar binnen die knulligheid voelde het goed. Bidden als moslim was anders. Voor een katholiek gaat de weg altijd via Jezus of Maria. Of via beeldjes. Rechtstreeks tot God bidden raakte mij veel meer. En het appelleert aan mijn eigen logica. Je bent aan niets of niemand verantwoording schuldig, behalve aan God. Geen tussenpersonen, geen instituties. Daarom vind ik het ook zo gek als mensen zeggen dat de islam inherent niet compatible is met Nederland. Het is eigenlijk een heel individualistische manier van leven.

Ik kreeg er een discipline van die ik voorheen niet had. Toen mijn moeder hoorde dat ik elke dag om vier uur opstond voor het ochtendgebed, keek ze me aan: "Jij?" Ik wil mezelf met het bidden alert houden op de herdenking van God. Ook als ik op de skatebaan ben. Er is daar weinig beschutting, alleen een hoekje op de baan zelf, waar je een klein beetje privacy hebt. Van skaters krijg ik nooit opmerkingen. Dat zijn geen types die gauw iets maf vinden. Ik word tegenwoordig heel nerveus als ik niet de tijd krijg of neem om te bidden. Het is een soort interne compulsie geworden. Ik móet bidden."

Latifa (28) uit Hattem.

"Van mij mag iedereen me zien bidden. En ik bid waar ik wil. Wel zoek ik een rustige plek op, zodat ik niet vol in het zicht ben. Toen ik nog veel reisde - voor mijn werk, of gewoon een dagje weg - stopte ik dan bij een tankstation of ik zocht de rust van een parkeergarage op. Dan legde ik mijn matje in de beschutting van mijn portier. Nu ik fulltime moeder ben, en mijn leven om mijn twee kleine kindjes draait, bid ik niet meer zo vaak buiten de deur.

Op mijn werk heb ik altijd gewoon kunnen bidden: in een kolfruimte, of in een vergaderruimte. Dat was een eis voor me. Niet dat ik er een issue van maakte in sollicitatiegesprekken. Pas als ik aangenomen was vroeg ik, luchtig: 'Hee, waar kan ik bidden?' Ik maakte er geen issue van.

Het bidden werd er niet echt makkelijker op sinds ik kinderen heb. Ik had het er laatst met mijn zus nog over: de tijd schiet er zo gauw bij in. Je moet echt volharden. Ik moet eerlijk zeggen dat ik nu te vaak een gebed uitstel en later inhaal. Dat is niet ideaal.

Voor kinderen zorgen is echt onwijs druk. Ik heb weleens gebeden terwijl ze allebei aan het huilen waren, maar ja, dat doe je ook niet met een fijn gevoel. Dan weet je ook amper meer wat je zegt.

Mijn eerste gebed kan ik me niet herinneren. Toen was ik heel jong. Vanaf je puberteit, als je menstruatie ingaat, is het gebed verplicht. Dan is het voor het eggie, zeg maar. Ik ben sindsdien nooit gestopt. Maar ik was niet altijd even consequent. Dan kwam ik thuis en haalde ik alle vijf de gebeden achter elkaar in.

Allah heeft de mens slechts geschapen om hem te aanbidden. Dus is het de belangrijkste taak en plicht. Ik sta dan weer even in contact met God. Als ik het niet doe, voel ik me totaal niet goed. Als ik bid, is hij er voor mij. En zal ik beloond worden. Je weet immers dat het leven ophoudt.

Nu ik kinderen heb, ben ik me daar meer bewust van. Ik hoop het paradijs te bereiken, en daar samen te komen met alle mensen waar ik van hou. Mijn kinderen, mijn vriendinnen, mijn man. Daar doe ik mijn best voor. Ja, het liefst zie ik natuurlijk de hele mensheid terug. Maar de gedachte dat mijn naasten naar de 'vervelende plek' gaan, kan ik niet verdragen."

Aziyme Akgun (36) uit Amsterdam, marketingmedewerker.

"Ik ben nooit gedwongen om te bidden. Mijn moeder heeft me een spirituele opvoeding gegeven. Op mijn 29ste ben ik begonnen met het vijfmaaldaagse gebed. Dat was tijdens de ramadan. Ik probeer elk jaar met de ramadan iets te doen waar ik een beter mens van word. Drie jaar terug ben ik een hoofddoek gaan dragen. Dit jaar neem ik me voor gezonder te gaan eten.

Op latere leeftijd beginnen met bidden maakt het lastiger. Vannacht heb ik voor het laatst nog een gebed overgeslagen. Mijn tante is overleden, en dat was zwaar. Ik was emotioneel op. Ik had de wekker om tien uur 's avonds gezet, maar daar ben ik doorheen geslapen - of ik heb hem per ongeluk weggedrukt, ik weet het niet. Vervolgens miste ik ook het laatste gebed, dat nu rond middernacht valt.

Dat skippen voelt zo stom. Je doet jezelf te kort. Het mag dan een verplichting zijn, het voelt ook als een gemis. Het is geen last, het is een zegening. En ik gun mezelf die zegening. Van bidden word ik een positiever mens. Dankbaarder, ook. Soms kan ik echt een Hallelujah-Eureka-moment hebben. Alhamdoelillah, ('Dank aan God') beter gezegd. Je bent even alleen met je gedachten en met je Schepper.

Het gevaar van overslaan is dat je de routine kwijtraakt. Een keer kan twee keer worden, twee keer kan drie keer worden, en straks bid je dan helemaal niet meer.

Bidden reinigt je ziel van al het kwade. Daarom doe je vooraf ook de wassing. Al je vuilheid was je af, je kleine zonden wis je. Het vijfmaal daagse ritme van het gebed maakt me bewuster van de tijd. Hoe vergankelijk die is. Ik sluit dan even alles af, en richt me op de Schepper. Al het wereldse en negatieve doet er dan niet toe. Dan gaat het alleen om mij en hem, alleen wij tweetjes.

Ik ben nog niet getrouwd, wat opmerkelijk is in mijn kringen, dus krijg ik daar vaak dingen over te horen. "Oh, waarom ben je niet getrouwd?." Maar ik weet dat God je niet belast met bagage die je niet kunt dragen. Als trouwen in mijn lot is bepaald, zal het gebeuren.

In gebed sta ik stil bij wat ik wel heb. Dat ik in Nederland woon. Dat ik in de positie ben gezet om anderen te helpen. Met de inzamelingsacties en benefietdiners die ik organiseer. Dat ik na mijn gebed op kan staan, en gewoon een koelkast kan opentrekken, en kijken waar ik zin in heb. Wat een zegening is dat!"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden