'Ik ben vóór de revolutie aangesteld'

Hij is pas anderhalf jaar hoofdcoach van Ajax en heeft zijn tweede landstitel al voor het grijpen. Frank de Boer: 'Mijn vrouw wil wel eens een probleem maken van iets wat er nog niet is. Zo ben ik niet.'

Een zondagskind is hij voorlopig als beginnend trainer, zoals Frank de Boer dat ook als beginnende speler was: de verdediger die altijd wel een foutje maakte, wat - hij speelde in goede ploegen - in de uitslag meestal zonder gevolgen bleef. Nu is er nog heel wat op Ajax aan te merken, en toch is hij er straks al twee keer kampioen mee geworden.

"Ik denk dat dat mijn kracht was als voetballer. Na een foutje ging ik stoïcijns door", zegt het zondagskind. "Op Wembley gaf ik eens een te korte terugspeelbal op Ed de Goey, die 'm met een sliding nog aan me kon teruggeven. Mijn eerste bal daarna was een pass over vijftig meter op Dennis Bergkamp. Binnen twee tellen ging ik van het ene uiterste over in het andere. Ik wist altijd waarmee ik bezig was. Dan neem je een keer een risico, of het was eens gemakzucht of nonchalance, maar alles was gebaseerd op vertrouwen."

Dat heb je overgedragen op aanvoerder Jan Vertonghen, lang een lichtzinnige verdediger?
"Ik denk het wel. Die momenten van afwezigheid moest hij minimaliseren. Dat is hem na de winterstop gelukt."

Zei je hem dan: 'Die momenten had ik vroeger ook'?
"Nee, want ik had dat zo niet. Hij kon een hele wedstrijd afwezig zijn, en dat had ik nooit."

Laat dat gezegd zijn, in een paar woorden en in zijn kenmerkende logica. Nog eentje: "Omdat wij zo zijn blijven spelen als ik denk dat we moeten spelen, zijn we vorig jaar kampioen geworden. Daar ben ik van overtuigd - en uiteindelijk gaat het ook voor dit seizoen op."

Je hebt nogal een inschattingsfout gemaakt, met Theo Janssen in het eerste deel van het seizoen als controlerende middenvelder.
"Dat is niet de juiste keuze gebleken, en we zijn erdoor in disbalans geraakt. Maar nee, ik sla me niet voor m'n kop. We wilden een voetballende speler daar, dat vind ik nog steeds essentieel voor ons spelletje."

Hoe beschouw je na zoiets, als perfectionist, straks het kampioenschap?
"Het zal geen onbevredigend gevoel geven. Maar met wat je voor ogen had, wil je geen kampioen worden met de hakken over de sloot. Meer dan tien punten hebben we achtergestaan op meerdere ploegen, dat wil je niet. We hebben er te lang over gedaan om de wisselvalligheid te verminderen. Dat is dan de doelstelling voor volgend seizoen, dat de ondergrens geen 4 is, maar een 6."

Een bijsturing halverwege het seizoen is belangrijk geweest, analyseert De Boer. Tijdens een trainingskamp in Brazilië, vertelt hij plots in managementtaal, is in groepsgesprekken gesproken over de omgang, in wedstrijden en trainingen. Spelers moeten zich veilig voelen, zegt De Boer. Prompt gaan dan de gedachten naar Louis van Gaal, zijn oud-trainer en leermeester, die het Ajax van de jaren negentig graag zag als een veilige wereld voor zijn spelers. Met dat verschil, erkent De Boer lachend, dat Van Gaal er geen regeltjes voor hoefde af te kondigen: het liep door Van Gaals natuurlijke gezag, en bagage als docent uiteraard, vanzelf zoals hij het wilde.

"Maar ik ben nog altijd maar net begonnen", zegt Frank de Boer. "Ik leer elke dag, en dan word je door schade en schande wijs."

Toen in Brazilië de gedragsregels werden bepaald, was hij al een jaar hoofdtrainer. Hij vond dat te weinig spelers na de training zelf bleven oefenen en had gezien dat het anders kon, in de nadagen van Jaap Stam bij Ajax. "Zag je die oude man vijfhonderd buikspieroefeningen doen. Kwam er eentje bij. Op een gegeven moment zaten er vijftien om hem heen." Maar hoe kreeg híj zoiets gedaan, de oud-topvoetballer die te gauw zijn eigen fanatisme vanzelfsprekend vindt? "Van Gaal hield me dat op voetbalgebied al voor. 'Jij denkt dat iedereen altijd maar hetzelfde ziet als jij', zei hij, 'maar dat is niet zo.' Ik heb geleerd dat niet iedereen hetzelfde is."

Voor je het weet ben je zo, in je onervarenheid zoekend naar het juiste evenwicht, een jaar verder - en kom je even niet vooruit. De ervaren assistent Hennie Spijkerman droeg de modellen aan van de oud-volleybalcoach Peter Murphy. De Boer, weer in geleend jargon: "Eerst heb je de stormfase: spelers beginnen met verwachtingen bij Ajax en worden al dan niet teleurgesteld. Er kunnen zich groepjes vormen. Je gaat altijd eerst neerwaarts. In de ontkenningsfase ligt het nooit aan de spelers, altijd aan de trainer of anderen. Pas als doordringt dat dat niet zo is, kan er eenheidsdenken ontstaan. De cohesie is na de winterstop veel beter geworden."

Je zegt ruiterlijk dat je assistent Spijkerman ermee is gekomen. Je bent niet bang dat zoiets je aanzien zou kunnen schaden?
"Nee, waarom? Daarvoor heb ik Hennie er toch bij genomen? Ik wist dat mijn sterke punten niet op dat vlak liggen. Hennie voegt voor mijn gemis iets belangrijks toe. Zo hoort het, volgens mij. Je moet openstaan voor alles. En als ik denk dat iets bruikbaar is, ga ik dat gebruiken."

En dan woedde ook nog de revolutie van Johan Cruijff. Nog voordat hij hoofdcoach werd, schaalde De Boer in dat het vijf, zes jaar vergt om het vak in de vingers te krijgen. De suggestie dat hij al iets verder is omdat er in zijn geval vanwege al het gekrakeel van tropenjaren mag worden gesproken, wuift hij achteloos weg. "Waarom? Ik heb me volgens mij niet anders gedragen dan als die perikelen er niet waren geweest. En ik heb altijd gezegd dat zulk gedoe voetballers niet raakt. Ik had er wel mee te maken, maar ik raak niet zo snel van de kook. Mijn vrouw wil wel eens een probleem maken van iets wat er nog niet is. Veel mensen doen dat. Zo ben ik niet. Laat eerst dat probleem maar komen, en dan zie ik wel of ik er hoofdpijn van krijg."

Hoe is je relatie met Van Gaal, de verliezer van de revolutie?
"Nog steeds wel goed, denk ik. Ik heb 'm laatst gebeld voor z'n heupoperatie. Ik denk dat hij dat wel gewaardeerd heeft. Ik heb geen problemen met Louis, en ik denk hij ook niet met mij."

Sterker, jij bent in de kern een Van Gaal-man. Dat is altijd de mooie ironie geweest in de revolutie.
"Hij is lang mijn trainer geweest. We hebben heel veel raakvlakken. Dat is misschien wel ironisch, ja. Ik ben voorgesteld als de vooruitgeschoven pion van de Cruijff-revolutie, maar dat was ik niet. Ik ben vóór de revolutie aangesteld."

De Boer is naar voren geschoven, zegt hij, door directeur Rik van den Boog en hoofd opleidingen Jan Olde Riekerink. Ze moesten, verketterd door het Cruijff-kamp, het veld ruimen. De Boer noemt hun namen met respect, en hecht hoorbaar waarde aan hun oordeel. "Olde Riekerink heeft mij trainingen zien geven, besprekingen horen houden. Ik denk dat hij Van den Boog heeft gezegd dat ik er klaar voor was."

Wat vond jij van de simplificaties, alsof het een wereld van verschil zou uitmaken of een talent wordt opgeleid volgens de lijn-Cruijff of volgens die van Van Gaal?
"Dat was om de strijd duidelijk te maken. Uiteindelijk wist iedereen dat het niet veel zou uitmaken. Maar ik ben blij dat er een keuze is gemaakt - en het was oorspronkelijk ook de bedoeling dat Johan het zou doen. Maar juist omdat het niet veel uitmaakt, was het voor mij moeilijk om me uit te spreken, met mijn sympathie ook voor Louis. Ik heb alleen niet begrepen dat hij zich erin heeft gemanoeuvreerd, omdat hij kon weten dat hij met een kansloze zaak bezig was."

Had een hecht driemanschap kunnen zijn: jij, Van Gaal en zijn nu verdwenen volgeling Danny Blind. Cruijffs gezanten Wim Jonk en Dennis Bergkamp zijn volstrekt onervaren.
"Dat het had kunnen functioneren, denk ik ook wel, ja. Of Wim en Dennis er de capaciteiten voor hebben, zal moeten blijken, maar ik zie wel dat ze het met veel toewijding doen. Daarom heb ik er vertrouwen in, al denk ik dat ze zich wel eens achter de oren krabben: waar zijn we aan begonnen? Ze hoeven het niet te doen, maar ze doen het wel."

Eén niet onbelangrijk punt dan nog voor een trainer: het verbale vermogen. Je bent geen vloeiende prater.
"Ik begrijp wat je zegt en je hebt er ook best gelijk in. Het is een belangrijk onderdeel van het vak, ja, maar ik blijf mezelf."

Met een knipoog: "Ik denk dat ze me wel begrijpen."

Frank de Boer
Geboren: 15 mei 1970, Hoorn.

Gehuwd, drie dochters.

Carrière als speler:

1988-1999: Ajax (vijf landstitels, twee bekers, Uefa Cup, Champions League, Wereldbeker)

1999-2003: Barcelona (één landstitel)

2003-2004: Galatasaray

2004-2004: Glasgow Rangers

2004-2005: Al-Rayyan

2005-2006: Al-Shamal

112 interlands (van 1990 tot 2004)

Carrière als trainer:

2006-2010: jeugdtrainer Ajax

2008-2010: assistent bij Oranje (tweede op WK 2010)

Sinds 6-12-2010: hoofdtrainer Ajax (landstitel 2011)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden