'Ik ben raar, he? Ik ben gehandicapt'/Anton Hausen voelt zich niet buitengesloten

Vrijwilligerswerk leeft. Maar liefst 288 projecten en personen werden door lezers van Trouw ingestuurd na de oproep vorig jaar voor de 'Trouw- jubileumprijs'. De jury (Jos Brink, Henk Hofstede, Johan van Workum en Barbara Berger) heeft vijf inzendingen uitgekozen. Vier hiervan zijn de afgelopen weken op deze pagina in de schijnwerper gezet. Vandaag de winnaar van de prijs (5 000 gulden): Anton Hausen van de Stichting Handicap en samenleving.

BARBARA BERGER; JOHAN VAN WORKUM

Anton Hausen is spastisch. Hij gebruikt zijn rolstoel nog steeds niet veel. De vier trappen van de Stortebekerschool naar het lokaal op de tweede etage klautert hij, met zwaaiende ledenmaten, zonder hulp op. Hij heeft de rolstoel wel bij zich om aan de 7- en 8-jarige leerlingen te laten zien, net als een paar krukken, een mechanische verlengde grijparm en een blindenstok. Hij is gekomen met zijn driewielfiets.

Ondanks zijn doctoraal psychologie kan Anton geen betaald werk krijgen. Doordat zijn handicap langzaam erger wordt - "de doctoren vinden mij een medische onmogelijkheid, ik had allang aan de rolstoel gekluisterd moeten zitten" - is hij voor potentiele werkgevers een te groot bedrijfsrisico. "Ik ben niet interessant voor een bedrijf. Ze wilden me wel als vrijwilliger. Een tijdje geleden heb ik bij de GGD onderzoek naar Aids mogen doen, voor 65 gulden per maand onkostenvergoeding. Dat was heel leuk. Ook ben ik een keer meegereden op de ambulances om te zien hoeveel psychiatrische problematiek de GGD tegen komt. Ik hou van met mensen omgaan."

Hij lacht vaak. Dan schudt zijn hele lijf en snuift hij als een paard. Door zijn verwrongen gezicht bij het spreken is hij moeilijk te verstaan, totdat je door hebt dat hij alle lettergrepen een voor een uitspreekt. De kinderen op de Stortebekerschool hebben het snel door en zijn opvallend gauw over de confrontatie met het 'rare' van Anton heen. Zijn belangstellende, vriendelijke ogen zijn een houvast in zijn gezicht.

"Wie is er hier in de klas nog meer ge-han-di-capt?" De kinderen staren hem aan. "Nou? Kijk 'ns goed!" Ze kijken vragend naar elkaar.

"Niemand. Alleen u!"

"Kijk 'ns goed naar de mees-ter."

"De meester heeft een bril op."

"Precies!"

De klas ontdekt dat ook een van de leerlingen een bril draagt en dus ook een beetje een gehandicapte is.

Anton wil nu weten wat de kinderen roepen als ze elkaar uitschelden. Verlegen gelach, maar dan schrijven ze het een voor een op het bord: idioot, kankerpoot, moggool, stomerik, vetzak, dunne spriet, homofiel, poliopatient.

"Wat is kanker?" vraagt Anton.

"Dat is een enge ziekte."

"Vind jij dat dan een lelijk woord?"

"Dat heb ik van andere jongens geleerd."

"Maar het kan jou ook overkomen, en jouw moeder en je zus. Probeer dus niet meer 'kankeraar' te zeggen."

Hij laat nu een van de meisjes in zijn rolstoel voor in de klas heen en weer rijden. Zij vindt het niet zo moeilijk, zegt ze, maar op de vraag van Anton of zij daar haar hele leven in wil zitten, schudt zij heftig nee. "Fiets dus niet zomaar door rood licht. Je kunt beter tien minuten te laat op school zijn dan in een rolstoel terecht komen. Hier zou de meester je dan zes keer per dag de trap op en af moeten dragen, want deze school is niet aangepast voor rolstoelgebruikers."

Een paar jaar geleden heeft Anton wethouder Duivesteijn van stadsvernieuwing ook in een rolstoel gezet en door de Schilderswijk rond laten rijden, voor het oog van fotografen. De actie had effect. De wethouder ontdekte hoeveel kleine hindernissen er nog zijn: straten en stoepen waar je niet doorheen kunt komen, gebouwen met een helling die te steil is, waardoor je er met de rolstoel niet tegen op komt. Duivesteijn besloot iemand in dienst te nemen die een inventarisatie van de knelpunten maakte.

"Ik vind het heel belangrijk dat ik zelf ergens binnen kan komen, net als elke andere bezoeker. Het ministerie van buitenlandse zaken heeft draaideuren waar een rolstoeler dus niet door kan. Die moet daar buiten bellen aan een aparte deur. Dan voel je je net een dienstknecht. Bij het nieuwe ministerie van Vrom is het nog erger. Daar moet je door de kelder. Daar moet je weer bellen en dan moet er apart voor jou een portier komen."

Anton probeert op eigen initiatief bouwplannen van openbare gebouwen in de stad te beinvloeden. "Ik lees de kranten, bijvoorbeeld waar nieuwe scholen komen. Dan blijkt dat het gehandicaptentoilet er niet komt. 'Sorry, geen geld meer voor', zegt de architect. Dan maak ik duidelijk dat het toch moet. Ik heb goede contacten met ambtenaren. Als k niet reageer, zou het niet gedaan worden, zo simpel is dat. De architect zegt: 'het stond niet in mijn opdracht', en de opdrachtgever denkt: 'ik neem een goede architect, dan is alles geregeld.' Je moet constant op je tenen lopen."

"Ik denk dat andere gehandicapten een beetje gemakzuchtig zijn. Denken dat het wel geregeld wordt, er bestaat immers een Gehandicaptenraad. Maar dat zijn logge organen." Hij prijst het rapport van de Gehandicaptenraad 'Verboden toegang', waarin richtlijnen zijn opgesteld voor de toegankelijkheid van gebouwen. Daarvoor bestaat een interdepartementaal 'Centraal coordinatiepunt.' Maar, zegt Anton, al die mooie richtlijnen worden nog niet uitgevoerd, je moet er voortdurend achteraan.

Er wordt op het raam geklopt. Buurtbewoners groeten even in het voorbijgaan en Anton zwaait terug. Vele bewoners van de Haagse binnenstad kennen hem, omdat hij actief is in het bewonersoverleg en ook in het buurtkrantje schrijft. Bij aanpassingen van woningen verwijst de GGD soms naar hem.

Hij is voorzitter van een landelijke werkgroep van het COC en werkte mee aan het boekje 'Homo met een handicap bestaat niet.' Anton heeft samen met anderen de stichting 'Handicap en samenleving' opgericht. Op dit moment richt hij in het Haagse Museon een tentoonstelling voor jongeren in over leven met een handicap. De financiering is nog niet helemaal rond, daarvoor lobbyt Anton bij het ministerie van WVC. "Ik vind het ook heel leuk hoe kinderen reageren, hoe eerlijk ze kunnen zijn. Ik hou van mensen."

Anton is intussen alle Haagse scholen afgefietst. "Ik stel me dan voor en zeg dat ik een praatje zou willen komen houden over gehandicaptzijn. Ik ben een keer weggestuurd en een andere keer haalde men de politie erbij: er zit hier een rare man voor de deur. Nu werkt het beter, ze kennen me."

Die ochtend op de Stortebekerschool had een leerlinge nogal indringend zitten boren of Anton zich door zijn handicap niet 'buitengesloten' voelt. En of hij kwaad wordt als iemand hem uitlacht en op feestjes niet 'zielig' wordt gevonden. Anton reageert geroutineerd, die vraag heeft hij duidelijk al vaker gehoord. "Nee, dat ligt eraan hoe je je opstelt. Ik heb geen zin om boos te worden. Als ik word uitgelachen, lach ik mee. Die ander weet niet beter. Pas als je jezelf zielig gaat vinden, raak je buitengesloten. Ik heb ook gewoon mijn hobby's, fietsen, schaken, paardrijden, postzegels. Ik ben nog een keer naar Parijs gefietst, en naar Limburg. Jullie kunnen straks beneden mijn fiets bekijken."

Uit het juryrapport

Anton Hausen (40) is sinds jaar en dag actief in Den Haag in gehandicaptenzorg, speciaal in de oude wijken van de stadsvernieuwing, waar hij ook woont. Hij is zelf spastisch, waardoor het hem, ondanks zijn doctoraal psychologie, nog niet gelukt is een betaalde baan te krijgen. Bij elke medische keuring blijkt hij voor werkgevers een te hoog economisch risico.

In lezingen, lessen op scholen, thema-avonden en spreekbeurten op universiteiten confronteert Hausen zijn gehoor met zijn eigen handicap. Het is zjn effectieve manier om de valse beeldvorming te doorbreken dat gehandicapten zielig zijn en niet kunnen denken.

Hausen is voorzitter van een werkgroep van het COC over seksualiteit en gehandicapten. Hij is mede-oprichter van de Stichting Handicap en samenleving. Je kunt hem in deze maanden tegenkomen in het Haagse Museon, waar genoemde stichting de tentoonstelling 'Samen in de Samenleving' helpt inrichten.

De jury is vooral onder de indruk hoe Anton Hausen zijn handicap weet te benutten als een voordeel om, helaas onbetaald, zinvol werk te doen voor de samenleving, in het bijzonder de gehandicapten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden