'Ik ben bang voor de gevolgen van sociaal akkoord'

Lot van arbeidsgehandicapten ongewis

René Paas is over de eerste schrik heen. Toen half april het sociaal akkoord tussen werkgevers en -nemers naar buiten kwam, sprak hij in zijn weblog van 'een complete revolutie', waarvan 'de gevolgen niet te overzien zijn'. Een kleine maand en vele goede gesprekken later is de voorzitter van Divosa, vereniging van directeuren van gemeentelijke sociale diensten, enigszins gerustgesteld. Enigszins.

Wat las hij dat hem zo van kleur deed verschieten? Werkgevers en -nemers maakten in hun akkoord met een pennestreek een einde aan die ene regeling voor alle mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Gemeenten bepleiten zo'n regeling al jaren vurig en kregen gehoor in Den Haag. Zowel in de gesneuvelde Wet Werken naar Vermogen als in haar opvolger de Participatiewet kwam deze afspraak terug. Of je nou in een sociale werkplaats werkt, als jonggehandicapte in de Wajong zit, of als werkloze in de bijstand, gemeenten geven je een uitkering en bieden hulp bij het vinden van een baan.

In het akkoord scheppen sociale partners 'een eilandje voor arbeidsgehandicapten', zegt Paas. Wajongers en mensen uit de sociale werkplaatsen komen in 35 regionale werkbedrijven terecht.

"Er zijn honderdduizenden mensen die niet de ideale werknemer zijn, of ze nou een briefje van de dokter hebben of niet. In het sociaal akkoord heeft degene mét briefje recht op meer hulp bij zijn zoektocht naar werk. Zijn buurman in de bijstand - zonder briefje, maar met net zo'n grote afstand tot de arbeidsmarkt - krijgt nauwelijks nog ondersteuning." Concurrentie tussen verschillende groepen ligt op de loer, meent Paas. "Die moet je niet willen."

En dan is er nog de kwestie van geld. Gemeenten draaien op voor de hogere kosten voor de mensen in de 35 werkbedrijven. Terwijl het sociaal akkoord niet rept van terugdraaien van de bezuinigingen die nu al worden doorgevoerd en ook weer in de Participatiewet staan. Het aantal mensen in de bijstand stijgt al jaren; het budget om hen aan het werk te helpen, was 1,9 miljard in 2010 en moet omlaag naar 491 miljoen in 2018. Hogere kosten, minder inkomsten en meer uitkeringsgerechtigheden. Grote kans dat dat ten koste gaat van mensen in de bijstand, denkt Paas.

Nu is het sociaal akkoord het kindje van werkgevers en -nemers, met inbreng van het kabinet. Gemeenten stonden erbij en keken ernaar. Bij de uitwerking ervan worden ze wel betrokken en dat biedt kansen, denkt Paas. "Ik hoop dat we die twee systemen nog tot een kunnen maken. Let op: ik spreek mijn hóóp uit. Ik ben er nog niet van overtuigd."

Over een ander, voor zijn achterban minstens even heikel punt hoeft hij niet meer wakker te liggen. Van werkgeverszijde, vanuit de vakbonden en de departementen is hem verzekerd dat sociale partners níet willen meebepalen hoe mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt aan het werk worden geholpen. Zo'n 'tripartiet bestuur' voor de 35 werkbedrijven stond wel in het sociaal akkoord. "Sociale partners hebben opvattingen, willen betrokken worden. Prima, maar gemeenten zijn als enige verantwoordelijk voor het budget, dus de wethouders en colleges zitten aan het stuur." En dat punt lijkt dus binnen.

Paas: "Divosa is in 1934 opgericht omdat gemeenten iets ingewikkelds moesten doen: werklozen - die honger hadden in die tijd - helpen. Dat was pionieren, want voorheen was dat charitas. Bij Divosa kijken ambtenaren, die politici dienen van elke politieke kleur, hoe ze iets kunnen laten werken. Onze eerste reflex is, ook bij het sociaal akkoord, 'hoe krijgen we dit aan de praat'. We kunnen zeer kritisch zijn in de lobby, als het eenmaal in het Staatsblad staat, zijn we loyaal."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden