IJsman Ötzi had vermoedelijk maagpijn

Onderzoekers weten DNA te isoleren van 5300 jaar oude maagbacterie

De 5300 jaar oude ijsmummie Ötzi, de ijsmummie had waarschijnlijk last van zijn maag. Hij was besmet met de veelvoorkomende maagbacterie Helicobacter pylori. Een onderzoeksgroep slaagde er in meer dan 90 procent van het duizenden jaren oude bacterie-DNA in de maag van de Alpenbewoner terug te vinden. De gevonden bacteriestam lijkt verrassend genoeg vooral op maagbacteriën die nu in Azië voorkomen. En het is de oudste maagbacterie die ooit is geanalyseerd.

Onderzoeker Thomas Rattei noemt het isoleren van het antieke DNA 'zoeken naar een speld in de hooiberg'. Ötzi's maaginhoud bevat het DNA van de planten en dieren in zijn laatste maaltijd. En dat is vermengd met DNA van Ötzi zelf en van andere bacteriën en schimmels die voor of na zijn dood in de maag terechtkwamen. Bovendien is veel van het DNA in die duizenden jaren uiteengevallen.

Om de maaginhoud te kunnen onderzoeken, werd Ötzi in 2010 even ontdooid. Normaal ligt hij in een vrieskast bij min zeven graden in het Italiaanse Bolzano. Daar is een speciaal onderzoeksinstituut opgericht om de ijsmummie, gevonden in 1991, te bestuderen. Toen uit scans bleek dat Ötzi's maag nog volop voedsel bevatte, besloten de onderzoekers enkele monsters te nemen. Vooral om de etensresten te bestuderen, maar ook met het 'wilde plan' om op zoek te gaan naar de bekende maagbacterie. Mens en H. pylori zijn al meer dan honderdduizend jaar 'onafscheidelijk'. Het bacterieel DNA kan dus ook informatie geven over de verspreiding van mensen over de wereld.

De bacterie gevonden bij Ötzi lijkt weinig op moderne Europese stammen, maar veel meer op de varianten die nu in Azië voorkomen. Europeanen dragen nu een bacterie-variant die een combinatie is van stammen die in Afrika en Azië circuleren. De oosterse variant van Ötzi duidt erop dat na zijn dood, dus na de kopertijd, nog een grote migratiestroom vanuit Afrika naar Europa heeft plaatsgevonden. Dat wil zeggen áls Ötzi representatief is voor zijn tijdgenoten. Uit eerder onderzoek blijkt onomstotelijk dat de 'ijsman' in ieder geval in de Alpen is geboren en getogen.

Eveline Altena van het Leids Universitair Medisch Centrum isoleert en analyseert DNA uit archeologische skeletten om verwantschap en migratiestromen in Nederland in kaart te brengen. Ze vindt de Ötzi-studie in wetenschapsblad Science een mooi voorbeeld van een heel nieuw onderzoeksveld, het paleomicrobioom. "We halen nu veel informatie uit historisch menselijk DNA, maar straks dus ook uit de micro-organismen die mensen meedragen. Ötzi is natuurlijk een uniek exemplaar. Maar ook in tandplak lijkt bacterieel DNA goed bewaard te kunnen blijven."

Of Ötzi last had van de maagbacterie konden de onderzoekers niet bewijzen. Zijn maagwand is vergaan waardoor eventuele ontstekingen ('maagzweren') niet zijn terug te vinden. Maar omdat het om een agressieve bacteriestam gaat en er ook resten van ontstekingseiwitten zijn aangetoond, lijkt maagpijn wel waarschijnlijk.

Gevonden in Alpendal

In 1991 ontdekken twee Duitse bergbeklimmers hoog in de Alpen een stijf bevroren lichaam. Het lichaam ligt in het Ötzdal aan de rand van een gletsjer, vlakbij de grens van Oostenrijk en Italië. Oostenrijkse reddingswerkers bergen het lijk. Omdat de mummie compleet en gaaf oogt, denkt iedereen aan een recent verdwaalde man. Maar na koolstofdatering blijkt 'Ötzi' een extreem goed geconserveerde 5300-jaar oude jager uit de kopertijd. Hij stierf door een pijl die de slagader in zijn linkerschouder raakte. Omdat Ötzi op Italiaans grondgebied lag, is hij nu te zien in het Zuid-Tiroler Archeologiemuseum in Bolzano.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden