IJsland is nog niet uitgeziekt

Morgen is het vier jaar geleden dat de IJslandse premier Geir Haarde het bankroet van zijn land bekendmaakte. Maar het land bestaat nog en lijkt er weer bovenop te komen. Of is dat schone schijn?

In het centrum van Reykjavik lijkt iets van het goede leven langzaam terug te keren. Zelfs de Harpa, een megalomaan project dat werd opgezet toen IJslands gouden bergen tot in de hemel leken te reiken, is afgebouwd. De gigantische glazen concertzaal annex conferentieoord schittert in volle glorie vlakbij de haven. IJslanders en toeristen vergapen er zich aan de architectuur. Artiesten uit de hele wereld treden er op. Na de crash van de IJslandse economie lag de bouw ruim twee jaar stil. Nu is de Harpa een symbool voor de tijd van de overmoed én voor het herrijzende IJsland. "Vergeet het maar", zegt een kennis die bij de gemeente werkt. "De Harpa draait met enorm verlies en de vraag is hoe lang we dat nog kunnen bekostigen."

Vier jaar geleden trof de ineenstorting van de economie de IJslanders als een donderslag bij heldere hemel. Toch waren ze gewaarschuwd voor de nakende kreppa, zoals de crisis wordt genoemd. De bekende econoom Vilhjalmur Bjarnason voorspelde de teloorgang al in 2003 en trok geregeld aan de bel; alleen wilde (haast) niemand naar hem luisteren, laat staan hem geloven.

Terwijl de IJslanders hun gouden tijden vierden, stelde hij kritische vragen. Als oud-bankier en voorzitter van de bond van kleine investeerders weigerde hij de bankverslagen te geloven. "Ik werd voor idioot uitgemaakt als ik zei dat het een grote zeepbel was en dat de banken zouden klappen. De IJslanders geloofden liever hun president die door de wereld trok om onze nieuwe jonge ondernemers, de neo-Vikingen, aan te prijzen. Volgens hem was het iets erfelijks: IJslanders waren een vissersvolk dat geleerd had risico te nemen. Nou, hij heeft kennelijk nooit gevist. Mijn moeder komt uit een dorp waar ze leefden van de walvisjacht. Vissers zijn juist altijd enorm voorzichtig."

"Mijn eigen studenten deden volop mee", vertelt Vilhjalmur, die economie doceert aan de universiteit van Reykjavik. "De meesten zaten in het middenkader van het bankwezen, een enkeling aan de top. Iedereen wilde veel graantjes meepikken. Kijk, het probleem van IJsland is dat we een overgang hebben doorgemaakt van een traditionele vissers- en landbouwgemeenschap, naar een modern land. Een van onze weinige industrieën is het smelten van aluminium. Maar dat is niet aantrekkelijk, veel mensen zien dat als een vuile industrie. De financiële wereld, dat was pas groen, en je kon er geld verdienen. Nou, dat hebben we geweten!"

Vilhjamur zat op die beruchte zesde oktober 2008 net in de tv-studio in Reykjavik - hij behoort tot het vaste panel van een populaire quiz - toen premier Geir Haarde in een directe uitzending het volk toesprak. Hij kwam onzeker over, alsof hij de zaak niet onder controle had, leek zelfs niet helemaal coherent. Haarde kondigde noodmaatregelen aan om IJsland van de economische ondergang te redden. Als in een opwelling besloot hij met 'God zegene IJsland', alsof alleen God IJsland nog kon redden.

Vilhjalmur: "Je wist dat het mis zat toen hij zijn toch al onbegrijpelijke toespraak tot het volk besloot met die meest on-IJslandse zin denkbaar eindigde. We gebruiken die uitdrukking hier nooit. Ik was verlamd, het was nog veel erger dan ik had gedacht. Toen twee jaar later het rapport over de banken uitkwam, bleek het nog vele malen erger te zijn."

Marcel Mendes da Costa, een Nederlandse ondernemer in IJsland maakte, wat hij noemt 'de IJslandse gekte' van dichtbij mee. "Voor de crisis was hier alles mogelijk. Als je de juiste mensen kende, kon je alles gedaan krijgen. Iedereen kon grote huizen kopen en deed dat ook, en iedereen reed in die enorme SUV's. Geld werd gemaakt met geld. Je kon op een en dezelfde dag een bedrijf kopen en verkopen met honderd procent winst. De bank verstrekte gewoon alle leningen voor de volle honderd procent. De bedrijven die het hardst groeiden, waren allemaal gelieerd aan de banken, die ook weer onderling met elkaar verweven waren. Dezelfde investeerders waren tevens eigenaar van de banken, leenden zichzelf rijk en kochten ook nog allerlei bezittingen in het buitenland.

"De essentie van het bankwezen bestond uit het verstrekken van ongedekte leningen. En iedereen wilde voor de banken werken, want daar kon je goed geld verdienen. Vissers gingen ineens in de derivatenhandel, niet gehinderd door enige kennis. Eigenlijk waren er in 2006 al signalen dat het misging. De banken hebben er de regering toen van overtuigd dat er niks aan de hand was, en de regering heeft het volk overtuigd. De bank Icesave was alleen maar opgericht om geld aan te trekken, om in het buitenland spaarders te lokken met hoge rentes. Wat dat betreft heeft iedereen, ook in Nederland, boter op zijn hoofd."

Maar in september 2008 viel de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers om, de geldkraan droogde op en de IJslandse banken sleurden elkaar in hun val mee. Het eilandje met zijn 320.000 inwoners stond aan de rand van de afgrond.

Ook Olafur Isleifsson, professor in de economie aan de universiteit van Reykjavik, was die avond in de studio. "Mij viel de eer te beurt als eerste te reageren op die wollige rede van de premier met zijn 'God-zegene-IJsland'. Ik verkeerde in absolute schok. De val was zo totaal op alle gebieden: de banken, de valuta, ieder vertrouwen in wie of wat ook was weg. Ik herinner me dat ik die avond er vooral op gehamerd heb alles te doen om onze eigen mensen en onze echte economie te beschermen. Ik gebruikte een oude Vikingterm: we moesten een skjaldborg optrekken, een vesting van schilden, om ons land te redden."

IJslanders trekken niet snel de straat op, het klimaat werkt niet mee, maar na de crash stonden ze maandenlang, in de vrieskou, met pannen en deksels, voor het parlement om het vertrek van premier Haarde en zijn ploeg te eisen. Met succes. De regering viel.

In april dit jaar werd Haarde door een speciale rechtbank veroordeeld wegens nalatigheid in het voorkomen van de crisis. Hij is daarmee tot nu toe de enige politicus ter wereld die in verband met de kredietcrisis is veroordeeld - tot genoegen van veel IJslanders. Straf kreeg hij niet en op veel zware aanklachten, zoals het negeren van de voortekenen in 2006, werd hij vrijgesproken - tot ongenoegen van veel IJslanders.

De oud-premier was het prototype van de politici die het land jarenlang regeerden, een neo-liberaal die in de jaren negentig het privatiseren van de banken steunde en die als premier tot op het laatst zijn bankiersvrienden de hand boven het hoofd hield. Een speciale aanklager heeft inmiddels meer dan honderd dossiers aangelegd om de schuldigen aan de crisis te vervolgen.

Maar met vervolging van schuldigen is IJsland er nog niet bovenop. Naar schatting 20.000 gezinnen, een derde van de bevolking, bevindt zich nog altijd in de gevarenzone en is mogelijk niet in staat zijn schulden, vooral hypotheken, af te lossen. Ook al heeft de regering met een speciale maatregel besloten dat hypotheekschulden niet meer dan 110 procent van de waarde van het huis kunnen bedragen. Vilhjalmur noch Olafur kan zich vinden in de vele analyses in de internationale media, ook van prominente buitenlandse economen, dat IJsland zich wonderbaarlijk heeft hersteld en dat het land als voorbeeld kan dienen voor de ware crisisaanpak. In IJsland werden de banken niet gered en dat heeft gewerkt, zo luiden die commentaren. Het land kent nu weer groei, de werkloosheid daalt, de gierende inflatie lijkt beteugeld.

"Dat het een strategische aanpak was om banken te laten omvallen, klinkt mooi", meent Olafur, "maar we hadden helemaal geen keuze. We hadden de banken onmogelijk kunnen redden. Hun schuld was tien keer ons bruto nationaal product. Wat we eigenlijk hebben gedaan is dat we het nationale gedeelte van de banken hebben genationaliseerd en de buitenlandse delen failliet hebben laten gaan. Daardoor hebben we onze economie draaiende weten te houden.

"Economen en politici kunnen wel roepen dat het heel fijn was dat we konden devalueren, omdat we onze eigen krona hadden, zodat we onze industrie konden redden. Maar dat is een kwestie van de kip en het ei: als we die krona niet hadden gehad, maar de euro, waren we waarschijnlijk nooit zo diep gezonken.

Als je achteraf die zesde oktober beschrijft dan was het een neutronenbom op al onze financiële 'zekerheden'. Daarachter school gelukkig nog een echte economie: de visserij, de geothermische energie, de toeristenindustrie. We hebben zelfs een bizar soort geluk gehad, want de vissen zwemmen in steeds grotere getale onze kant op (waarschijnlijk door de klimaatveranderingen, red.). En door de crisis en de uitbarsting van de Eyjafjallajokull was ineens alle aandacht op ons gevestigd, en is het toerisme enorm toegenomen. Dat helpt. En natuurlijk hebben we de steun gehad van het Internationaal Monetair Fonds en de Scandinavische landen."

Volgens Olafur liegen de cijfers waarmee de regering nu goede sier maakt. "De werkloosheid is gedaald. Maar dat komt ook doordat veel mensen na de crisis naar het buitenland zijn getrokken, zo'n twee- tot drieduizend per jaar. Velen hebben de arbeidsmarkt verlaten, of zijn gaan leren, omdat ze geen werk konden krijgen.

"En dan zijn er de valutarestricties die de regering heeft ingesteld. Je mag niet zomaar geld naar het buitenland sturen. De pensioenfondsen moeten nu wel in IJsland investeren en dat leidt tot een kunstmatig opkrikken van onze economie. De vraag is wat er gebeurt als je die restricties weer opheft. Hangt ons dan niet een nieuwe crisis boven het hoofd?

Ook de hele kwestie Icesave is nog niet echt geregeld. Er loopt nog een zaak bij een Europees Hof waarin van IJsland wordt geëist dat het al het spaargeld zal terugbetalen. We zijn er nog lang niet, we leven onder een topzwaar besneeuwde bergtop, en die lawine kan nog naar beneden komen."

"De IJslanders hebben een enorme veerkracht en strijdlust", meent een iets optimistischer Mendes da Costa. "De Viking-mentaliteit. Ze zijn vaak hoog opgeleid, en vol ideeën. Het is een land met korte lijntjes, waar je snel iets gedaan krijgt, iedereen kent iedereen en ze leven veel meer met de dag. Wellicht heeft dat ze de crisis in geholpen, maar het helpt ze er misschien ook weer uit."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden