IJs met nedervanille?

Specerij Slechts in een paar tropische landen lukt het om de kostbare peulen te oogsten van de vanille-orchidee. Nederlandse telers en onderzoekers kijken nu of de specerij het in de kas wil doen.

De paprika's, tomaten en chrysanten in de kassen van de Wageningen Universiteit hebben er een exotische buurvrouw bijgekregen. In een van de ruimtes van het uitgebreide complex in Bleiswijk kronkelen de takken van de vanille-orchidee langs lange touwen omhoog. Aan enkele strengen hangen grote sperzieboonachtige peulen in trossen. Over een paar maanden zijn die rijp genoeg om te oogsten en te fermenteren. Dan veranderen de groene peulen in de bekende zwarte stokjes waarvan het merg voor magie in de keuken zorgt. Bakt heel Holland straks met deze nedervanille?

Wél als het aan Filip van Noort, gewasonderzoeker bij de Wageningen Universiteit, en Wilko Wisse, stafmedewerker van tomatenkwekerij Lans, ligt. Zij leiden een consortium van telers en wetenschappers dat onderzoekt of het mogelijk is om vanille in Nederlandse kassen te telen. De telers en wetenschappers wisselen kennis uit, ontwikkelen teeltprotocollen en onderzoeken of die teelt economisch haalbaar is.

Het initiatief voor de nedervanille komt van Filip van Noort die in 2012 wat stekjes uit Oeganda in de kas plantte. Inmiddels heeft hij daarvan al een paar keer kunnen oogsten. Hij laat een gefermenteerd vanillestokje ruiken. Het zoete, parfumachtige aroma roept meteen associaties op met ijs en cake. Toch zit in negen van de tien vanille-ijsjes geen echte vanille maar synthetisch vanillearoma. "Er is een schreeuwend tekort aan natuurlijke vanille", legt Wisse uit. "Er wordt jaarlijks een paar ton te weinig geproduceerd."

Daarom is het een van de duurste specerijen ter wereld. Onlangs leverde een kilo vanille nog zo'n 300 dollar op. Omdat het zo kostbaar is, kiezen veel grootverbruikers van vanille, waaronder Coca-Cola, voor het synthetische aroma.

Toch denken Wisse en Van Noort dat er een markt is voor nedervanille. "Er is steeds meer vraag naar natuurlijke, biologische producten", zegt Van Noort. "In Nederlandse kassen kun je biologische vanille produceren met een zo laag mogelijke voetafdruk. De kassen zijn tegenwoordig zeer energie-efficiënt en water wordt zoveel mogelijk hergebruikt. Bovendien komt er aan nedervanille geen kinderarbeid te pas."

Kinderarbeid

En dat is in Madagaskar, waar zo'n 90 procent van de wereldvoorraad vandaan komt, wel anders. De vanille groeit daar in het tropisch regenwoud en op plantages met schaduwdoeken. Het zijn vooral kleine boeren die vanille telen. Het bestuiven van de bloemen gebeurt met de hand. Een taak die nogal eens door kinderen wordt uitgevoerd. En dat alles voor een fooi. De winsten worden niet door de boeren maar in de tussenhandel gemaakt.

Wisse typeert het als een 'wilde markt'. "Omdat vanille zo kostbaar is, worden veel peulen van de plant gestolen. Dat gebeurt vaak voor ze echt goed rijp zijn. Daardoor is de kwaliteit enorm grillig." Daar komt nog bij dat door klimaatverandering en de recente El Niño de oogsten op het eiland wisselvallig zijn. Specerijeninkopers kunnen niet van een vast aanbod op aan. Even ergens anders vanille aanplanten is niet zo eenvoudig. Als de plant al aanslaat duurt het zeker tweeënhalf jaar voordat ze vruchten draagt. Veel boeren hebben geen zin om daar op te wachten.

"Groothandelaren hebben ons al laten weten dat ze erg geïnteresseerd zijn in ons project en er zelfs in zouden willen participeren", zegt Wisse. In de kas is het immers mogelijk om de omstandigheden voor vanille optimaal te maken en zo een gestage aanvoer te garanderen. Ook hoopt men met extra voeding het gehalte vanilline in de peulen op te voeren zodat er eerder kan worden geoogst. Onderzoeker Van Noort is daarmee aan het puzzelen. Hij wisselt kennis uit met een potplantenteler uit Nieuwe Wetering en een tomatenteler uit Dinteloord die ook experimenteren met vanille-orchideeën en meedoen aan het consortium.

Prinses op de erwt

Om het effect van voeding en water te testen op het eerder in bloei komen van de orchidee landen sommige luchtwortels van de planten in de Bleiswijkse kas bijvoorbeeld op een bedje van substraat en andere niet. Als Van Noort dat wil aanwijzen, komt er uit de sprinklers net een flinke stoot water zetten die een tropische regenbui nabootst. Dat wordt een sprintje naar de gang. "Met deze buitjes en zonneschermen creëer ik het diffuse licht waar de plant zo van houdt", zegt hij.

Want de vanille-orchidee is een prinses op de erwt, de omstandigheden moeten precies goed zijn. En dan nog is het niet gegarandeerd dat ze peulen produceert. "De bloemen bloeien maar zo'n zes uur", legt Van Noort uit. "In die zes uur wordt de bloem vaak genegeerd door insecten omdat er geen honing in zit. Bestuiven moet dus met de hand gebeuren. Dat is een precies karwei dat, afhankelijk van de bloeiperiode, ook weleens op onhandige tijdstippen moet gebeuren."

"De plant doet het evolutionair gezien niet zo goed", verzucht Wisse. Van Noort betwijfelt dat. "Of het is niet nodig om de bloemen aantrekkelijk te maken. Door takken op de grond te laten vallen, kan de orchidee zichzelf immers ook stekken. Aan de bloemen en peulen kleeft wel een suikerachtige vloeistof. Daarmee lokt de plant mieren om de bloemen te beschermen tegen luizen en andere lastpakken. Of dat bij de peulen ook zo werkt weten we nog niet."

Hoewel vanille peperduur is, is er nog weinig over de plant bekend. Daarom werken de Hogeschool Leiden en de Hortus Botanicus van Leiden ook mee aan het onderzoek. Van Noort: "Zij helpen ons te determineren of we de juiste soort te pakken hebben en leren ons meer over de biologie van de plant." Ook speuren Leidse studenten in Midden-Amerika - de regio waar vanille oorspronkelijk vandaan komt - naar nog onontdekte, productievere soorten. Daarnaast wordt op de Leidse Hogeschool onderzoek gedaan naar mogelijke medische toepassingen van vanille. Van Noort: "We weten dat vanilline antibacteriële eigenschappen heeft, het zou kunnen worden toegepast in medicijnen tegen de candidaschimmel."

Wisse: "Dat is het voordeel van Nederland. Bedrijven en onderwijsinstellingen wisselen hier kennis met elkaar uit. Zo kan de glastuinbouw grote slagen maken. Dat hebben we in het verleden met onder andere tomaten gedaan en wellicht straks ook met vanille."

Of nedervanille straks ook echt op de markt komt, is nog niet zeker. Naar verwachting zullen de aan het consortium deelnemende telers hier binnen een half jaar de knoop over doorhakken. Wisse: "De groothandel heeft al interesse getoond, dus we kunnen niet lang meer twijfelen. Het duurt immers zeker twee jaar voordat de planten oogstrijp zijn."

Behalve vanille staan er in de kas in Bleiswijk nog meer planten die specerijen produceren die vroeger in het ruim van de VOC-schepen lagen. Zo experimenteert gewasonderzoeker Filip van Noort van de Wageningen Universiteit er ook met de teelt van onder andere zwarte peper, cacao en planten voor de kleurstof indigo. Dit onderzoek vloeit voort uit het onderzoek naar de nedervanille. Van Noort: "Wij zijn continu op zoek naar nieuwe gewassen voor de Nederlandse glastuinbouw. Ik vind het een uitdaging om te kijken of het lukt om dure specerijen op Hollandse bodem te telen." Het consortium nedervanille en het hieruit voortvloeiende onderzoek naar planten met bijzondere inhoudsstoffen wordt betaald door de aangesloten telers en krijgt een zogenaamde PPS-subsidie afkomstig uit het topsectorenbeleid van de Nederlandse overheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden