IJdel vanaf het begin

IJdelheid blijkt van onze begindagen. Aanvankelijk zouden de eerste kralen 40.000 jaar oud zijn, tot in 2004 schelpversiersels opdoken van 75.000 jaar. Vandaag meldt Science dat de moderne mens zijn uiterlijk al dik 100.000 jaar geleden trachtte op te halen. Bewijs: drie slakkenhuizen, uit Israël en Algerije, met een gaatje erin.

Dat de pronkzucht vroeg heerste, denken de archeologen aldus te staven: de ’kralen' zijn ver van zee gevonden, te ver voor een reis op de wind. En de perforatie in de schelpen komt zelden voor. Moeder natuur weet vast niet hoe ze dat voor mekaar zou moeten krijgen. Nog iets: de drie kralen lagen tussen de mensenspullen en -botten.

Laten we de archeologen de ruimte gunnen voor hun gelijk. In 2004 doken in de Blombosgrot, bij Kaapstad, 41 schelpen op van 75.000 jaar terug. Allen hadden een gaatje op dezelfde plek, en ze werden in bosjes bijeen gevonden. De Blombos ligt 20 kilometer van de dichtstbijzijnde riviermond waarin Nassarius gibbosulus huist, een slakkie van een centimeter.

Mens én schelp in een grot bijeen, dan begint het grote gissen. Kralenkettingen? Daarbij zat op één wat oker: versierinkje? Een paar jaar eerder vond men in deze grot twee stukjes bekraste oker. Graveerkunst mocht het niet heten, maar zou het kunnen dat de abstracte geest toen al in de mens ontlook? En dat concluderen jullie uit die krasjes, klonk het schamper uit sceptische hoek.

Eerder al waren elders vier doorboorde schelpen gevonden, van 90.000 tot 100.000 jaar oud. Maar hier ontbrak van mensen elk spoor, dus golden ze niet als mogelijke kraal. Misschien zijn ze als verfpot gebruikt, suggereerden archeologen, want in één ervan zat ook oker.

Dan gaan we naar nu. De drie kralen zijn al in de eerste helft van de vorige eeuw geborgen. Twee komen uit de Skhul-grot, 3 kilometer ten zuiden van Haifa (Israël), en de andere van de vindplaats Oued Djebbana, in Algerije. De Skhul-schelpen lagen in een Londens museum, de andere in een museum in Parijs. Dan moet je op je hoede zijn, want erg subtiel hanteerde de archeoloog zijn schop nog niet in de jaren dertig. Waar en hoe zijn die schelpen gedolven?

De afzetting op één van de Skhul-schelpen komt overeen met die van sedimentlagen in de grot, waarin ook botten van de moderne mens zijn aangetroffen. Bij Oued Djebbana doken bovendien ’geavanceerde’ gereedschappen op. Kortom, hier bevonden slakkenhuis en mens zich in elkaars nabijheid.

Daarmee is de schelp nog geen kraal. Maar de vinders zetten zich schrap in Science: door natuurlijke oorzaken konden die dingen nooit zo ver uit de slinger geraken. Tijdens de vorming van het sediment lag Skhul zeker 3 kilometer van zee, Oued Djebbana minstens 190. De slakkenhuizen zijn prima geconserveerd, wat het onwaarschijnlijk maakt dat een storm ze er bracht. En dan moesten er meer liggen.

Verder zeult geen dier zulke slakken zo ver over land. Een lekkernij voor de mens misschien? Kom nou, kaatsen de archeologen, per slak mag je rekenen op 4,8 gram vlees, en het eruit peuteren kost een halfuur. Nog belangrijker: het kralenoog zit bij alle schelpen op dezelfde plek, en zo’n gaatje zie je bij hooguit een paar procent van de moderne varianten van deze slak.

Zo stapelen de bewijsjes zich op tot een zekerheid: de moderne mens droeg al versiersels vóór hij vanuit Afrika uitwaaierde over Azië. Zekerheid? Nou ja, misschien doorboorde homo sapiens de schelp niet zelf, maar vond hij ze tussen die paar natuurlijk geperforeerde. Daar willen de archeologen vanaf wezen.

Voor hen staat vast dat de vroege mens op het huisje van Nassarius viel. Op vindplaatsen in Turkije kwamen 40.000 jaar oude exemplaren te voorschijn, in Blombos oudere, en nu in Israël en Algerije nog oudere, al staat de datering van Algerije ter discussie: 35.000 of 90.000 jaar?

En het zijn allemaal slakkenhuizen van dezelfde slak. Pleit dat voor of tegen de kraalinterpretatie? De archeoloog denkt vóór, de cynicus zegt dat er dan blijkbaar vanuit Skhul een prehistorische telex naar Blombos is gegaan, en vandaar naar Turkije. Heeft de wind die schelpjes van een paar gram niet de grotten ingeblazen? „Oh nee!” „Ja, hoor!” „Oh, nee!” Dit duurt nog even.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden