Iedereen scheidt plastic, niemand weet waarvoor

(Trouw)

Steeds meer gemeenten willen af van de vóór-scheiding van plastic uit huishoudelijke afval. Wat moeten al die gezinnen met nóg een containertje op driehoog-achter?

Het afval is al door twee grote centrifuges gegaan, een met grote gaten en een met kleine. Reuzenstofzuigers hebben vervolgens het lichte materiaal als papier weggevoerd, en grote magneten droegen zorg voor de verwijdering van metaal. Maar dan nu de vraag: hoe kan het plastic worden gescheiden van het restafval dat straks naar de biogasinstallaties gaat?

Bij afvalverwerker Omrin in het Friese Oudehaske, bij Heerenveen, denken ze het antwoord op die vraag te hebben gevonden. Het restafval mét plastic wordt op een volgende lopende band gestort, en komt op een schuine wand van losse bewegende panelen terecht. De slappe plastic tasjes en zakjes ’kruipen’ door de bewegingen naar boven, terwijl plastic voorwerpen als flacons en flesjes juist naar beneden rollen. Daar, aan het einde van de lopende band, herkennen 64 infrarood-cameraatjes de verschillende soorten plastic, waarna ze met een spuitmondje van de band worden geblazen.

Terwijl de huishoudens in de meeste Nederlandse steden en dorpen er sinds kort weer een containertje voor plastic bij hebben, of hun lege kunststof flessen en flacons naar een inzamelpunt moeten brengen, is er voor dertig Friese gemeenten helemaal niets veranderd. Ze mogen hun plastic afval gewoon in de vuilniszak kieperen, en de wagens van de Omrin – Fries voor ’kringloop’ – halen ze op.

Volgens Sape Jan Terpstra van Omrin plukken de Friezen de vruchten van de bedrijfsfilosofie die hier in dertig jaar is opgebouwd. ,,Omrin is het gezamenlijke afvalverwerkingsbedrijf van Friese gemeenten, en verzorgt ook de inzameling voor zeventien daarvan. Daardoor was sprake van een stabiele, gegarandeerde levering, konden investeringen worden gedaan en een duurzame sluitende Friese ’verwerkingsketen’ worden gevormd.”

Terpstra: „In 2002 hadden we hier al een scheidingsinstallatie, waar organisch afval, metaal en kunststof uit het restafval worden gehaald. Zestig procent van het restafval wordt voor hergebruik gescheiden. Van het organisch afval wordt 17 miljoen kub biogas per jaar geproduceerd, waarmee we de grootste producent van Nederland zijn. Het restafval verbranden we vanaf 2011 in de installatie Harlingen, die nu op verzet stuit bij de bevolking. Terwijl deze verbrandingsoven zeer klein is, en maar liefst 85 procent in plaats van 25 procent rendement zal kennen. Er wordt namelijk direct warmte geleverd aan de naastgelegen zoutfabriek van Frisia. Voor deze fabriek betekent dat weer besparing van 75 miljoen kuub aardgas en een CO2-reductie van 140.000 ton.”

Wat Terpstra maar wil zeggen: Omrin is dan wel de zevende afvalverwerker van Nederland, zijn succes is juist dat hij een gesloten regionale ’kringloop’ heeft opgebouwd. Hij probeert groot te zijn, ín Friesland.

Die ervaring speelde een rol toen de scheiding van plastic afval in discussie kwam. Sinds 1 januari 2010 moeten alle gemeenten het plastic apart verwerken. Verreweg de meeste kozen voor bron-scheiding: de burger zelf moet het plastic sindsdien uit het restafval houden.

„In Friesland niet. Met een aantal aanpassingen konden wij onze scheidingsinstallatie gereedmaken voor het verwijderen van plastic uit het totale afvalaanbod”, zegt coördinator Duurzaamheid Aucke Bergsma van Omrin. ,,Het past helemaal in onze filosofie. We zijn gewoon nog specifieker gaan sorteren.”

Na de scheiding gaat het plastic afval voor verwerking naar Duitsland, waar ook het Nederlandse plastic dat aan de bron wordt gescheiden naar toegaat.

Bergsma werpt een blik op de monitor waarop de ’zuiverheid’ van de plasticscheiding staat aangegeven. Met de computer kunnen de soorten kunststof worden ingesteld die van het afval moeten worden gescheiden. Een enorme laadschep vult in de tussentijd de mond van de machine met nieuw afval.

24 Limburgse gemeenten zouden willen dat ze zo’n installatie als die van Omrin hadden. Ze voelen niets voor bronscheiding, en hebben daarom een beperkte proef met nascheiding uitgevoerd. Het achteraf scheiden van plastic uit het afval is efficiënter en veel goedkoper dan het laten scheiden van plastic door burgers zelf, is de uitkomst. Het achteraf scheiden van plastic bespaart de gemeenten bijna 6 miljoen euro, zegt wethouder Jan Bormans van de gemeente Gulpen-Wittem.

Een deel van de besparing zit in het drogen van het afval door de verwerkingsmachine, waardoor afval simpeler te scheiden is en er minder verbrand hoeft te worden. Verder levert deze methode ook meer kilo’s ingezameld plastic op. Terwijl de burgers volgens Bormans niet zelf een ’mini- milieupark’ hoeven in te richten.

Intussen hebben ook Rotterdam en Assen aangegeven te voelen voor nascheiding, terwijl Amsterdam het afval liever integraal verstookt in een splinternieuwe ’milieuoven’ die overcapaciteit kent. Zonde om te scheiden, denken ze daar.

Wat opvalt is dat veel gemeenten automatisch de inzamelingsverplichting – die per 1 januari geldt – bij de burgers hebben gelegd. Zo’n 350 gemeenten hebben van hun burgers plastic heroes gemaakt, tegen wil en dank. Nascheiding leek lange tijd geen optie. „We hebben het gevoel”, zegt Terpstra van Omrin, „dat we deze discussie bij de trekhaak hebben kunnen pakken, en dat we via de kofferbak en de passagiersstoelen nu pas richting stuur gaan. Waarom mochten wij niet gewoon meerijden? Met nascheiding zijn wij zeker zo effectief en behalen we hetzelfde resultaat als de bronscheiders.”

Dat valt nog te bezien, zegt Robbert van Duin van Recycling Netwerk, waarin de drie grote milieuorganisaties met de overheid meepraten over de afvalproblematiek. „Het probleem met de scheiding van plastic is dat we letterlijk niets weten. Terwijl glas toch een eenduidig materiaal is, zijn er drie bakken nodig willen we dat kunnen hergebruiken. Er is wit glas, er is bruin glas en er is groen. Maar er zijn tientallen soorten kunststof, waarin allerlei toevoegingen zijn verwerkt als weekmakers, hardmakers, noem maar op. Wil je op het gebied van plastic een zuivere afvalstroom creëren, die als grondstof kan dienen voor een nieuw product, dan is er nog een lange weg te gaan. Van vervuild plastic kunnen we alleen van die zwarte paaltjes maken, die in de plaats komen van houten. De milieuwinst is dan natuurlijk zeer beperkt.”

Laten we wel wezen, gaat Van Duin verder, we zijn op dit moment allemaal druk met plastic inzamelen, maar we weten niet wat er met die flessen en flacons in de plastic heroes-bak gebeurt. „Zelfs minister Cramer van milieu heeft geen idee. Zij is nu nog bezig de beperkte resultaten van 2008 te verzamelen. Ze kon de Kamer daarover in december niet informeren, en moest beloven uiterlijk deze maand de cijfers te presenteren. Ik vermoed dat de resultaten van 2009 pas na de verkiezingen van 2011 openbaar worden; áls ze dat al worden. Hoeveel plastic wordt ingezameld, wat levert voor- en nascheiding op, wat wordt hergebruikt, wat wordt ervan gemaakt, wat is de milieuwinst? Daarover kunnen ze ons als belastingbetalers en inzamelaars toch wel informeren?”

Volgens de woordvoerder van Recycling Netwerk zit Nederland opgescheept met de erfenis van toenmalig staatssecretaris van milieu Van Geel, die in 2005 de discussie over de omstreden invoering van statiegeld voor plastic flesjes ’over de schutting gooide’ en de regeling aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de verpakkingbranche overliet. „Daardoor is een regeling ontstaan, die onduidelijk is, en geen sancties kent. Amsterdam verbrandt het plastic, en niemand die er wat aan doet.”

Van Duin denkt uiteindelijk niet dat heel Nederland overgaat op de `voor-scheiding van plastic, of op na-scheiding. „We willen in ieder geval niet dat er een soort Ajax-Feyenoord-strijd in afvalland ontstaat, zegt Terpstra van Omrin. „Iedere gemeente moet een passend antwoord vinden.”

Van Duin is het daarmee eens. „In ieder geval zullen we meer werk van de statiegeldregelingen moeten maken. Ook voor kleine frisdrankflesjes en plastic melkcontainers zal statiegeld betaald moeten worden. Dat is een bewezen methode die een heel schone afvalstroom oplevert. Daar kun je tenminste wat mee.”

Aanvullend zal volgens Van Duin in de helft van Nederland waar zich de meeste steden bevinden, na-scheiding moeten worden toegepast. Terwijl landelijk Nederland letterlijk de ruimte heeft om aan de bron te scheiden. De vraag is of ze daar in Friesland blij mee zijn.

(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden