'Iedereen moet het begrijpen'

Voor het eerst presenteert verzamelaar Bert Kreuk werken uit zijn collectie hedendaagse kunst. Met een uitleg voor de niet-kenners.

Als kunstverzamelaar is Bert Kreuk een autodidact. Daardoor weet hij hoe het is om in een museum of galerie naar een kunstwerk te kijken en 'geen idee' te hebben wat het voorstelt, of wat de kunstenaar ermee bedoelt. En daar vervolgens ook niets wijzer over te worden, omdat tekst en uitleg ontbreken. "Zo'n intellectuele expositie die alleen maar begrepen wordt door de kunstenaar en de curatoren. Dat vind ik dus helemaal niks!"

En daarom moest er beslist een toegankelijk boekje komen bij de expositie die hij als gastcurator heeft gemaakt voor het Gemeentemuseum Den Haag. Daar presenteert Bert Kreuk (1964, Capelle aan den IJssel) voor het eerst de belangrijkste werken uit zijn collectie hedendaagse kunst. Hij schreef zelf de teksten voor het handzame boekje. "Ook mensen die niets weten van hedendaagse kunst en afhaken bij conceptuele kunst, moeten kunnen begrijpen waar het over gaat. Het is misschien geen gemakkelijke kunst, maar ik maak het door mijn boekje wel laagdrempeliger. Ik denk dat uiteindelijk 99 procent naar huis gaat met het gevoel dat ook dit soort kunst wel iets heeft."

Luchtvaartindustrie
Het levensverhaal van de in Florida woonachtige Bert Kreuk heeft wel iets weg van dat van de krantenbezorger die miljonair werd. Na de meao in Rotterdam ging hij werken, maar al snel besloot hij voor zichzelf te beginnen. In Hongkong bouwde hij een bloeiend toeleveringsbedrijf op voor de luchtvaartindustrie. "Twintig jaar heb ik alleen maar gewerkt. Kunst kijken was mijn enige ontspanning." Die belangstelling voor kunst kreeg hij niet van huis uit mee. "Mijn oom Theo nam me mee naar museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam om naar B. C. Koekkoek te kijken, de romantische landschapsschilder. De romantische school heb ik allang achter me gelaten, maar dankzij oom Theo ben ik me wel gaan verdiepen in kunst. Nog steeds gaan we regelmatig samen naar kunst kijken. Als ik in Nederland ben, logeer ik altijd bij hem."

In 1995 kocht hij zijn eerste kunstwerk: een schilderij van twee dolfijnen. "Ik zou dat nu niet meer kopen, maar ik houd het wel, omdat het laat zien waar ik begonnen ben." Nadat hij zijn bedrijf had verkocht, kon Bert Kreuk het zich permitteren om zich bijna fulltime aan kunst te wijden. Zijn collectie, waarin de Amerikaanse kunst sterk is vertegenwoordigd, telt inmiddels bijna 800 werken van bekende kunstenaars als Piet Mondriaan, Christopher Wool, Willem de Kooning, Luc Tuymans, Damien Hirst, Jeff Koons en Peter Doig. Daarnaast richt Kreuk zich op opkomende talenten als Matias Faldbakken, Danh Vo, Matthew Day Jackson en Kaari Upson. Zijn ambitie is om een collectie van wereldformaat samen te stellen en die ook te tonen. Zijn topstukken leent hij zoveel mogelijk uit aan musea over de hele wereld. Zo kreeg museum Boijmans vorig jaar een kostbaar kunstwerk van Jeff Koons in bruikleen: een gigantisch paasei van roestvast staal van tweeduizend kilo.

Opvallend is dat Kreuk nooit gebruik maakt van adviseurs bij zijn aankopen. "Helemaal in het begin heb ik dat een keer gedaan. Bleek die man commerciële belangen te hebben bij de kunstenaar die hij aanprees." Hij gaat af op zijn eigen smaak en instinct. Een kunstwerk moet hem 'binnen vijf seconden' intrigeren en niet meer loslaten. Een ander criterium is dat hij het niet associeert met werk van een andere kunstenaar. Het moet authentiek zijn. De volgende stap is dat hij zich verdiept in de kunstenaar en op atelierbezoek gaat. "Essentieel is dat ik begrijp wat de kunstenaar wil uitdragen. Het hoeft niet alleen een mooi plaatje te zijn, het gaat mij om het idee erachter, wat de kunstenaar te vertellen heeft. Dat moet prikkelen, ontregelen."

Acht jaar geleden deed hij de 'bevrijdende' ontdekking, vertelt hij, dat kunst meer is dan een letterlijke weergave van de werkelijkheid of een direct herkenbare emotie. "Heel veel kunstenaars hebben een persoonlijke, sociale of politieke boodschap. Maar als die alleen bedoeld is om te shockeren of omdat die goed in de markt ligt, haak ik af. Over tien of twintig jaar moet het ook nog boeien. Uiteraard praat ik ook veel met kunsthandelaren, curatoren en museumdirecteuren. Maar uiteindelijk moet ik er zelf een goed gevoel bij hebben."

Eigen museum
Is deze tentoonstelling ook een vingeroefening voor een eigen museum? Kreuk: "Ik denk erover na, maar het is nog te vroeg. Ik wil wel een eigen plek, maar een museum alleen maar voor mijn eigen collectie is me te statisch. Het moet in verbinding staan met andere musea. En het moet ook kunnen blijven draaien zonder mijn input."

Maar als het museum er komt is dat in Nederland, en niet in Amerika. "Ik kan hier nog echt iets toevoegen. Op het gebied van de hedendaagse kunst van de afgelopen twintig jaar hebben de Nederlandse musea de boot gemist. Ze waren te laat met aankopen en nu is het werk van kunstenaars als Koons en Hirst voor musea onbetaalbaar geworden. Dat zijn de kunstenaars op wie ik me heb gericht."

In Nederland heeft Kreuk goede contacten met onder meer het Haags Gemeentemuseum, museum Boijmans in Rotterdam en Dordrechts Museum. "Daar hebben we over en weer baat bij. Mijn kunst moet gezien worden. Ook wil ik de opkomende talenten in mijn collectie, die in Nederland nog onbekend zijn, graag promoten in een museum. Op mijn tentoonstelling in Den Haag laat ik zien dat daar ook de toekomstige Willem de Koonings bij zitten."

Omgekeerd profiteren musea van zijn netwerk, zegt Kreuk. "Als ik een gerenommeerd Amerikaans museum een werk uitleen vraag ik als tegenprestatie of zij bijvoorbeeld iets willen uitlenen voor een expositie in Dordrechts Museum. Normaal zou zo'n transactie niet haalbaar zijn voor dat museum. Nederlandse musea kunnen op dit punt veel leren van Amerika. Daar staan musea meer open voor verzamelaars en zijn ze sterker naar buiten gericht. In Nederland is de boel nu wel aan het schuiven, ook onder druk van de bezuinigingen. De museumdirecteuren in Rotterdam, Den Haag en Dordrecht staan er echt voor open."

Als beeldmerk voor zijn expositie koos Kreuk het werk Alphabet van de Vietname kunstenaar Danh Vo. Het is een met bladgoud bewerkte uitgevouwen kartonnen doos. Typisch zo'n conceptueel kunstwerk waarvan je zonder uitleg niets begrijpt. Kreuk: "Ik heb het gekozen, omdat het illustratief is voor mijn eigen ontdekkingsreis door de kunst."

Wat is het verhaal achter deze kartonnen doos van kunstenaar Danh Vo (Saigon, 1975)? Kreuk: "Danh Vo werd op 4-jarige leeftijd als bootvluchteling opgepikt door een Deens schip. Zijn culturele achtergrond speelt een belangrijke rol in zijn werk. Hij bewerkt gebruikte dozen uit Vietnam met bladgoud. Daarmee worden in Zuidoost-Azië symbolisch geladen, geheiligde voorwerpen en plekken gemarkeerd. Hij heiligt de dozen en verzoent de harde realiteit van toen met de artistieke idealen van nu. Elke doos krijgt een letter uit het alfabet dat sinds 1802 standaard is in de maritieme wereld. De handel tussen het Westen en Azië kwam in een stroomversnelling en maakte de kolonisatie mogelijk."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden