Iedere samenleving heeft een gedeeld repertoire van waarden en overtuigingen nodig

Zwarte Piet in het museum Van Loon. Beeld ANP

Soms kan ook ik rond de pietenkwestie enige ergernis niet onderdrukken. Zoekt Nederland hard naar een aanvaardbare oplossing voor iedereen, blijven sommigen toch tamboereren op totale uitbanning, en wel nu! Daarvoor wordt desnoods de wereldopinie gemobiliseerd via een CNN-documentaire die wel begrip vraagt voor de weerzin die Piet oproept, maar zelf voor de Pietenverdedigers weinig begrip over heeft. De een zal er een zekere hypocrisie in zien, de ander de aloude Amerikaanse hebbelijkheid zichzelf tot maat te maken voor de rest van de wereld.

Ik vermoed dat dat soort ergernissen ten grondslag ligt aan het opiniestuk van het CDA-kamerlid Pieter Heerma, eerder deze week in Trouw. Sinterklaas wordt in dat stuk alleen indirect genoemd. 'Tradities moeten niet langer worden gezien als iets van een xenofobe bevolkingsgroep, dat je moet kleineren of stukmaken,' aldus Heerma. De bijgevoegde foto toont de Goedheiligman wel in vol ornaat - maar zonder Piet. Hij wordt vergezeld door de uit Marokko afkomstige Baba Achour, zo blijkt uit het bijschrift.

'Leidende cultuur'
Heerma verzet zich tegen een dergelijk multiculturalisme. 'Onze samenleving is gegrond op waarden en normen uit de joods-christelijke traditie,' zo begint zijn stuk. Daaruit is een cultuur ontstaan die 'leidend' is - en dat moet blijven, willen mensen in Nederland weten waar ze aan toe zijn. Wanneer die structuur afbrokkelt, verdwijnt ook het besef van gemeenschappelijke verantwoordelijkheid om plaats te maken voor rechten-zonder-plichten, aldus Heerma.

Helemaal onzinnig is dat pleidooi niet. Een samenleving kan het niet stellen zonder een door ieder gedeeld repertoire van waarden en overtuigingen. Ook de Verenigde Staten, het immigratie- en smeltkroes-land ter wereld, kan dat niet. Dé waarde is daar 'America' zelf, uitgevent met een onbeschaamd patriottisme - dat de rest van de wereld wel eens teveel wordt.

Maar er zit een vreemde draai in Heerma's pleidooi. Want hoe vanzelfsprekend is het eigenlijk dat onze samenleving gegrond zou zijn op de 'joods-christelijke' traditie? Het minste wat je daarvan kunt zeggen is dat die traditie kennelijk zelf niet een breukloos blok is. Ze kan zichzelf alleen maar benoemen met een samengesteld woord, wijzend naar verschillende tradities.

Dat woord is bovendien tamelijk recent. Het werd in de jaren zestig populair in theologische en kerkelijke kringen. Daarvóór zou menigeen er vreemd van hebben opgekeken. 'Joods' en 'christelijk' vormden eeuwenlang de maatschappelijke tegenstelling bij uitstek.

'Niet islamitisch'
Het zou daarna nog verscheidene decennia duren voordat dat woord buiten geloofskringen ingang zou vinden als omschrijving van de Nederlandse cultuur. Wrang genoeg vooral om daarmee een nieuwe maatschappelijke tegenstelling uit te drukken. Nu betekende het: vooral niet islamitisch! Geert Wilders mag die uitdrukking graag in de mond nemen.

Ook Heerma lijkt zich er niet van bewust te zijn daarmee een paard van Troje te hebben binnengehaald. Niet alleen is de Nederlandse leidcultuur niet één en ondeelbaar. Uit de lotgevallen van dat woord blijkt bovendien duidelijk hoe veranderlijk die cultuur wel niet is - zonder dat ze daarbij haar eigen karakter hoeft te verliezen.

Geen naoorlogse periode heeft dat in Nederland zo helder laten zien als de jaren zestig, waarin Amerika plotseling van een bevrijdersnatie veranderde in een imperialistische mogendheid en binnenslands elke waarde en autoriteit op de helling leek gezet. James Kennedy heeft beschreven hoe die ontwikkelingen van hogerhand werden geabsorbeerd. De autoriteiten (nu Heerma's 'kosmopolitische elite') bewogen min of meer soepel met de contestatie mee en ook toen werd dat wel 'karakterloos' genoemd.

'Repressieve tolerantie'
Maar juist zo bleef onder het woelige oppervlak veel stabiliteit bewaard, aldus Kennedy. De protestgeneratie noemde het, met dank aan de filosoof Herbert Marcuse, 'repressieve tolerantie' en werd daardoor in feite ontwapend. Het was, bewust of onbewust, de les die de Italiaanse schrijver Tomasi di Lampedusa in zijn roman De tijgerkat één van zijn personages aan het eind van de jaren '50 al in de mond legde: "Alles moet veranderd, opdat alles hetzelfde blijft."

Een leidcultuur die zichzelf opsluit in haar eigen eeuwigheid, maakt het niet lang en getuigt bovendien niet van veel zelfvertrouwen. Veranderingen schuren altijd en verlopen zelden zonder ergernis - maar dat is niet erg. Het zet een rem op het transformatieproces, zodat de leidcultuur zichtbaar kan blijven in de traagheid daarvan. Dwaasheden horen daar net zo goed bij als irritatie, maar uiteindelijk zijn dat oppervlakteverschijnselen. Of Zwarte Piet historisch nu wel of niet een slaaf was, maakt uiteindelijk niet uit - en zelfs niet of Sinterklaas soms ene Baba Achour naast zich heeft zitten.

Schadelijk is alleen de scherpte van de controverse. De haatmails jegens de aanklagers van Zwarte Piet zijn al net zo onbehulpzaam als het lichtvaardige verwijt van racisme dat mensen nodeloos in de gordijnen jaagt. Ik weet het: zo gaan die dingen nu eenmaal. Ook de ergernis over heethoofden en dwazen moeten we verkroppen. Maar de beschaving gaat daarmee nog niet ten onder. Die verkropping is er misschien wel de redding van.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden