Ieder vakantiepark krijgt z'n eigen smoel

Een 'gewoon' vakantiepark loopt niet meer vanzelf vol: luxe én origineel moet het zijn. Annette Wiesman probeerde Landals 'Ooghduyne' uit.

Ze zijn stoer en sober, de tachtig strandhuisjes op het strand van Ooghduyne ten zuiden van Den Helder. Hoog houten plafond, praktische zithoek met keukenblok, badkamertje, slaapplaats voor vier en grote glazen pui naar het verhoogde privéterras. Geen tierelantijnen, maar met de zee voor de deur is dat ook niet nodig. Helaas staat op het moment van ons verblijf in Ooghduyne dagenlang een gure, stormachtige westenwind die golven met schuimkoppen tooit en het zand over duinheuveltjes striemt. De meeste privéterrassen blijven leeg. Vanaf mijn bank zie ik mensen met gebogen rug de storm trotseren, capuchon op. Maar er doen zich ook tafereeltjes voor die zó uit een tv-commercial lijken te komen: een vader en twee identiek geklede peuters die vol overgave zeedijken bouwen langs de vloedlijn. En als 's ochtends de zon door de open deur van mijn slaapkamertje schijnt, adem ik de zilte zeelucht in en hoor ik de branding ruisen.

Niet iedereen houdt van de Landals, Center Parcs en Roompotten van deze wereld. Vaak is er een haat-liefdeverhouding. Aan de liefdeskant staan de doorgaans prima prijzen, de schone huisjes met voldoende comfort. Aan de haatzijde boeken we het gevoel dat we in een parallelle, met watten beklede werkelijkheid zijn beland.

Toen onze kinderen nog klein waren, merkte ik vaak tot mijn frustratie dat we de hele week nauwelijks van het terrein af kwamen, schitterende omgeving of niet. Het is als zitten op een bank die zó zacht is dat je er niet uit overeind kunt komen. Binnen twee dagen verwordt het cirkeltje zwembad-restaurant-speeltuin-springkussen-winkeltje-restaurant tot een sleur. De onvermijdelijke mascottes die de kinderen een permanent animatieparadijs beloven, maken het plaatje af.

Dat vakantieparken wisselende emoties oproepen, merkt ook architectuurhistorica Mieke Dings, die bezig is met een boek over de ontwikkeling van het Nederlandse vakantiepark. "Sommige kennissen reageren enthousiast op het onderwerp, anderen kijken me meewarig aan. Mijn architectenvrienden gaan bijvoorbeeld niet zo snel naar een vakantiepark." Te massaal, te consumentistisch, is het oordeel.

Desondanks is waarschijnlijk nergens in Europa de vakantiehuizendichtheid zo groot als in Nederland. Die populariteit heeft te maken met ons kostenbewustzijn, aldus Dings: zelf koken is goedkoper dan dineren in een hotel. En een huisje is ook makkelijker voor een gezinsvakantie. Parken hebben ook altijd gecompenseerd voor het gebrek aan groen in de eigen woonomgeving. In haar boek, dat volgende maand verschijnt, schetst de historica de opkomst van dit zeer Nederlandse fenomeen. Waar in de vroegste fase (tussen 1920 en 1960) vakantieparken nog veredelde tentenkampen waren, gelegen in de natuur zodat de ontwortelde stadsmens tot rust kon komen, werd in de twee volgende decennia het democratiseringsideaal belangrijk: iedere Nederlander moest kunnen genieten van een tweede huisje met tuin. 'Beter dan thuis' was een veelgehoorde slogan.

Daarna vond een ware vakantiehuizenexplosie plaats. Niet alleen nam de concurrentie toe (kent u Sporthuis Centrum, Vendo- rado en Gran Dorado nog?), ook vertrokken steeds meer vakantiegangers naar het buitenland. Het grootse spektakelpark met tropisch zwemparadijs was het antwoord hierop, met Center Parcs als de belangrijkste vertegenwoordiger.

Inmiddels is de concurrentie verder verhevigd, want vakantieparkbezoek spreekt niet meer vanzelf. De markt is overvol, veel vakantieparken staan te verpieteren. Was de bezettingsgraad bij Center Parcs in de jaren tachtig maar liefst 98 procent, nu is die teruggevallen naar rond de 70 procent. Moe zijn we van de kunstmatige tropische zwemparadijzen, we willen ons laven aan het échte buitenleven. "Terug naar de natuur, maar dan anders", typeert Dings de huidige trend. "In de begintijd van het vakantiepark was de natuur rond de huisjes een vanzelfsprekend basisingrediënt. Nu wordt zij ingezet als belevings- en marketinginstrument."

Bij de strandhuisjes in Ooghduyne hebben ze precies de juiste snaar geraakt. Ten eerste is de natuur hier in alle hevigheid aanwezig. Ook fijn is dat we ons hier een flink eind buiten de officiële Landalpoorten bevinden. De tocht naar de receptie kost, stevig doorlopend, een dik half uur. Strandtent Paal 6 is dichterbij dan het Landalrestaurant.

De strandhuisjes lopen als een speer, zegt commercieel directeur van Landal GreenParks Erik van Essen. Samen met Waterpark Terherne aan het Sneekermeer heeft dit park de hoogste klantenwaardering van de 51 parken die Landal in Nederland uitbaat. "Dat heeft natuurlijk in de eerste plaats te maken met de schaarste van dit soort plekken", zegt Van Essen. Maar ook met de gastvrijheid, die volgens hem 'ultiem in orde' is.

Unieke plaatsen, daar gaat Landal de komende jaren meer op inzetten, ook in het buitenland. Gasten zullen steeds meer worden aangemoedigd om er in de nabije omgeving op uit te gaan. Niet naar een pret- park of dierentuin, maar naar een ambachtelijke bierbrouwerij, de lokale kaasmakerij of een zeilkotter op de Waddenzee. "Dat zijn de dingen waarvan ze later zeggen: dat hebben ze bij Landal geinig georganiseerd." Kostenbewustzijn is niet meer zaligmakend. In de keiharde strijd om de veeleisende klant is ook luxe een wapen. Op een aantal parken biedt Landal luxe accommodaties aan met sauna, jacuzzi en dure bedden. Van Essen wil vooral inspelen op verschillende doelgroepen. "Gezinnen blijven de hoofdmoot, maar we differentiëren steeds verder. Parken met babyzwemmen voor ouders met jonge kinderen, parken met skiën en strandzeilen voor pubers. Sommige ouderen willen sober en simpel, andere luxe." Jonge, sportieve levensgenieters komen aan hun trekken in De Sluftervallei op Texel, een park waar de nagelnieuwe bungalows licht en hip zijn ingericht. Toppunt van specialisatie: bungalows voor hondenbezitters.

Ook Center Parcs wil af van de al te uniforme uitstraling; de verschillende parken moeten een eigen gezicht krijgen en de accommodaties meer variatie. Bij de Kempervennen en de Eemhof zijn woonboten te huur, in twee parken over de grens kun je slapen in een boomhuisje.

Maar uiteindelijk is standaardisering ook in Ooghduyne onvermijdelijk. Boven de bank van ieder strandhuisje is, als een mantra, hetzelfde sentimentele gedicht geschilderd. Dromen over het strand / Dromen over de zee / En als ik weer naar huis ga / neem ik al mijn dromen mee.

Waarom niet in ieder huisje een ander gedicht? Wij bedachten er alvast een voor het onze: Hé / Zee!

Mieke Dings: Tussen tent en villa. Het vakantiepark in Nederland 1920-nu.

undefined

Strandhuisjes

Wat: Landal Beach Resort Ooghduyne (villa's, appartementen en strandhuisjes; golfbaan)

Waar: Julianadorp aan Zee, 8 km ten zuiden van Den Helder

Kosten: Week 895-980 euro ; weekend 570-805 euro (aug-okt 2015).

www.landal.nl/ooghduyne

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden