IEDER LEEST VOLGENS EIGEN BEZIELING, ALS HET GOED IS

Een boek tippen, het blijft een hachelijke onderneming. Want wie bepaalt wat er prachtig, virtuoos, ontroerend of interessant is? Uiteindelijk oordeelt de lezer zelf wat hij of zij van een boek vindt. Toch heeft de boekenredactie van Trouw aan enkele vaste recensenten gevraagd welke vijf boeken naar hun oordeel tot de beste van 1992 behoren. Omdat het straks weer Sinterklaas wordt, en het Kerstfeest met rasse schreden nadert.

De man die elke dag een minicolumn schrijft op pagina 1 van NRC Handelsblad, Koos van Zomeren, is een meester in het beschrijven van de natuur. Hij heeft er zijn eigen gedachten en gevoelens bij, en die brengt hij sterk, emotionerend, sarcastisch, maar vaak ook poetisch, onder woorden, laatstelijk in 'Saluut aan Holland', met foto's van Freddy Rikken (Arbeiderspers, f 29,90).

Willem Brakman is de schrijver van de overdrijving. Bij hem klinkt een geluid altijd oorverdovend en is elke klap een doodklap. Dat kan enorm humoristisch werken, getuige zijn actualiserende parodie op de Argonautentocht 'Een vreemde stam heeft hij geroofd' (Querido, 34,90). Deze roman is vreemd, maar overrompelend, een dolle mengelmoes van antieke en Brakmanse stof, waarin Scheveningen en Delphi over elkaar heen zijn geschoven. Wie het boek erudiet wil lezen, kan dat doen, maar het kan ook heel gewoon als een overvolle avonturenroman, een jongensboek eigenlijk, gelezen worden.

In de poezie maakt Anna Enquist furore. Haar bundel 'Jachtscenes' (Arbeiderspers, f 29,90) zal veel mensen aanspreken, omdat zij met haar onderwerpen altijd dicht bij ieders belevingswereld blijft, maar daar toch een heel persoonlijke en daardoor treffende formulering aan weet te geven.

Nergens heb ik een recensie gelezen van de schitterende bloemlezing die Anton Korteweg, met medewerking van Annemarie Vels Heijn, heeft gemaakt van gedichten die over schilderijen gaan: 'Een engel zingend achter een pilaar', (SDU, f 49,90). Er staan twintigste eeuwse Nederlandstalige gedichten in die betrekking hebben op schilderijen uit de vijftiende tot en met de zeventiende eeuw. Voor wie van kijken en poezielezen houdt.

GER GROOT:

De mooiste boeken - wat is het criterium? Misschien simpelweg het geheugen: aan welke boeken heb je na lezing het meeste teruggedacht? Het meest tragische boek van het afgelopen jaar was waarschijnlijk de autobiografie van de filosoof Louis Althusser: de man die zijn vrouw vermoordde en, weggezonken in vergetelheid, nog een keer schreef om zijn leven te verklaren. In het voorjaar verschijnt 'De toekomst duurt nog lang' in een Nederlandse vertaling.

Dan twee vertaalde boeken uit Spanje. De eerste een klassieker: 'La regenta' van Clarn - omschreven als een Spaanse Madame Bovary, al staat het op de literaire wereldranglijst misschien net een trapje lager. Ideaal voor mensen die van dikke boeken houden. Voor wie dat niet wil is er 'Winter in Lissabon' van de jonge auteur Antonio Munoz Molina. Het is een mengsel van liefdesverhaal en thriller, maar vooral een beschrijving van een half marginaal bestaan in het post-frankistische Spanje, dat eindelijk eens een keer niet in de cliches van het dirty realism vervalt.

Twee meesterwerken resteren: uit een ander taalgebied en van vroeger datum, maar vooruit. Allereerst het epos 'Duyvels end' van de Amerikaanse schrijver T. Coraghessan Boyle: zo onweerstaanbaar krachtig en Nietzscheaans als een roman maar zijn kan. En tenslotte de thriller 'Curse the darkness' van de Engelse schrijfster Leslie Grant-Adamson. Staande in een lange traditie van Engelse vrouwelijke crime-writers, is ze daarvan op dit moment ongetwijfeld de belangrijkste jonge vertegenwoordigster. Een adembenemend plot, figuren die je nog jaren zullen bijblijven, een revolutie in het genre en geen happy ending - kortom, een onweerstaanbaar boek.

HANS ESTER:

Het kostelijkste boek dit jaar was Isaac Bashevis Singers' 'Het hof van mijn vader'. (De Arbeiderspers, f 49,50). Het bevat een schat aan details over het leven van de Chassidische joden in Warschau aan het begin van deze eeuw. Het is gevoelig en met humor geschreven. Zo'n figuur als Reb Moisje Ba-Ba-Ba had ik niet graag willen missen.

De roman 'Een ander land' van de Zuidafrikaan Karel Schoeman (Contact, f 45) beschrijft uiterst fijnzinnig de confrontatie van de uit Delft afkomstige Nederlander Versluis met het weerbarstige Afrika. In de kleine daagse dingen wordt de strijd tussen Afrika en Europa voelbaar, totdat Afrika overwint.

Het meest sprankelende boek dat ik dit jaar las, was Silvio Blatter's 'Avenue America', verschenen bij Suhrkamp, over de jongen Blinky en de oude man Madox die elkaar ontmoeten bij kilometerpaal 257 van de Avenue America. Madox is op de vlucht voor de dood die in een rode Ferrari rijdt. Na vele gevaarlijke situaties bereiken de twee een paradijselijk eiland. In overleg met de lezer breit de verteller er een slot aan.

Een betrouwbare gids door de Duitse geschiedenis en door het Duitse heden is Christian Graf von Krockow met zijn boek 'Heimat. Erfahrungen mit einem Deutschen Thema'(dtv-pocket, DM 9,80). Behoedzaam schetst Krockow de positieve, zuivere waarde van 'Heimat' ter onderscheiding van het politieke misbruik van deze term. Hij betrekt ook de specifieke 'Heimat'-problematiek van de voormalige DDR erbij.

Verder ben ik heel gelukkig met de luxe, maar betaalbare herdruk van Fontane's roman 'Effi Briest' (De Arbeiderspers, f 29,80) over Effi die te vroeg aan de geborgenheid wordt ontrukt.

J.W. SCHULTE NORDHOLT:

Ieder leest volgens eigen bezieling, als het goed is. En elke keuze is dan ook volstrekt subjectief. De mijne begint en eindigt met poezie en vult de tussenruimten met geschiedenis. Het boek van Marcel Kurpershoek 'Diep in Azie' (Meulenhoff, f 39,50) bevat het verslag van de speurtocht van een deskundige Arabist naar de harde, haast verloren wereld van de Bedoeienen in de woestijn en hun even harde hartstochtelijke poezie die eeuwen lang van mond tot mond is gegaan. In het jaar van Columbus kies ik uit de overvloed aan boeken over die held, of schurk of wat hij was, het fraaie werk van Zvi Dor-Ner, 'Columbus and the Age of Discovery' (Harpers Collins), dat de televisieserie van de BBC begeleidde. Het is overzichtelijk, grondig en vrij van alle moralisme waar tegenwoordig de geschiedbeoefening door ondermijnd wordt. Hoe een bezielde historicus leeft en werkt lees ik met volstrekte instemming in de terugblik van de Franse mediaevist Georges Duby op zijn vruchtbare leven, 'De geschiedenis gaat door' (Van Gennep, f 34,50). Wat een wijsheid heeft deze schrijver in een lang toegewijd leven verzameld, een bewijs van Burckhardts stelling dat men geschiedenis beoefent om wijs te worden.

Geschiedenis kan ook actueel zijn. In dit jaar van de Amerikaanse presidentsverkiezingen is geen boek actueler dan het levendige verslag van A. Lammers over Franklin Delano Roosevelt, met als ondertitel: 'Koning van Amerika' (Balans, f 45). Geen president heeft hem kunnen evenaren, hij is de schepper en redder van zijn land geweest, en de oorzaak daarvan was allereerst zijn absolute zelfbewustzijn en zijn humane visie op de toekomst. Zal Clinton hem evenaren?

Ik eindig met de poetische novelle van Gerbrand Muller 'Evenwichtlopen' (Meulenhoff, f 24,90), het verslag van een jeugd, ontvankelijk, fijngevoelig en tegelijk weerbarstig, een verkenning van de geheimen die het volwassen worden begeleiden, een prachtig boek vol muziek en verwondering.

AD ZUIDERENT:

De mooiste bloemlezing die dit jaar verscheen, is 'Een engel zingend achter een pilaar'. Ruim honderddertig twintigsteeeuwse Nederlandstalige gedichten, geinspireerd op schilderijen en tekeningen van Nederlandse en Vlaamse meesters uit de vijftiende tot en met de zeventiende eeuw: veel Brueghel, veel Rembrandt, veel Jellema, veel Vestdijk, veel verrassingen ook. Met kleurenreprodukties van de schilderijen, en royaal commentaar bij zowel woord als beeld. Samengesteld door de dichter Anton Korteweg, directeur van het Letterkundig Museum. (SDU, f 49,90).

Een ware verrassing is 'Woorden die diep wortelen'. Foto's van Michel SzulcKrzyzanowski, toelichtende tekst van Michiel van Kempen en een bloemlezing geven samen een beeld van tien vertellers en schrijvers uit Suriname, die voor het merendeel in Nederland onbekend zijn, en van de omgeving waarin hun werk ontstaat (Voetnoot, f 25,-).

Poetische inhaalmanoeuvres zijn mogelijk door het recente verschijnen van verzamelbundels van Jan Kuijper, C. O. Jellema en Tomas Transtromer. Kuijper, de meest speelse en virtuoze sonnettendichter in ons taalgebied, heeft aan zijn vier bundels in 'Wendingen. Sonnetten 1970-1990' wat nieuw werk toegevoegd (Querido, f 39,90). Hoe Jellema zich in drie decennia ontwikkeld heeft tot de symboliserende waarnemer die hij is, valt te zien aan 'Gedichten, oden, sonnetten', ook al is de ordening van de oorspronkelijke bundels vervangen door die naar dichtsoort (Querido, 49,90). Een uitgave als 'Het wilde plein. Gedichten 1948-1960' van de Zweed Transtromer is te vergelijken met die van Pessoa of Drummond de Andrade een aantal jaren geleden: in een klap bestaat een oeuvre van wereldformaat, tot nu toe mondjesmaat vertaald, integraal in onze taal (De Bezige Bij, f 34,50).

Nog steeds aan te raden zijn de zes delen memoires van Konstantin Paustovskij: een leven in Rusland vanaf de Tsarentijd tot in de jaren zestig. Verslavende lectuur. In een Prive-Domein-uitgave, maar nu ook in pocketvorm, te beginnen met 'Onrustige jeugd' en 'Begin van een onbekend tijdperk' over de meest turbulente jaren van de Russische revolutie (De Arbeiderspers, f 15,- elk).

P.S. Nu ik toch aan een cadeaulijstje bezig ben: al jaren wil ik 'Getuigenis' van Dimitri Sjostakowitsj hebben, ook in Prive-Domein. Nergens meer te krijgen. Wie dat voor me weet te vinden, krijgt een dichtbundel cadeau.

LIESBETH KORTHALS ALTES:

Laten we het in de donkere wintermaanden zoeken in literatuur die de alledaagse werkelijkheid op zijn kop zet. De Franse onderzoeker Michel Jouvet schreef naast een zeer leesbaar wetenschappelijk werk over dromen, een mooie, geestige roman met hetzelfde thema, 'Le Chateau des songes' (Odile Jacob, f 51,60). Hij verplaatst zich in een achttiende-eeuwse Franse edelman die 'empirisch' onderzoek onderneemt naar het verschijnsel droom dat hem fascineert. Om bij de droomwereld te blijven: Raymond Queneau's 'De blauwe bloemen' (De Bezige Bij, f 32) is een wonderlijke roman waarin, zoals altijd bij Queneau, literaire en culturele verwijzingen, woordspelingen en andere spelletjes een grote rol spelen. De rond 1200 geboren hoofdpersoon wandelt een aantal eeuwen door, om in onze tijd weer degene te ontmoeten waarvan hij gedroomd heeft.

Voor de meer poetische zielen is er de prachtige bundel verhalen 'Het schiereiland' van Julien Gracq (Meulenhoff, f 37,50). In Gracq's geheel eigen droomwereld ondernemen personages een zoektocht naar het geheim van het leven, met de prachtig beschreven natuur als boodschapper. Moet u iemand bedenken die in een koor zingt, 'Valse bekoring' van Marie Nimier (Arbeiderspers, f 36,90) biedt ongetwijfeld veel herkenbaars: muzikaal en vooral ander genot, veel intriges in de kleine wereld van het koor der 'Celestijnen'. Voor de fans van Benoite Groult verscheen de vertaling van een van de vroege romans, het samen met haar zus Flora geschreven 'Liefde tegen liefde', over een driehoeksverhouding: twee vrouwen en een man. Benoite schreef de brieven van de ene vrouw, Flora die van de ander. (De Arbeiderspers, f34,90).

GERTJAN VINCENT:

De Nederlandse topper van 1992 is voor mij 'Het grote verlangen' van Marcel Moring (Meulenhoff, f 34,50). Eindelijk weer een schrijver die een eigen geluid laat horen. Moring slaagt erin het triviale en het verhevene te combineren in een roman die getuigt van een sterke maatschappelijke betrokkenheid zonder moralistisch te worden. Van een heel andere orde is de roman 'Piekfijn' van de jonge Amerikaanse auteur Joe Keenan (Harmonie, f 37,50). Slapstick van de bovenste plank! Maar al te vaak gaat dit soort boeken tenonder aan een geforceerde poging om grappig te zijn. Keenan heeft zijn stijl echter perfect onder controle. 'Het laatste eiland van de keizer' van de Engelse schrijfster Julia Blackburn (Van Oorschot, f 44,90) is een mengvorm van geschiedschrijving en literatuur. Haar bezoek aan het eiland Sint Helena levert een boeiend verslag op over de omstandigheden waaronder Napoleon zijn laatste jaren moest slijten. Een zorgvuldige en overtuigende deconstructie van een hardnekkige mythe. Van de Amerikaanse schrijfster Toni Morrison verscheen dit jaar 'Jazz', een imponerend boek over de massale trek van de zwarte bevolking uit het zuiden naar de grote stad (Amber, f 34,90). Een meesterlijke evocatie van het zwarte bewustzijn in het specifieke taalgebruik dat zo karakteristiek is voor de subcultuur van de Afro-Amerikanen. Tenslotte mag 'Regenboog van zwaartekracht' van Thomas Pynchon (Bert Bakker, f 79,50) niet onvermeld blijven. Bijna twintig jaar na het verschijnen van de Amerikaanse uitgave is de vertaling van deze Great American Novel nu in de Nederlandse boekenwinkels verkrijgbaar. Monumentaal en indrukwekkend liggen de 752 pagina's me al wekenlang verwijtend aan te staen. Mijn goede voornemen voor 1993 staat dus al vast.

HANS VAN DER PLOEG:

Het genre van de biografie heeft ook in Nederland een hoge vlucht genomen. Veel mensen denken bij het begrip biografie aan een vervaarlijke dikke pil. Maar het 'Biografisch Woordenboek van Nederland' bewijst, dat 1 400 woorden al genoeg kunnen zijn voor een mooi (miniatuur) portret. Wie een graantje mee wil pikken van de hype van dit boeiende genre, mag de essaybundel 'Aspecten van de historische biografie' (redactie Bert Toussaint en Paul van der Velden, Kok Agora, f 27,50) niet missen. Over befaamde figuren zoals Charles Darwin en Sigmund Freud zijn in de achterliggende jaren reeds de nodige biografieen verschenen. Dit jaar publiceerde de Amerikaanse historica Luxille B. Ritvo een boek over de invloed van de ene op de andere grand old man, in het goed gedocumenteerde 'Darwin's influence on Freud. A tal of two sciences' (Yale University Press, f 40).

Door de vliegtuigcatastrofe in de Bijlmer werden de psychische gevolgen van het doormaken van een geweldige ramp ineens actueel. Voor wie de trieste feiten en de behandeling van een psychotrauma precies wil weten, komt het uitstekende boek 'Coping with trauma. Theory, Prevention and Treatment' van Rolf J. Kleber en Danny Brom (Swets, f 74,50) waarschijnlijk als geroepen.

Ronduit aanstekelijk is 'The Malaria Capers' (Norton, f 61) van de Amerikaanse parasitoloog Robert S. Desowitz. Het biedt het weliswaar schrijnende verhaal over de frauduleuze praktijken van Amerikaanse onderzoekers op jacht naar het malariavaccin, maar de geestige anekdotes, tot de verbeelding sprekende details en wilde speculaties zijn beslist onvergetelijk.

Maar het mooist vond ik de bundel 'The Psychoanalytic Vocation, Rank, Winnicott, and the Legacy of Freud' (Yale, f 70,-) van Peter L. Rudnytsky, al was het alleen maar om het feit dat de kinderarts en psychoanalyticus Donald W. Winnicott (1896-1971) er centraal in staat. Clare Winnicott, de weduwe van zoals zij het zelf noemde de "most spontaneous thing, that ever lived" , overleed in 1984. Sindsdien kijk ik elk jaar - tevergeefs - uit naar een biografie over deze man. Misschien heb ik volgend jaar meer geluk.

LIEKE VAN DUIN:

Van veel kinderboeken die in 1992 verschenen, heb ik genoten, maar aan de volgende vijf ben ik verslingerd geraakt: 'Nachtverhaal' van Paul Biegel (Holland) is voor mij de topper van dit jaar. Het is een verslavend mooi cultuursprookje, waarin een elfje vertelt van haar zoektocht naar sterfelijkheid, want onsterfelijk zijn is maar saai. Een huiskabouter hangt tegen wil en dank aan haar lippen.

Dan 'De weg van de wind' van Hans Hagen (Van Goor), het vervolg op 'Het gouden oog' maar nog mooier. Mesopotamie, 2400 voor Christus: De 12-jarige Yarim maakt een zeereis naar het land van de Indus om hout te halen voor het graf van koningin Ku Bau. Goden, priesters en verhalenvertellers bepalen het lot van de mens.

'Geen tijgers in Afrika' van Norman Silver (Lemniscaat) is op een andere manier een verhaal dat je bijblijft. Het is het schokkende ik-verhaal van een jonge, blanke Zuidafrikaan, gebrandmerkt door Apartheid, die eenmaal in Engeland een cultuurschok ondergaat. 'Meneer Ratti' van Mensje van Keulen (Querido) is een geestig en ontroerend verhaal over een brommerige vuilnisbakkenjutter die meer menselijkheid in zijn ouwe botten heeft dan hij zelf wil toegeven. Een boek om te glimlachen, te gniffelen en te schateren.

Tenslotte 'Rosa' van Caroline Binch (Gottmer): een onverwacht geschenk uit de hemel van een onbekend illustratrice, waarin ze een zwart meisje aquarelleert, die dol is op theater en het hele kinderwereld-repertoire speelt, van Anansi tot 'Alleen op de wereld'. Nooit eerder heb ik op papier zo'n gloed gezien in de huid en ogen van mensen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden