Identiteit / Zo zijn de Nederlanders

Over wat typisch Nederlands is, lopen de meningen uiteen. Misschien is dat nog wel het meest typerend: we hebben geen idee wie we zijn. Ook de buitenlanders die over ons schrijven komen er niet goed uit. Komende week presenteren KRO's Reporter en Trouw de resultaten van een opinieonderzoek over de vraag wat de Nederlandse identiteit bepaalt. Vandaag een voorproefje, met de Amerikaanse antropologe Marilyn Warman, die er een nuchter boekje over schreef, en de vraag aan de lezers (op pagina 22): Wat is typisch Nederlands?

De studente die in mijn huis een zolderkamer bewoont is Amerikaanse. Dat wil zeggen: decennia geleden kwamen haar grootouders uit Libanon naar het beloofde land. Zo komt het dat ze zowel een geweldige tabbouleh in de vingers heeft, de bulgursalade van het Midden-Oosten (,,Meer citroen! Meer citroen!'', zegt ze wanneer ik het ook probeer) als de fijne kneepjes van het hedendaags Amerikaans kan uitleggen.

Ze is Amerikaanse, maar vaak haast ze zich om uit te leggen dat ze niet your average American is, want van stereotypen houdt ze niet. Dat ze dus niet vindt wat Bush vindt. Dat ze de laatste keer stemde op Ralph Nader, maar daar later spijt van kreeg omdat daardoor Al Gore niet won. Zodat de wereld nu opgescheept zit met de almachtsfantasieën van George W.

Als Amerikaanse in Nederland vallen haar dingen op die mij niet opvallen -nooit zijn opgevallen, of allang niet meer opvallen. Dat de trappen hier zo steil en smal zijn, en hoe raar dat is voor een land waar de mensen zo groot en zo lang zijn. Of, ze vindt Nederlandse en Amerikaanse jazzliefhebbers zo van elkaar verschillen. Die van hier zijn haast een sekte, vindt ze. Die in de VS zijn volgens haar vrij van zulke exclusiviteitswanen. Of neem die onbegrijpelijke liefde van de Nederlander voor -in de VS onbekend- witlof. Of, dat Nederlanders bij de eerste lentezon niet alleen en masse op een terras gaan zitten, maar ook meteen met hun gezicht vol in de zon. Terwijl Spanjaarden -want vóór Nederland studeerde ze in Madrid- hun terrasstoel juist onmiddellijk de schaduw in slepen zodra de zon na de winter terugkeert.

Is dat ook maar iets meer dan kletspraat, onderhoudende kout tijdens het uurtje dat je elkaar in de keuken tegenkomt? Best mogelijk van niet. Maar dan toch kletspraat die ook in boeken is opgeschreven, en daar tot 'waarheid' is gestold. Er valt een kleine bibliotheek te vullen met boeken die de volksaard van de Nederlander beschrijven, die de Nederlandse lezer vertellen waaruit de Nederlandse identiteit bestaat.

Soms is zo'n boek reuze grappig bedoeld ('The Undutchables'), soms juist niet ('De naakte Nederlander'); soms heeft het enige literaire pretentie ('Waar de andere God woont'), soms is het een bundel journalistieke interviews met in Nederland levende buitenlanders ('Vreemde ogen'). Soms beperkt het boek zich tot vroeger tijden ('Le voyage de Hollande'), soms -zoals in 'De mannen van Nederland'- tot een bepaald deel van de bevolking (mannen) op een bepaalde plaats (in bed). Veruit meestal zijn het boeken waarin Nederland door buitenlandse ogen wordt bekeken (alle bovenstaande boeken), maar soms is de schrijver zelf Nederlander ('Het Nederlandse onbehagen', 'Waterlanders').

Het afgelopen decennium gaf een golfje van dergelijke identiteitsliteratuur te zien. Toen hing dat vooral samen met de opkomst van Europa: als we straks allemaal Europeaan zijn, wat is er dan eigenlijk nog 'typisch Nederlands'? Inmiddels, sinds Pim Fortuyn, schijnt op het vraagstuk wat 'typisch Nederlands is' een ander, tweede licht. Het hangt af van je politieke visies hoe je het formuleert: wat is er nog 'typisch Nederlands' in een land dat 'vol' is met totaal 'totaal niet geïntegreerde', doorgaans zuidelijke immigranten? Of: aan welke 'typisch Nederlandse' dingen hechten al die mensen die hun schaamte kwijt zijn over hun ongemak met al die nieuwkomers in Nederland?

Buitenlanders die een boek schrijven over die rare Nederlanders blijken soms overigens van mening te verschillen wat er 'typisch Nederlands' aan hen is. Zo moppert de Amerikaan Derek Phillips ('De naakte Nederlander') dat Nederlanders in een halflege bus niet een eindje verderop gaan zitten, maar pal naast je. Terwijl landgenoten Colin White en Laurie Boucke ('The Undutchables') het juist zo irritant vinden dat een Nederlander in de bus zijn tas en zijn uitgestrekte benen gebruikt om alle zitplaatsen rondom zich te blokkeren. Om te voorkomen iemand anders te dichtbij zou komen.

En dan die kinderen. Nederlandse kinderen zijn irritant onopgevoed, vinden ze allebei. De hedendaagse opvoeding (beweert 'The Undutchables', in 1990) voedt op tot 'vrije, onbeschofte, bedorven en verwende halfgodjes'. Phillips verhaalt met afgrijzen van een vliegreis waar een Nederlands kind op het middenpad op en neer rende, schreeuwde, aan armleuningen hing, over mensen struikelde -kortom, al het mogelijke deed om iedereen tot last te zijn. ,,Kinderen krijgen zelden een afkeurend woord te horen, een terechtwijzing of -nog minder- een tik als zij brutaal, onhebbelijk of vernielzuchtig zijn'', mopperde Phillips al in 1985.

Maar over het gevolg van zo'n opvoeding verschillen de twee boeken van mening. Volgens de grapjurken van 'The Undutchables' heeft die vrije opvoeding een bedoeling: het is een poging om kinderen zo snel mogelijk 'zelfstandig en opstandig' te maken. De socioloog Phillips ziet er juist het tegenovergestelde in. Anders dan Nederlanders vaak van zichzelf vinden, zijn ze volgens hem totaal niet individualistisch. Ze zijn juist conformistische groepsdieren en ze vertonen gebrek aan onafhankelijkheidszin. Een passieve stijl van opvoeden past daar bij. Ouders die niet optreden tegen een lastig kind leren het daarmee dat er geen normen bestaan voor goed of slecht, wenselijk of onwenselijk -dat er alleen maar dingen zijn waartegen anderen (al dan niet) bezwaar maken. Volgens zulke ouders is er dus niets aan de hand zolang de andere passagiers in het vliegtuig niets zeggen over het gedrag van het kleine ettertje.

Zoals boeken van tweedehuisbezitters in Frankrijk nogal eens neerkomen op een tirade dat de loodgieter op het afgesproken uur niet kwam opdagen, zo zijn Nederlandse identiteitsboeken eigenlijk ook een opsomming van wat de schrijver in het algemeen niet bevalt, maar om zelden verhelderde redenen wegzet als 'typisch Nederlands'. Het leest lekker weg, en het is vast extra leuk voor wie masochistische trekjes heeft.

Maar zou je het woord 'Nederland' vervangen door de naam van een ander land in noordwest-Europa, dan werd het waarheidsgehalte er vast niet noemenswaard lager op. Zou de Portugese Nederlander Rentes de Carvalho ('Waar de andere God woont') een wezenlijk ander boek hebben geschreven als hij, bijna vijftig jaar geleden, in Denemarken of Duitsland zou zijn neergestreken? Hebben ze daar werkelijk minder last van het 'geniepige racisme' en het 'funeste superioriteitsgevoel' dat hij de Nederlander toeschrijft wanneer het om zuidelijke buitenlanders gaat? Is dat dus wel zo typisch Nederlands?

Dat is zo aardig aan een klein, dun en alleen bij buitenlandse studenten bekend boekje. 'Living in Holland' heet het, de van origine Amerikaanse antropologe Marilyn Warman schreef het, en de Nuffic -de internationale organisatie van de universiteiten- verspreidt het. Een Nederlandstalige tegenhanger ervan is 'Wrijfpunten: cultuurverschillen als bron van irritatie'. Leert een buitenlander van het ene boekje hoe het in Nederland zoal hoort en toegaat (en de Nederlandse lezer: hoe we blijkbaar zijn), van het andere boekje leert de Nederlander waarom al wat hij vanzelfsprekend vindt, voor iemand uit een andere cultuur helemaal niet vanzelf spreekt. En dat zonder kwalificaties, zonder bijvoeglijk naamwoorden.

Bij Warman dus geen gekanker op, bijvoorbeeld, het Nederlands onvermogen om goed gekleed te gaan, maar deze uitleg: ,,Als je Nederlanders ontmoet, moet je wel weten dat je hun status of rijkdom niet kunt aflezen aan hun uiterlijke verschijning. De man die op een oude fiets aangereden komt met afgetrapte schoenen kan degene zijn die de vloeren veegt, maar hij zou ook een hoogleraar kunnen zijn. In het algemeen zul je weinig glamour of topmode zien. Mensen dragen wat ze denken dat aardig staat en comfortabel zit. Alleen tieners zijn erg gevoelig voor modetrends, hoewel zelfs zij minder last van peer pressure lijken te hebben dan tieners in andere landen.''

,,Ja, het zijn allebei vrij praktische boeken'', zegt Marilyn Warman er zelf over. ,,Ik houd namelijk niet zo van grote woorden als 'normen en waarden'. Zodat ik liever kijk naar feitelijk gedrag: hoe pakken Nederlanders de dingen aan? Wie in de samenleving wil passen moet dat weten, ook als het maar tijdelijk is, zoals buitenlandse studenten en onderzoekers. Dat je in Nederland liefst niet meer dan vijf minuten te laat moet komen, omdat iedereen van jongs af aan een zeer gereguleerd bestaan leidt, via een agenda leeft. Dat het niet de gewoonte is dat je iets te eten krijgt als je ergens op bezoek gaat, tenzij je uitdrukkelijk te eten gevraagd bent. Dat er gekookt wordt vlak voordat er wordt gegeten, zodat er -anders dan in veel warme landen- geen grote pan met eten klaarstaat waaruit iedereen die dat wil, op ieder moment van de dag, iets kan krijgen. Dat regels verschrikkelijk belangrijk zijn, maar dat dat te maken heeft met het beginsel dat iedereen gelijk is. Maar dat dat gelijkheidsbeginsel ook betekent dat je liever niet moet uitblinken. Blink je toch uit, dan zeg je niet ,,I am the greatest!'', maar je zegt bescheiden dat het allemaal teamwork was.''

,,Ik heb geprobeerd gedrag te beschrijven dat waar te nemen is; ik heb het met opzet weinig over 'typisch Nederlands' of over 'normen en waarden', omdat dat verschillen tussen mensen nodeloos benadrukt en discussies verhardt. Op het moment zie je bijvoorbeeld in die hoofddoekdiscussie, die met veel gepraat over normen en waarden gepaard gaat, uiterst verschillende islamitische subculturen op één hoop gegooid worden. Met westerse ogen ziet elke hoofddoek er blijkbaar uit als 'onderdrukking van vrouwen' -zonder onderscheid tussen de oude vrouw uit een Turks dorp die hier woont zonder een woord Nederlands te kennen, en het jonge meisje dat met een heel mooie zijden sjaal en op hele sexy schoenen heel statig en zelfbewust door het leven wandelt. Die bedoelt met zo'n hoofddoek waarschijnlijk uit te drukken: 'Ik word boos van dat ongenuanceerde gepraat. Wou jij een stempel op mij drukken? Nou, dan zal ik je het laten zien ook!' Dat zou ik in haar plaats trouwens ook doen.''

,,Mensen hebben altijd meer dan één identiteit. Ze zijn niet alleen maar 'moslim', of 'Nederlander', ze zijn bijvoorbeeld ook nog 'socioloog', of 'kapper'. Vanmorgen zat ik in de tram en hoorde ik achter me een gesprek tussen twee voetballiefhebbers. Het ging over PSV en een andere club, ook Nederlands. Ik hoorde zulke dingen als 'Nee joh, PSV is veel beter'. Toen ik naar de uitgang liep zag ik die jongens pas. De een was een Somaliër, de ander een Marokkaan.''

,,Ik maak dat zelf trouwens ook nog weleens mee. Er zijn mensen die, horend dat ik een Amerikaans accent heb, niet meer kunnen horen wat ik zeg. Ze horen alleen dat accent maar. Met gepraat over normen en waarden dwing je de wereld in twee kampen -alsof iedereen maar één identiteit heeft.''

Praat mee op ons Podium over het onderwerp: 'Wat is typisch Nederlands?'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden