ideeën over de grens

Weer een mythe ontkracht: de Afrikaanse middenklasse

We eisen het onmogelijke van politici. We willen dat ze authentiek zijn, direct, menselijk. Maar hun menselijke fouten vinden we onvergeeflijk, schrijft Hannah Knuth in Die Zeit. De Canadese premier Justin Trudeau is zo'n voorbeeldige moderne politicus: jong, dynamisch, en feminist: zijn kabinet bestaat voor de helft uit vrouwen. Maar toen hij in zijn ongeduld in het parlement leden van de oppositie richting hun zetels wilde dirigeren, stootte zijn elleboog per ongeluk tegen de borst van een vrouwelijk oppositielid. Zijn excuses baatten niets. Trudeau had de vrouw een 'traumatiserende' ervaring bezorgd, voor de oppositie reden genoeg voor een debat over seksueel geweld.

Nog een uitglijder die analisten genadeloos uitbeenden: na de gewelddadige Keulse oudejaarsnacht gaf burgemeester Henriette Reker een persconferentie. Toen journalisten vroegen wat vrouwen zelf kunnen doen tegen aanranders, opperde zij: een 'armlengte afstand houden'. Fout, maar ja... Rechtvaardigen zulke domheidjes die lawines aan morele bespiegelingen en tweets met de hashtags 'armlengte' en 'elbowgate'? 'Digitale kleinburgerij' vindt Knuth dat. En dat krijg je ervan, van die 'maximale verwachtingen over authenticiteit en minimale tolerantie voor fouten'.

In Groot-Brittannië groeit de nostalgie naar koloniale tijden, signaleert Paul Harris op de Britse site Aeon. De ene historische studie juicht over de Britse koloniale stedenbouw (Bombay, Singapore, Dubai), de andere beschrijft de Britse koloniale politiek als een strijd om nog gemenere kolonisatoren buiten de deur te houden. Tv-series, films, maar ook Indiase restaurants zwelgen in een sepiakleurige schildering van aloude tijden, ontdaan van verwijzingen naar de onderdrukking en uitbuiting van miljoenen gekoloniseerden op een kwart van het aardoppervlak. Die opleving hangt samen, denkt Harris, met de kolonisatie van Groot-Brittannië door 'de krachten van het internationale kapitalisme'. Eerbiedwaardige warenhuizen, voetbalelftallen, hoogovens, de complete City zijn het speeltje geworden van Arabische en Aziatische investeerders. Dan biedt een duik in een warm, nostalgisch koloniaal bad enige vertroosting.

Afrikaanse regeringen moeten hun beleid afstemmen op de groeiende middenklasse; zij zijn de motor achter economische en sociale ontwikkeling. Dat is het evangelie dat de Verenigde Naties en internationale organisaties de afgelopen jaren hebben verspreid - en waar geen snars van klopt, schrijft de Zuid-Afrikaanse politicoloog Henning Melber op de site MGAfrica. De term 'middenklasse' wordt in rapporten van Afrikaanse Ontwikkelingsbank en anderen al geplakt op mensen met een inkomen van twee dollar per dag, wat nergens op slaat gezien de kosten van levensonderhoud in Afrikaanse steden. Ja, de armen worden iets minder arm, maar de kloof tussen de armen en de rijke toplaag groeit. De middenklasse in Afrika groeit niet, maar krimpt; de tegenvallende koopkrachtgroei heeft multinationals als Nestle er juist toe bewogen hun investeringen in Afrika terug te schroeven. En hoezo is de middenklasse per definitie progressief en zorgt voor vooruitgang? Zie China, schrijft de professor: het autoritaire bewind aldaar drijft juist op de middenklasse. Want overal, ook in Afrika, geldt de tegelwijsheid 'Bijt niet in de hand die u voedt'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden