Icoon van de wereldvrede

Het Vredespaleis bestaat honderd jaar. Het gebouw is het symbool geworden van Den Haag als internationale stad van vrede en recht.

Het staat in schril contrast tot de huidige ontwikkelingen in het Midden-Oosten, maar vandaag wordt in Den Haag de vrede gevierd. Het Vredespaleis bestaat honderd jaar en verschillende festiviteiten moeten dat accentueren. Koning Willem-Alexander, secretaris-generaal Ban-Ki Moon van de Verenigde Naties (VN) en de Haagse burgemeester Jozias van Aartsen (VVD) zijn vandaag aanwezig bij de officiële viering. Maar wat betekent het Vredespaleis voor de stad Den Haag?

In het neorenaissancistische gebouw, ontworpen door Louis Marie Cordonnier, zijn het Permanente Hof van Arbitrage, het Internationaal Gerechtshof, de Haagse Academie voor Internationaal Recht, de bibliotheek van het Vredespaleis en de Carnegie Stichting gevestigd. De vestiging van deze instellingen - qua personeel vaak relatief klein zijn - maakte van het Vredespaleis een magneet voor andere internationale organisaties.

Na het Vredespaleis vestigden zich in Den Haag vele internationale instellingen, zoals andere VN-clubs, het Internationale Strafhof en de tribunalen, Europese instellingen op het gebied van politie en justitie en non-gouvernementele organisaties voor bijvoorbeeld mensenrechten. De afgelopen jaren kwamen er in Den Haag en omgeving ook steeds meer bedrijven en organisaties bij op het gebied van veiligheid. De regio ontwikkelt zich dan ook als 'The Hague Security Delta'. Het motto dat de gemeente zowat bij iedere pr-uiting gebruikt is 'Den Haag, internationale stad van vrede en recht'. De term 'veiligheid' zou daar zo aan kunnen worden toegevoegd. Den Haag stond al langer bekend als ambassadestad.

Al deze organisaties hebben gebouwen nodig, dus er wordt flink gehuurd, gekocht of gebouwd. De mensen die er werken hebben woningen nodig, of voor kortere verblijven appartementen of hotelkamers. Ze gaan er uit, brengen hun kinderen naar school en doen er boodschappen.

"De totale bestedingen (omzet) van internationale organisaties in Den Haag bedroegen in 2010 1,8 miljard euro en in de regio 0,9 miljard euro, samen 2,7 miljard euro", staat in de meest recente rapportage van de gemeente Den Haag. De internationale werknemers besteden zo'n tachtig procent van hun bruto-inkomen in Nederland. Het gemiddelde jaarinkomen van expats bij internationale organisaties is 79.500 euro.

De instellingen creëren ook weer werkgelegenheid voor de Hagenaars, die als lokaal personeel bij de instellingen werken, in 2010 ruim 18.000 banen. Hun jaarsalaris bedraagt volgens de rapportage gemiddeld 54.000 euro. Ook scheppen de expats en hun uitgaven extra banen in de dienstensector en detailhandel in Den Haag en de nabije regio, naar schatting ongeveer 17.500 voltijds banen.

Het lijkt misschien triviaal, maar ook het feit dat bij iedere uitspraak, rapport, onderzoek of besluit van de hoven in het Vredespaleis 'in The Hague' of 'in Den Haag' wordt toegevoegd, is voor de Hofstad van cruciaal belang. Het biedt inhoud aan het eerdergenoemde motto van de internationale stad. Die naamsbekendheid is voor de stadsmarketing erg belangrijk. In Den Haag wordt weleens geschamperd: 'Amsterdam heeft de Wallen, wij het Vredespaleis'. Feitelijk juist, maar uiteraard niet helemaal terecht. Het gaat om het imago dat Den Haag wil uitstralen: serieus, internationaal en met allure.

Het Vredespaleis is ook voor het toerisme belangrijk, hoewel Amsterdam meer toeristen aantrekt. Toeristen willen in Den Haag niet alleen naar Madurodam of het strand. Ook zijn zij in Den Haag geregeld getuige van demonstraties van bijvoorbeeld onderdrukte minderheden uit andere landen vlak voor de poorten van het Vredespaleis. En zo bekeken zorgen zelfs deze demonstraties in de landen van herkomst voor naamsbekendheid.

Het bezoekerscentrum bij het paleis, vorig jaar geopend, is dagelijks gratis te bezoeken en toont het werk en de geschiedenis van het Vredespaleis. Ook zijn rondleidingen door het paleis te boeken, al zijn die niet altijd mogelijk vanwege de zittingen van de hoven. De gemeente Den Haag heeft daarom de uitdrukkelijke wens om het gebouw in het weekeinde, wanneer er geen zittingen zijn, voor publiek open te stellen. Niet alleen voor de toerist, maar ook voor de Hagenaar. Want die bezoekt één van de belangrijkste gebouwen in Den Haag volgens de gemeente nog veel te weinig.

Een jaar in de bijenkorf
Fotografe Inge van Mill (1976) kreeg een jaar de tijd om het leven in het Vredespaleis vast te leggen. "Het gebouw is net een bijenkorf, met de rechters als koningin en allerlei diensten die daar omheen zoemen. Letterlijk tot onder de grond, tussen de buizen, werkers die allemaal een hele duidelijke taak hebben. Daardoor kreeg ik ook sterk het gevoel van een onder- en bovenwereld, van werelden die ook in sociaal-cultureel opzicht sterk van elkaar gescheiden zijn." Van Mill mocht zonder restricties fotograferen, van de beiaardier die uit haar dak ging tot de meest formele rechtszittingen. In het boek staan zo'n 130 foto's van haar hand.

Waarom Den Haag?
De bouw van het Vredespaleis markeert zowel de afsluiting als het begin van een periode, aldus de website van het Vredespaleis. De negentiende eeuw had talloze oorlogen gekend, en de strijd was van een heroïsch en elitair krijgsbedrijf veranderd in moderne massaoorlogen met alle gruwelijkheden die daar bij horen.

De laatste Russische tsaar Nicolaas II stuurde op 24 augustus 1898 een uitnodiging voor een internationale conferentie over vrede en ontwapening aan de regeringen van alle belangrijke landen. Hij wilde een neutrale plek en koos voor Den Haag.

Ondanks de scepsis die de tsaar ten deel viel - was hij als aanvoerder van het grote Russische leger wel de geschiktste persoon? - ging het balletje rollen. In 1899 werd de eerste wereldvredesconferentie in Den Haag gehouden.

Een conventie met 61 artikelen ter beperking van de wapenwedloop, de humanisering van de oorlogvoering en de oprichting van het Permanente Hof van Arbitrage (PHA) voor het beslechten van geschillen tussen landen waren het resultaat. De Amerikaanse staalmagnaat, filantroop en autodidact Andrew Carnegie schonk 1,5 miljoen dollar voor de bouw van het Vredespaleis, inclusief een grote juridische bibliotheek.

Bouwen aan vrede, honderd jaar werken aan vrede door recht, het Vredespaleis 1913 - 2013. Auteurs: Johan Joor en Heikelina Verrijn Stuart, met bijdragen van o.a. Günter Grass en Ben Okri. Fotografie Inge van Mill en Christian Kryl. Carnegie-Stichtting, Den Haag 2013. Prijs: 45 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden