Hüseyin poogt na 15 jaar alsnog legaal te worden

DEN HAAG - Vijftien jaar geleden maakte hij in achterbakken de reis van Centraal-Anatolië naar Nederland. Hij was zestien.

Hüseyin is nu 31 en witte illegaal en wandelt daarom in Nederlands druilweer van het Haagse Malieveld naar de Tweede Kamer, om daar met enige honderden lotgenoten een petitie aan te bieden. Drie jaar geleden hielden witte illegalen, belastingbetalers zonder werk- of verblijfsvergunning, een hongerstaking in de Haagse Agneskerk. In Amsterdam waren er soortgelijke acties. De Koppelingswet had aan het tweeslachtige verschijnsel van witte illegaal een einde gemaakt, waardoor de behoefte aan een volwaardige verblijfsstatus toenam.

Jusitie haalde bakzeil. De burgemeesters van de vier grote steden mochten beoordelen of een witte illegaal voldoende ingeburgerd was voor legalisatie. Maar de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) bepaalde welke dossiers de burgemeesters onder ogen kregen. Er waren 7000 aanvragen, waarvan de IND er 5000 afwees. Tweeduizend mensen kregen een verblijfsvergunning. De overigen zitten in een beroepsprocedure. Ze konden niet bewijzen dat ze sinds 1992 elke dag in Nederland hebben doorgebracht.

De demonstranten hebben het niet over inburgering, maar over een verschijnsel dat je uitburgering zou kunnen noemen. ,,In Turkije kunnen wij nooit meer aarden. Het land is voor ons vreemd geworden'', zegt een man uit de provincie Konya. ,,Je hebt witte illegalen met kinderen die hier zijn geboren. Wat hebben die in Turkije te zoeken?''

Soms hoor je van betogers jaloerse opmerkingen over Bulgaarse Turken, die sinds enige jaren in steeds grotere aantallen naar Nederland komen en via malafide uitzendbureaus aan sofi-nummers en andere documenten komen. Bulgaarse Turken hebben het voordeel dat hun land een kandidaatlid van de Europese Unie is. Daarom krijgen ze gemakkelijker een visum voor Nederland. Turkije zit in theorie ook in een wachtkamer voor de EU, maar dat is een wachtkamer van de derde klasse waaraan deze mensen weinig hebben.

Hüseyin ging begin jaren '90 voor het laatst naar Turkije, vanwege militaire dienst. De Turkse grenspolitie sloot hem 48 uur op in een hok. Om het halfuur kwam iemand hem een draai om de oren geven. Als soldaat was hij getuige van de dorpsverbrandingen in zijn Koerdische geboorteland. Maar erger vond hij het dat hij zeven jaar later niet bij de begrafenis van zijn moeder kon zijn. ,,Het zou mijn procedure kapot hebben gemaakt'', zegt hij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden