'Humor is de basis van wat ik doe'

dans | interview | Hij wordt wel de 'Woody Allen van de dans' genoemd. Choreograaf Arthur Rosenfeld maakte de jeugddans in Nederland groot. Nu neemt hij afscheid bij Maas Theater en Dans.

De Nederlands-Amerikaanse Arthur Rosenfeld (Philadelphia, 1952) is met zijn 'danstheater voor alle leeftijden' een begrip in Nederland. Optimisme is zijn handelsmerk, humor zijn manier om voor kinderen en jongeren kwetsbare onderwerpen aan te kaarten.

Zo maakte hij '100% Selfmade' (12+), een recente voorstelling met acht wildwoeste mannelijke breakdancers over durven te falen. 'Foutje' (4+) uit 2015 ging over de virtuositeit van mislukking in een raamwerk van slapstickscènes, goocheltrucs, mime en pittige dans.

Het afscheid van Arthur Rosenfeld bij Maas Theater en Dans is niet alleen maar feestelijk. Want de man die de jeugddans in Nederland groot maakte, weet nog niet wat hij gaat doen nadat hij het gezelschap heeft verlaten met de voorstelling 'EXIT pursued by a bear'.

Misschien gaat hij naar het buitenland, zoals zoveel dansmakers na de bezuinigingsrondes hebben gedaan. "Er staat een project gepland in Spanje, misschien in Italië, dat is het wel zo'n beetje. Op dit moment laat ik alle deuren open."

Dertig jaar is Rosenfeld nu actief als choreograaf. Waarom snijdt hij juist nu de banden door met het Rotterdamse jeugdtheater- en jeugddansproductiehuis? "Een reden voor mijn vertrek is dat ik de baas niet meer kan spelen", lacht Rosenfeld. Zijn eigen jeugddansgezelschap Meekers, waaraan hij vanaf het begin van de jaren negentig leiding gaf, ging in 2013 op in een groter 'huis', het Maas Theater en Dans.

"Ik blijk te eigenwijs om in een grotere structuur te werken. Ik heb zóveel gedaan, zóveel stukken gemaakt, en altijd vanuit het idee dat ik mezelf wilde prikkelen. In zo'n groot theaterbedrijf komen er altijd verplichtingen bij kijken, voor mij is de balans zoekgeraakt."

Zijn eerste jeugdvoorstelling 'Beschadigd sprookje' uit 1993 was een doorbraak, een manier van danstheater maken die men niet voor mogelijk had gehouden voor jeugd. Geïnspireerd door de jeugdboeken van Roald Dahl zette Rosenfeld sprookjes als 'Assepoester', 'Sneeuwwitje' en 'Doornroosje' op z'n kop, en breide ze op hilarische wijze weer aan elkaar. 'Eindelijk wordt er op het danstoneel eens niet over de hoofden van kinderen heen gedanst, maar met hun fantasie gespeeld', schreef deze krant.

Rosenfeld heeft altijd met bijzondere dansers gewerkt; antihelden die in staat zijn om op een heel aantrekkelijke manier hun imperfecties te tonen. Dat hij na hij enkele 'volwassen choreografieën' koos voor de jeugddans, heeft met ontvankelijkheid te maken: "Met kinderen kom je eerder tot de essentie, ze zijn eerlijker dan volwassen danspubliek. Het gaat kinderen makkelijk af om een eigen verhaal te maken van wat ze zien, zonder dat ze er allemaal vragen bij stellen, zoals volwassenen dat doen."

Dat maakt de 'verhaalloze' dans volgens hem een geschikt medium voor kinderen. "Als kind vond ik het pas leuk als iets boven mijn pet ging, maar ik het ergens wel snapte. Kinderen houden ook erg van volwassen grappen."

Zijn manier van werken lijkt op die van de iconische danspionier van Tanztheater Wuppertal, Pina Bausch, bij wie hij acht jaar danste en waar zijn artistieke wortels liggen. Ook Rosenfelds producties zijn collages zonder vastomlijnd verhaal, maar wél met een duidelijke setting die ruimte biedt aan een losse, intuïtieve en fantasievolle manier van creëren. "Maar Pina's visie op het leven was een stuk minder vrolijk dan de mijne. Ik wil vooral het leven vieren."

Slapstick

Vanwege het gebruik van slapstickachtige humor heeft Rosenfeld de bijnaam 'de Woody Allen van de dans' gekregen. "Humor is de basis van wat ik doe; dat is de beste manier om een serieuze boodschap over te brengen. Ik houd van feestelijk, maar het moet onderhuids wel broeien."

Entertainment met een stevige inhoud: zo gaf hij jeugddans in Nederland een nieuw gezicht. De jeugddans was op dat moment al stevig verankerd in het Nederlandse cultuurlandschap; zo toerde het Scapino Ballet van Hans Snoek, het allereerste balletgezelschap voor de jeugd, al vanaf 1945 door Nederland. Medio jaren negentig kende Nederland vijf verschillende jeugddansgezelschappen, waaronder Rosenfelds eigen Meekers, en al gauw kwamen daar nog verschillende dansgroepen bij.

In dat grote aanbod bleef Rosenfelds werk een constante. In 1997 kreeg de choreograaf de Puck-kindertheaterprijs voor zijn voorstelling 'Kop eraf'; voor het eerst werd een dansvoorstelling door de jury boven toneelvoorstellingen verkozen. Een jaar later kreeg hij van de Vereniging van Schouwburg- en Concertzaaldirecties de choreografieprijs voor zijn hele oeuvre.

Rosenfeld: "In het buitenland had Nederland lange tijd een gidsfunctie. Zo werd ik uitgenodigd door Tanzhaus Düsseldorf om als adviseur deel te nemen aan het project Take Off Jünger Tanz, dat als doel heeft de jeugddans in Duitsland te promoten."

De leidende positie in jeugddans is Nederland een beetje kwijtgeraakt, meent Rosenfeld, als gevolg van bezuinigingen. Aanvankelijk kregen vier jeugddansgroepen rechtstreeks subsidie van het Rijk, waaronder Meekers. Nu is die grotendeels ingetrokken en in de volgende kunstenplanperiode (vanaf 2017) is er nog minder ruimte voor jeugddans.

Ook dit betekende voor Rosenfeld een moment van bezinning. "Ik maak als maker de balans op: wil en kan ik verder? Mijn AOW begint over anderhalf jaar; ik laat het verder pionieren over aan de nieuwe generatie."

De choreograaf is ook altijd zelf op de planken blijven staan, in duetten met zijn vrouw, danseres Ana Teixidó. In zijn afscheidsvoorstelling 'EXIT pursued by a bear' staat hij zelf in het middelpunt. Het stuk is bedoeld voor volwassenen. Hoe is dat te plaatsen in zijn jeugddanswerk?

"Al mijn stukken zijn reflecties van een bepaald moment in mijn leven. Ik worstel nu met loslaten, en we zullen zien wat de toekomst mij zal brengen." Het stuk wordt in het programma ingeleid met: 'Arthur Rosenfeld wil zijn verleden afronden om alleen nog vooruit te kunnen kijken'. Daar komt zijn komische kijk op het leven weer om de hoek: "Want het verleden afronden kan natuurlijk helemaal niet, dat loert altijd mee."

EXIT pursued by a bear door Arthur Rosenfeld bij Maas Theater en Dans (in co-productie met Korzo). 2/12 t/m 4/12, 4/2/2017 en 5/2/2017. www.maastd.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden