Hulpeloos zonder de huishoudster

Net als in 'De eenzaamheid van de priemgetallen' weet Paolo Giordano de kwetsbaarheid van moderne mensen briljant te verwoorden

"Op mijn vijfendertigste verjaardag..." De eerste woorden van Paolo Giordano's derde boek krijgen iets episch door hun verwijzing naar dat wereldberoemde midden van ons levenspad, het vijfendertigste levensjaar waarin Dante Alighieri afdaalde in de Hel. De moderne hel waaraan Giordano subtiel refereert ontvouwt hij vervolgens behoedzaam in de minutieuze beschrijvingen en haarscherpe beelden zoals we die van de jonge schrijver kennen.

Ondanks de herkenbare stijl is dit opnieuw een verrassend boek. In 2008 werd Giordano op slag beroemd met zijn overrompelende debuutroman 'De eenzaamheid van de priemgetallen'. Opniew indrukwekkend, maar ook totaal anders vertelde hij in 'Het menselijk lichaam' over de ervaringen van een peloton Italiaanse soldaten in Afghanistan. Met 'Het zwart en het zilver' lijkt er wéér een nieuwe schrijver te zijn opgestaan. Al kun je deze 150 zeer luchtig bedrukte bladzijden amper een roman noemen: het is eerder een lange psychologische novelle, een miniatuurroman.

De vertelling opent met de dood van de geliefde huishoudster en oppas Signora A., een gebeurtenis die een bres slaat in een jong gezin, bestaande uit de ik-verteller Arno, diens vrouw Nora en hun zoontje Emanuele. De zestigjarige weduwe Signora A. werd hun hulp in de huishouding omdat Nora de laatste maanden van haar zwangerschap het bed moest houden. Na de geboorte bleef Signora A. als huishoudster én kinderjuf en zo stond ze acht jaar lang iedere werkdag om acht uur voor de deur.

In die tijd groeit ze uit tot Arno en Nora's steun en toeverlaat, af en toe bijna hun rolmodel, ondanks haar verouderde normen en waarden. Soms betrapt het jonge echtpaar zich op een gevoel van heimwee naar het eenvoudiger huwelijk van Signora A. waarover ze met zoveel liefde vertelt. Een "simpel, ouderwets gezinsmodel, een model waarbinnen ieder niet alles tegelijk hoefde te zijn", veel minder gecompliceerd dan het moderne huwelijk dat man en vrouw "opzadelt met een verantwoordelijkheid die zo veelomvattend en ongedifferentieerd is dat we hoe dan ook tekortschieten".

Acht jaar lang waakt Signora A. over de kinderen die ze zelf had, en als een oma zorgt ze voor Emanuele. Zelfs tijdens haar afwezigheid voelt het jonge echtpaar haar wakende oog: stiekem smokkelen ze 's avonds laat 'verboden' afhaaleten het huis in waarna ze de penetrante geur met luchtverfrissers camoufleren.

Hoewel de hechting nog broos is, ontstaat in het jonge gezin een symbiotisch evenwicht waarin Signora A. als een beschermengel op hun liefde toeziet: zij is "de enige getuige van de band die er tussen ons was". Zonder die blik voelen ze zich in onveilig, een angst die terecht blijkt wanneer Signora A. ziek wordt: opeens zijn Arno en Nora verlaten en onzeker als weeskinderen en beleeft hun relatie "de ene na de andere ondergrondse aardverschuiving".

Uit de opdracht ('Voor het meisje met wie ik ga') en uit interviews kunnen we opmaken dat het boekje een hoog autobiografisch gehalte heeft. Het schrijven van zijn debuutroman was voor Giordano al letterlijk een kwestie van overleven. Ook aan 'Het zwart en het zilver' lijkt een dergelijke levenscrisis ten grondslag te liggen.

Zwart en zilver zijn de contrasterende persoonlijkheden (en namen!) van Arno en Nora. Terwijl zwarte melancholie door het lichaam van Arno stroomt, schittert zilveren vitaliteit in de persoonlijkheid van zijn echtgenote. Ooit dacht Arno dat hun zwart en zilver langzaam met elkaar zouden vermengen "en dat er uiteindelijk dezelfde bruine, metaalachtige vloeistof door ons beiden zou stromen". Maar met de ziekte en dood van Signora A. lijkt dit proces abrupt tot stilstand gekomen.

Als Nora opnieuw zwanger lijkt, twijfelt ze of hun relatie sterk genoeg is. Nora verliest haar uitbundigheid en Arno's wereld dreigt weer te verworden tot dat 'kille omhulsel' van voordat hij Nora kende. Door de kanker van Signora A. stokt hun vermenging en groeit de gescheidenheid: "In weerwil van wat we hoopten, waren we niet in elkaar op te lossen."

Na negen jaar ziet Arno een spiegelbeeld: "Signora A. in bed en mijn vrouw aan het bed." Maar zelfs nu is het hun op sterven liggende 'moeder', zij die haar hele leven in dienst stelde van anderen, die de troostende woorden vindt: "'Niet huilen, Nora', zei ze, 'niet huilen. We hebben het een tijdje heel fijn gehad samen.'"

Paolo Giordano: Het zwart en het zilver. Vertaald door Mieke Geuzebroek en Pietha de Voogd.

De Bezige Bij; 160 blz. euro 16,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden