Hulp bij opvoeding moet voor iedereen normaal worden

Het zou volkomen normaal moeten zijn, vindt hoofdinspecteur voor de jeugdzorg Joke de Vries: hulp bij opvoeding.

Als een kind iets ernstigs overkomt, is tegenwoordig de eerste vraag: was de jeugdzorg betrokken bij het gezin? „En zoja, dan is het oordeel snel geveld: de jeugdzorg heeft weer eens gefaald”, zegt hoofdinspecteur Joke de Vries (53) van de jeugdzorg. „Dat is níet terecht. Want dan weet niemand nog wat er echt gebeurd is.”

Zij heeft zojuist de kersttoespraak gehouden voor haar medewerkers. Ze hebben drukke dagen achter de rug. Terwijl vorige week nog in het teken stond van positief nieuws over wat er goed werkt bij de zorg voor kinderen - het was 'de Week van de jeugdzorg' - is de afloop anders.

Eerst kwam het bericht dat de gezinsvoogd van de in 2004 door mishandeling overleden peuter Savanna door justitie wordt vervolgd wegens dood door schuld. Twee dagen later werd bekend dat de 5-jarige Metahan, die onder toezicht van jeugdzorg stond, vermoedelijk door zijn psychisch zieke moeder is omgebracht. Terwijl de pleegouders van Metahan de gezinsvoogd nog hadden gewaarschuwd en het bezoek aan de moeder afraadden.

Op het hoofdkantoor van de inspectie in Utrecht zijn de oranje lichtjes opgehangen en de kerstkransjes rondgedeeld, er wordt gerlachen. Even later zegt Joke de Vries boven een kop koffie met boterletter: „Op jeugdhulpverleners heeft zo'n afschuwelijke dood van een kind een grote emotionele impact. En daar komen dan meteen die krantenkoppen over falen van de jeugdzorg overheen, dat is voor hen heel erg. Onze inspecteurs hebben geleerd te wachten met een oordeel over individuele zaken voor alle gegevens bekend zijn.”

Iedere instelling in Nederland die met kinderen werkt, is sinds begin vorig jaar verplicht calamiteiten te melden aan de inspectie jeugdzorg. De inspectie heeft dan ook al contact gehad met Bureau Jeugdzorg Gelderland, waar de gezinsvoogd werkte die over de veiligheid van Metahan moest waken. De instelling doet eerst zelf onderzoek naar wat er gebeurd is, onder leiding van een onafhankelijke voorzitter. De inspectie jeugdzorg bekijkt na afloop of dit goed gebeurd is en of er aanvullend onderzoek nodig is. De Vries, kort: „Deze zaak is anders dan die van Savanna, zoals elke keer de situatie anders is. Meer kan ik nu niet zeggen.”

Het verbaasde haar dat justitie eind vorige week bekend maakte de gezinsvoogd van Savanna te vervolgen voor dood door schuld. Dit 3-jarige meisje werd in 2004 dood in een kofferbak gevonden, overleden door ernstige mishandeling door moeder en stiefvader. De inspectie rapporteerde vorig jaar wat er allemaal was misgegaan bij de hulpverlening aan Savanna. De gezinsvoogd ging niet in op signalen van mishandeling en bleef moeder vertrouwen.

De Vries: „Maar niemand coachte deze gezinsvoogd, wees haar op blinde vlekken of besliste mee. De kinderrechter heeft het meisje toegewezen aan Bureau Jeugdzorg Noord-Holland, niet direct aan de gezinsvoogd. De leiding van dat Bureau is dus medeverantwoordelijk.”

Ze betreurt het dat de sector geen eigen tuchtrecht heeft, waar de zaak van de gezinsvoogd beter thuis zou zijn. De jeugdzorg heeft in vele opzichten een achterstand op bijvoorbeeld de medische wereld, constateert De Vries. „De gezondheidszorg is veel beter georganiseerd, heeft een eigen tuchtrecht, de opleidingen zijn beter, er is veel meer wetenschappelijk onderzoek gedaan. De jeugdzorg moet op al die punten een inhaalslag maken.”

Maar er is meer nodig om de jeugd beter te beschermen. „Er moet een maatschappelijk omslag komen. Iedereen, ook ouders die nooit met jeugdzorg in aanraking zijn, zou het gewoon moeten vinden hulp te krijgen bij het grootbrengen van de kinderen. Iedereen erkent toch dat opvoeden moeilijk is?''

Nog voor een kind geboren is, moeten ouders vast informatie krijgen over hoe het is om een baby te hebben. „En ook als de baby geboren is, moet er heel toegankelijke opvoedondersteuning zijn, voor iedereen. Want als je schulden hebt, of relatieproblemen en je hebt ook nog een baby die huilt, dan ís het heel moeilijk om daarmee om te gaan. En dan moet die steun heel normaal zijn en gemakkelijk te krijgen.”

Hier ligt allereerst een taak voor de arts op het consultatiebureau, zegt zij. Hij moet niet alleen kijken naar de groeicurve en het gewicht van de baby, maar ook vragen stellen over opvoedkundige zaken. „Hoe vind je het om moeder te zijn? Zo pik je de eerste probleemsignalen op. In de preventie, dáár is echt winst te halen voor de jeugdzorg.”

De Vries vindt weer niet dat de Wet op de jeugdzorg, die vorig jaar van kracht werd, moet worden herzien. Sommige gemeenten pleiten ervoor om de jeugdzorg weg te halen bij de provincies en onder te brengen bij de gemeenten. Want die zitten dichter op gezinnen. „Niet doen, dan gaat weer veel aandacht naar reorganiseren. Binnen de huidige wet is het prima mogelijk goed samen te werken op lokaal niveau, dat gebeurt al op veel plekken. Breng niet weer nieuwe onzekerheid binnen de jeugdzorg, dat is niet goed voor de mensen die er in werken.”

Ze hoopt op de komst van een minister van jeugd in het nieuwe kabinet, die vanuit één heldere visie de verschillende departementen waar jongeren onder vallen - zoals onderwijs, gezondheidszorg, justitie - gaat aansturen. „Er is meer geld gekomen voor de jeugdzorg, er is veel in gang gezet de afgelopen jaren, alleen ik kan niet zeggen dat álles al goed gaat. Preventie moet beter, er wordt gewerkt aan professionalisering, maar voor dit overal op de werkvloer doordringt, dat heeft duidelijk nog tijd nodig.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden