Huizinga trekt ’normale’ wereld in

Mark Huizinga na het winnen van de bronzen plak in Athene (2004). (FOTO ROBERT VOS)

Mark Huizinga neemt dit weekeinde als actief judoka afscheid van zijn sport. Voorgoed. Maandag begint de zoektocht naar het ’andere’ geluk.

Als Mark Huizinga dit weekeinde van de mat stapt, nadat hij op het Nederlandse kampioenschap zijn laatste wedstrijd heeft gejudood, kan hij zich volledig laten omhullen door het zwarte gat, door het verlangen naar niets. Huizinga, groot kampioen in de judosport, vindt zichzelf niet erg ontwikkeld op sociaal vlak. Al zijn successen zijn, zo beschouwde hij afgelopen zomer, maakbaar gebleken. Nu wil hij een leven zonder minutieus gestort fundament.

Of zo’n leven hem gaat bevallen, weet hij niet. Dat maakt hem ook niet uit. Maar na jaren van topsport, jaren ook van structuren, wil hij een ander bestaan. Weg uit de saaie wijk waar hij woont, weg van het judo en weg van het voorspelbare. Vlak na zijn verlies op de Olympische Spelen in Peking zei hij: „Als ik opstond wist ik al precies wat ik ging doen. En ook wat ik vijf maanden later zou gaan doen. Maar ik heb ook maar één vriend. Daar ga ik soms mee vissen. Dat is het dan.”

Huizinga praatte in de Chinese hoofdstad heel open over het nieuwe leven dat hem te wachten staat. Hij verwacht er veel van. Even daarvoor had hij gehuild in een hoekje van de zaal waar de judoka’s zich opwarmen. Tranen van verdriet, omdat zijn laatste droom niet was uitgekomen. Het maakbare bleek in Peking minder maakbaar dan gedacht. Huizinga wilde de eerste judoka worden die op vier opeenvolgende Olympische Spelen een medaille zou winnen. Daarin faalde hij. Hij sneuvelde in de tweede ronde.

Voor die laatste droom had de 35-jarige judoka alles nog één keer opzij gezet. Als de Spelen in een willekeurig ander jaar waren gehouden was hij er al eerder mee opgehouden. En hij was topfit in Peking, misschien wel beter dan ooit. Hij won in de eerste ronde van de regerend olympisch kampioen Iliadis. De route naar een gouden medaille, het zou zijn tweede zijn geworden na die van Sydney, lag open. De matige Zwitser Aschwanden versperde hem echter de weg – zelfs een herkansing was Huizinga niet gegund.

Peking had een mooi afscheid kunnen zijn. Moeten zijn eigenlijk. De judoka Huizinga was een sporter van fenomenale klasse. Hij ademde de sport, alle vezels van zijn uiterst ontwikkelde zenuwstelsel stonden jarenlang in dienst van het judo. De sport bracht hem veel, Huizinga is de beste Nederlandse judoka van de afgelopen 35 jaar.

Op zijn eigen site heeft hij de overwinningen netjes gerangschikt. De eerste prijs won hij al in 1989, daarna volgde een stortvloed van medailles, waaronder drie op de Olympische Spelen. Brons in Atlanta, goud in Sydney en brons in Athene. Liefst 32 keer was er eremetaal in een wereldbekerwedstrijd, geen judoka doet hem dat na. In Rotterdam kan hij morgen voor de veertiende keer Nederlands kampioen worden – twee jeugdtitels meegerekend.

Maar voor Huizinga heeft er ook een schaduwzijde aan het leven als topsporter gezeten. Hij was nogal onfortuinlijk in de liefde, bijvoorbeeld. Normaal geen onderwerp waar in een krant aandacht voor moet zijn; in het geval van Huizinga is dat echter anders. In het voorjaar van 2007 zag hij de relatie met musicalster Anneke van Meurs op de klippen lopen. Die breuk greep hem zo aan dat hij zich afmeldde voor de Europese kampioenschappen in Belgrado. Ook een relatie met topjudoka Edith Bosch bleek slechts beperkt houdbaar.

Huizinga had en heeft het lef en de moed om over zijn diepste gevoelens te spreken. Toen hij brak met Van Meurs schreef hij daarover op zijn eigen site. Trainer Chris de Korte sprak er in die periode ook vrij openhartig over. Huizinga veranderde in een mentaal wrak, niet in staat om nog te genieten van andere zaken in het leven. Het hoofd leek het lichaam te verlammen, zei De Korte. „Als hij tegen een gele band had moeten judoën had hij verloren.”

De judoka rechtte na die moeilijke periode de rug en kwam sterk terug. Hij won dit voorjaar zijn vijfde Europese titel en leek klaar om olympische geschiedenis te schrijven. Voor de laatste keer focuste hij zich volledig, met als inzet een vierde olympische medaille. Hij zou de eerste zijn geweest die zo’n prestatie had geleverd. Het lukte niet.

Na de tranen kwam de bezinning. Huizinga zal zich de komende jaren toeleggen op het vissen en zijn carrière bij de luchtmacht. Maar hij wil ook verloren jaren inhalen, zich als mens net zo ontwikkelen als hij dat als judoka heeft gedaan. De man die zich sociaal onderontwikkeld noemt trekt de ‘normale’ wereld in. „Kijken of ik zonder succes toch ook een heel mooi mens kan zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden