Huis Doorn wankelt door snipperbeleid

Museum Huis Doorn dreigt ten onder te gaan door het onvermogen van de rijksoverheid om consistent beleid te voeren, waarschuwt Herman Sietsma.

Kleine musea zijn kwetsbaar, zo blijkt uit recent onderzoek. Subsidiegevers zijn wispelturig en afhankelijkheid van de politiek is een grote onzekere factor.

In het geval van Rijksmuseum Huis Doorn wordt dit probleem nog nijpender door het onvermogen van de (veelkoppige) rijksoverheid om een consistent beleid te voeren. Daardoor investeert het ene onderdeel van het Rijk nu vier miljoen euro in het parkbos en gebouwen van Huis Doorn, terwijl door beleid van het andere onderdeel, het ministerie van OCW, het museum (opnieuw) in gevaar is. En het ene onderdeel stelt hogere eisen aan huisvestingscondities (depots) en dus de ruimte die een ander onderdeel van hetzelfde ministerie beschikbaar stelt.

Staatseigendom

Huis Doorn is het landgoed dat keizer Wilhelm II - een van de belangrijkste Europese leiders van zijn tijd - in 1920 betrok toen hij na de verloren oorlog de Ardennen was ontvlucht. Hij nam 59 wagons met de mooiste collectie uit zijn paleizen mee. Dat geheel (Huis, landgoed en collectie) werd in 1946 door de Staat geconfisqueerd als 'vijandig erfgoed'.

Huis Doorn is nu rijksmuseum. Het gaat dus om eigendom van de staat dat beheerd wordt door een stichting met vier medewerkers en 180 vrijwilligers. Het vastgoed behoort bij het Rijksvastgoedbedrijf (RVB), het museale beleid berust bij het ministerie van OCW en verder is er de Erfgoedinspectie die toezicht houdt op het beheer van deze rijkscollectie.

Hoge waardering

Huis Doorn is energiek en vitaal met 40 000 bezoekers (2013: 25 000) en een hoge waardering door deze bezoekers . Tot 2013 ontvingen we per jaar 468 000 euro subsidie, bedoeld voor zorg voor de collectie (beheer en behoud) en de publieksfunctie. Dat werd voor de periode 2013-2017 verminderd met meer dan de helft: 55 procent korting.

Van de acht medewerkers moest de helft worden ontslagen, maar tot verbazing van velen kon het museum openblijven door de toestroom van vrijwilligers, die voor hun voortreffelijke werk in 2015 de Europa Nostra Award ontvingen, de belangrijkste Europese culturele prijs. Er is zelfs in 2014 een nieuwe museale pijler aan het museum verbonden, over Nederland en de Eerste Wereldoorlog.

Na deze vierjarige uitputtingsslag was de verwachting dat Huis Doorn in 2017 min of meer op het oorspronkelijke subsidieniveau zou terugkeren. Behalve door uitlatingen van de minister werd die hoop gevoed door de ambitieuze investering van het Rijksvastgoedbedrijf van 3 miljoen euro in het parkbos, en 1 miljoen in het Poortgebouw. Maar tot onze verbijstering is het voornemen nu om Huis Doorn met nog eens vijftien procent te korten. Hierbij komt dat de Erfgoedinspectie - die behoort tot hetzelfde ministerie van OCW - de tochtige zolder van het Huis die het Rijk zelf ons ter beschikking heeft gesteld heeft afgekeurd voor opslag van collectie. Daardoor moeten we voor 50 000 euro per jaar een nieuw depot huren.

Verdere reductie

Ook aan bekostiging hiervan heeft OCW geen boodschap en feitelijk betekent dat een verdere reductie van onze besteedbare middelen met nog eens 25 procent, een totale vermindering van het budget dus van veertig procent.

Geen herstel, maar verdere teruggang: zo kan het dus niet. Vitale functies (leiding, administratie, marketing, begeleiding van vrijwilligers) ontbreken of zijn onvoldoende professioneel ingevuld. Een extern rapport (adviesbureau BMC) onderschrijft deze conclusie; collectie en openstelling van het rijksmuseum lopen hierdoor gevaar.

Vrijwilligers en medewerkers zijn tot heden zeer gemotiveerd, maar ze zuchten nu al jaren in hun overmatige inspanning om deze rijkscollectie te beheren. Het lijkt erop dat Den Haag geen boodschap heeft aan beheer van zijn eigen collectie, maar alleen aan de eigen regels, hoe die ook in de praktijk uitwerken.

Dromen

Ook wij dromen van een museum zonder subsidie en voldoende eigen inkomsten (die met een toegangsprijs van 12 euro trouwens al op een relatief hoog niveau zijn). Maar voor Huis Doorn met zijn specifieke functie en collectie is een commerciële opstelling niet mogelijk. Bovendien zijn wij niet een particulier museum dat vanwege zijn publieke belang door het Rijk gesubsidieerd wordt, maar een rijkscollectie. Volgens mij moet het Rijk gewoon goed voor zijn eigen spullen zorgen (zie de depotproblematiek). Het beleid bij de rijksoverheid moet naar mijn oordeel beter worden afgestemd. Huis Doorn dreigt voor het gebrek aan afstemming de ultieme prijs te betalen.

Kwaliteitsslag

Het Rijksvastgoedbedrijf heeft het belang van Huis Doorn onderkend, gelet op de kwaliteitsslag die wordt uitgevoerd in gebouwen en het omliggende park. Minister Bussemaker van OCW heeft Huis Doorn enkele keren incidenteel goed geholpen. Maar voor het voortbestaan van het museum moet het nu financieel ook structureel goed worden geregeld.

Museum Huis Doorn is niet alleen een verzameling met de mooiste keizerlijke objecten uit drie eeuwen: van schilderijen tot meubels en porselein. Het is ook de plaats waar bezoekers kunnen beleven hoe staten in Europa ontstonden en ook weer verscheurd werden.

De actuele Europese situatie laat zien dat kennis daarover bepaald niet overbodig is.

Huis Doorn. foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN, anp

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden