Houtkap niet te stoppen

De ene na de andere boom gaat tegen de vlakte in Indonesië. De illegale houtkap neemt grote proporties aan. En de overheid en politie knijpt een oogje toe. ,,Iedereen, van houthakker tot politicus, doet mee aan de illegale houtkap'', zeggen onderzoekers. De politieke wil om ermee te stoppen ontbreekt.

Ze zien er uit als een oude schurftige hond vol aangevreten plekken, die heuvelruggen in het Nationaal Park, Salak Halimun, in West-Java. Er is behoorlijk in het wilde weg gekapt. Op de bijna kale hellingen staan honderden achtergebleven boomstompjes. Het is een mistroostig gezicht. Stapels boomstammen staan verdekt opgesteld voor transport. ,,Het is allemaal illegaal hout. In een nationaal park mag je zelfs nog geen één boom kappen'', zegt de coördinator van een milieuorganisatie die liever anoniem wil blijven.

Vrijwilligers van deze organisatie onderzoeken undercover de illegale houtkap in de tientallen beschermde Indonesische natuurparken. Vermomd als toeristen of als sportvissers trekken de milieuactivisten de parken in. In het geheim maken ze opnames van de illegale houtkap. Dit is niet zonder gevaar. Onlangs werden twee studenten die in dit park aan het filmen waren door een van de houthakkers achterna gezeten. Als ze niet snel zouden opkrassen zou hij ze met een mes vermoorden.

De film laat zien hoe houthakkers met professionele motorzagen de een na de andere boom vellen. Gekweld vertelt de coördinator dat er jaarlijks vijfduizend hectare bos verdwijnt in dit natuurpark. ,,Als de illegale kap in dit tempo doorgaat, staat er over vier jaar geen boom meer.''

De dramatische ontbossing van het Nationaal Park Salak Halimun in West-Java is geen uitzondering. Het tropische regenwoud in het Leuser Natuurpark op de grens tussen Noord-Sumatra en de provincie Atjeh staat er net zo beroerd voor. Dit park kwam onlangs in het nieuws, toen bij een overstroming meer dan 200 mensen om het leven kwamen. Stapels (illegale) boomstammen werden door de tropische stortbuien de bergen afgesleurd en verwoestten een dorpje. Als de illegale houtkap niet snel(ler) wordt aangepakt zal het Leuserpark hooguit nog een jaar langer bestaan dan het park in West-Java.

De noodklok luidt inmiddels voor alle natuurparken in Indonesië. De sombere verwachting is dat die er over tien jaar niet meer zijn. Voor sommige parken is dat zelfs nog te positief berekend. De Nederlander Willie Smits, die al 24 jaar in Indonesië woont en bekend is vanwege zijn rehabilitatieprogramma's voor mensapen, de orang-oetans, onderzocht vorig jaar het Tanjung Puting Park in Kalimantan. Hij stuitte op 2300 illegale kampementen. ,,Dit park is voor 85 procent verwoest. Twee andere parken in Kalimantan zijn voor 95 procent leeggeroofd. De kap gaat nog door. Er is geen enkele hoop meer'', zegt hij.

Volgens officiële cijfers van het Indonesische ministerie voor Bosbouw verdwijnt er jaarlijks bijna 60 miljoen kubieke meter aan illegaal hout uit de parken in het hele land. De staat lijdt daardoor een miljardenverlies. Milieuorganisaties beweren dat de cijfers hoger liggen. Het ministerie houdt ze bewust laag, omdat het zelf bij de illegale kap is betrokken. Maar het lijkt er niet op dat ook maar iemand - op de milieuorganisaties na - zich druk maakt om de leegroof van de parken.

Op de net vernieuwde asfaltweg die van Bogor door de bergen naar de havenstad Pelabuhanratu loopt, passeren overdag vooral vrachtwagens vol boomstammen. De weg loopt langs het nationaal park Salak Halimun. Het vermoeden bestaat dat daar die vrachtwagens vandaan komen.

In de dorpjes net buiten het park wil de bevolking niet praten over de illegale houtkap. De anonieme milieuorganisatie raadt iedere journalist af daar te komen. ,,De sfeer is er bijzonder agressief. Omdat de bevolking zelf meekapt. Het zijn de mannen uit dit gebied die zich voor een paar roepia's per dag (hooguit een euro) laten inhuren. De werkloosheid is groot. Evenals de armoede. Daar maken houthandelaren misbruik van'', zegt de coördinator.

Hij noemt de namen van houthandelaren uit Pelabuhanratu die achter de illegale kap in dit natuurpark zitten. Maar die namen zijn al jaren bekend. ,,De politie laat zich afkopen. Evenals de regionale regering'', zegt de coördinator heel somber.

De coördinator noemt de corruptie en de terreur in het park in West-Java nog kinderspel vergeleken met die in het Leuserpark in Sumatra of het park Tanjung Puting in Centraal-Kalimantan. Twee parken die minstens vijf keer zo groot zijn en waar Cukong (eigenaars van grote houtbedrijven) en zelfs vooraanstaande politici bij de illegale houtkap zijn betrokken.

De milieuorganisatie Telapak publiceerde in 1999 een rapport waarin ze de politicus Abdul Rasyid, een lid van het hoogste Volksorgaan (MPR), beschuldigde van illegale houtkap. Rasyid, die bekend staat als de koning van Centraal-Kalimantan, is de eigenaar van de Tanjung Lingga Groep, een van de grootste houtbedrijven van Indonesië. Rasyid ontkent iedere beschuldiging en zegt dat hij de dagelijkse leiding van zijn bedrijf heeft overgedragen sinds hij in de MPR zit.

De anonieme milieuorganisatie verzamelde talloze bewijzen tegen deze onderkoning. Ze maakten in het park Tanjung Puting geheime opnames op de rivier, beelden van tientallen boten met daarachter enorme slepen boomstammen. Op de film zegt een bemanningslid een van de meest zeldzame (verboden) houtsoorten aan boord te hebben. De organisatie vernam van de houthakkers in het park dat ze allemaal voor Rasyid werkten.

In het Leuserpark in Noord-Sumatra, waar ondermeer een Chinese houthandelaar uit Medan achter de illegale kap zit, ontdekte de milieuorganisatie zelfs vijf illegale houtzagerijen die van hem zijn. Ze vonden de zagerijen door een vrachtwagen vol boomstammen te volgen.

De bewijzen tegen deze Chinese handelaar en de onderkoning van Centraal-Kalimantan stapelen zich op. Maar geen van de twee is ooit opgeroepen voor verhoor. Laat staan dat de politie een poging ondernam om op onderzoek uit te gaan.

,,Iedereen in Indonesië, van houthakker tot nationale politicus, doet mee aan de illegale kap. De politie knijpt een oogje dicht in ruil voor geld. Militairen zijn zelfs actief bij de illegale houtkap betrokken. In het Leuserpark op de grens met de provincie Atjeh dwingen ze Atjese boeren bomen te hakken'', vertelt de coördinator van de anonieme organisatie.

Die gedwongen houtkap bevestigt de voormalige directeur Adi Susmianto van het Leuserpark. Hij vocht jarenlang tevergeefs tegen het fenomeen. ,,Zolang de regionale overheid de illegale houtkap dekt, is het vechten tegen de bierkaai.'' Zijn parkopzichters voerden regelmatig samen met de politie invallen in het park uit. Maar vaak lekte de razzia al van te voren uit. Parkopzichters laten zich maar al te graag omkopen. Susmianto verzamelde bewijzen tegen verschillende illegale houthandelaren, zoals motorzagen en bulldozers die hij aantrof in zijn park. Hij overhandigde zijn bewijsmateriaal aan de politie. De eigenaren werden gearresteerd. Maar de politie liet ze weer gaan zonder een duidelijke verklaring in handen te krijgen.

Voorzitter Radjit van de milieuorganisatie Leuser Lestari vertelt dat zijn medewerkers vrachtwagens in het park aantroffen die leiden naar de Chinese eigenaar van een groot houtbedrijf uit Oost-Atjeh. De politie vaardigde een arrestatiebevel tegen deze Cukong Acan uit. De handelaar ontsnapte en sloeg voor een lange tijd op de vlucht. Tegen de tijd dat hij weer opdook waren de twee kroongetuigen in zijn rechtzaak verdwenen. Zo gaat het voortdurend.

Het is bekend dat het justitiële apparaat in Indonesië door en door corrupt is. Maar de politieke wil om de illegale houtkap daadwerkelijk aan te pakken ontbreekt. Dat is het grootste probleem, zeggen verschillende milieuorganisaties.

Na de milieuramp vorige week in het Leuserpark leek het even alsof de politiek was wakker geschud. President Megawati, een natuurliefhebster, hield een emotioneel betoog waarin ze Indonesiërs waarschuwde de natuur niet verder te tarten. Minister Nabiel Makarim voor Milieu riep zelfs voor de camera de houthakkers, maar ook de handelaren en de militairen op te stoppen met hun illegale houtkap.

Maar inmiddels lopen de emoties al weer wat minder hoog op. In zijn villa in Jakarta houdt minister Makarim vol dat hij fel is gekant is tegen illegaal kappen. Maar hij weet absoluut niet hoe hij de illegale houtkap moet aanpakken. Hij kent de rapporten van de milieuorganisaties. ,,In de rechtszaal krijgen we de zaak niet rond. De rechter zal de verdachte vrijspreken. Je mag iemand niet voor eenzelfde vergrijp nog een keer aanklagen'', klinkt het uiterst zwak.

De minister maakt een uitgebluste indruk. ,,Ik probeer de illegale kap aan te pakken. Maar we weten nog niet hoe. Wie zegt dat we niet genoeg doen, moet bij mij komen. Geef me je ideeën!'', klinkt het wanhopig.

President Megawati kan dan wel een natuurliefhebster zijn. ,,Vraag haar de naam van de boom en ze weet het'', zegt minister Makarim. Onder haar bewind is de illegale kap verdubbeld. Ex-president Soeharto coördineerde de corruptie. Onder president Megawati heerst er complete anarchie in de jungle.

Makarim beschuldigt landen als Vietnam, China en Maleisië ervan ook bij de leegroof van de natuurparken betrokken te zijn. Maleisische houthandelaren laden in het Tanjung Puting park in Kalimantan hun schepen vol met illegale boomstammen. Zelfs het meeste hout dat naar Europa gaat is illegaal, beweert de minister.

Er gloort nog een klein beetje hoop voor de natuur in Indonesië. De Nederlander Willie Smits, die de Stichting BOS voor de redding van de orang oetan oprichtte (met prins Bernhard als erevoorzitter), hoopt nog een stuk ongerepte natuur in Kalimantan te redden. Het gebied, twee keer zo groot als al het bosgebied in Nederland, is het thuisland van de bevolkingsgroep de Dayaks. ,,Die zijn het beu dat hun leefgebied wordt verwoest'', zegt Smits. Een paar weken geleden organiseerde hij een traditioneel feest voor deze koppensnellers van Indonesië. ,,Na drie dagen vertelde ik de Dayaks dat ik echt terugmoest naar Jakarta en dat ik het jammer vond geen toestemming van de voorouderlijke geesten te hebben gekregen. Plotseling verschenen er achttien bosgeesten. Ze gaven onze Stichting Bos toestemming om samen met de Dayaks dit nieuwe park te beschermen'', vertelt Smits trots.

Zijn park wordt via een satelliet en radar 24 uur per dag bewaakt. Drie vliegtuigjes met parkopzichters staan klaar onmiddellijk in te grijpen als er houtroof wordt geconstateerd. Smits werkt met eigen beveiligheidsmensen die moeilijker zijn om te kopen.

Willie Smits wil, om opnieuw leegroof van dit park te voorkomen, dat Indonesië zijn Stichting Bos toestemming geeft dit park voor eeuwig te beheren. En daar kan Nederland bij helpen door Indonesië onder druk te zetten. Indonesië staat voor miljarden dollars bij Nederland in het krijt. ,,Onze regering zou in ruil voor die toestemming Indonesië lastenverlichting kunnen geven.''

Maar niet iedereen in Indonesië is blij met Willie Smits. Hij leest een aantal sms-berichtjes op zijn mobiele telefoon voor waarin hij met de dood wordt bedreigd. ,,Achttien bedreigingen heb ik deze week ontvangen. Dat gebeurt nu eenmaal in Indonesië als je je inzet voor natuurbehoud'', klinkt het laconiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden