Review

Hot item in nieuw handboek: de depressieve oudere

De nieuwe 'bijbel voor geestelijk verzorgers' biedt de jongste stand van zaken rond spirituele zorg – voor gehandicapten en moslims. Maar over gebedsgenezing geen woord.

’Hij is zó dik, dit mag je wel de bijbel van geestelijk verzorgers noemen”, zegt Jaap Doolaard. Hij redigeerde de bijna duizend bladzijden van het ’Nieuw Handboek Geestelijke Verzorging’. Deze week is het boek, geschreven door geestelijk verzorgers zelf, gepresenteerd.

Tien jaar geleden verscheen de eerste versie. „Die was net zo dik”, zegt Doolaard, nu predikant in Amstelveen en daarvoor hoofd van de dienst geestelijk verzorging in het Amsterdamse VU medisch centrum, „maar er is zoveel veranderd en achterhaald, dat de tekst van het nieuwe handboek voor zeventig procent ook echt nieuw is.”

Een van de belangrijkste ontwikkelingen is de ’extramuralisering’. „Patiënten die onder de zorg van een verpleeghuis vallen, gaan buiten de muren van de instelling wonen. Ze houden wel de full package, recht op de zorg die ze al in het verpleeghuis hadden, zoals geestelijke verzorging. De pastor gaat dan bij mensen thuis langs. Staatssecretaris Ross van Volksgezondheid heeft laten onderzoeken of dat zo moet blijven. De onderzoekers van het College van zorgverzekeringen vonden van wel. Ik ben benieuwd of ze dat overneemt.”

Nieuw is, zegt Doolaard, een ’hot item’ in de ouderenzorg: de depressieve oudere. Het boek besteedt er uitgebreid aandacht aan. „Wist u dat kerkelijke protestanten er minder last van hebben?”

Niet alleen ouderen, ook verstandelijk gehandicapten gaan vaker zelfstandig wonen. Daar hoort, zegt Doolaard, een andere rol voor de geestelijk verzorger bij.

„Vroeger had je inrichtingen met 700 patiënten en een kapel op het terrein. Nu wonen ze apart. De geestelijk verzorger bezoekt minder de bewoners, maar wordt trainer en adviseur voor de groepsleiders. Hij leert ze waar op te letten bij geloofs- en levensvragen.”

Een hoofdstuk wijdt het handboek aan de pastor in het hospice, een instelling waar mensen hun laatste dagen doorbrengen. Doolaard: „Er zijn nog nauwelijks pastores die dat werk doen, maar ik verwacht dat de hospicebeweging groeit, en dat ook de vraag naar geestelijke verzorging daar toeneemt.”

In de afgelopen twintig jaar is de geestelijke verzorging volwassen geworden, zegt Doolaard. „Er verschijnen proefschriften over, in Nederland is het een volwaardig specialisme geworden. Elders in de wereld is het vooral een taak voor de kerken, hier werken verzorgers in dienst van de instellingen.”

Hoe sterk moet de binding aan een levensbeschouwelijk genootschap zijn? De Vereniging voor geestelijk verzorgers in zorginstellingen, de grootste beroepsvereniging waar ook Doolaard lid van is, wordt op dit moment verscheurd door een richtingenstrijd. Moet je als geestelijk verzorger vooral een goedgeschoolde professional zijn, of hoort daar een ’kerkelijke binding’ bij – met kerk, sjoel, moskee, hindoeraad of humanistisch verbond?

Doolaard: „In het nieuwe handboek is van de vereniging Albert Camus een hoofdstuk opgenomen over die niet-gebonden geestelijke verzorging, waar ze zelf voor is.

Maar de teneur van het handboek is dat we vasthouden aan de binding. Je kunt het ambt niet missen, vinden wij.”

Op de vorige editie van het handboek kwam kritiek van dr. Harmen de Vries: er stond geen letter in over gebedsgenezing. Bidden om gezondheid hoorde, naast reguliere geneeskunst, in zorginstellingen thuis, en al helemaal in het handboek.

Doolaard zucht. „Zorginstellingen vinden het goed dat er kerkdiensten zijn, ziekenzalving, gebeden. Maar als je gebedsgenezing praktiseert en dat net als De Vries opvat als hoop op wonderbaarlijk herstel, dan zetten die instellingen je eruit. Gebedsgenezing hoort daar niet thuis, en ook niet in dit handboek.”

Aan het nieuwe handboek hebben tachtig auteurs meegedaan – maar geen allochtone. Dat was in het ’oude’ handboek nog anders, zegt Doolaard. „Wat daarin staat over geestelijke verzorging uit hindoe- of moslimperspectief, is nog helemaal bruikbaar. In het nieuwe handboek belichten autochtone auteurs wel het eigene van islamitische en hindoeïstische geestelijke verzorging. Natuurlijk in samenspraak met autochtonen.”

De aandacht voor multireligieuze geestelijke verzorging is er wél. „Je hebt instellingen die alles aanbieden: een pastoor, een pandit, een rabbijn, een imam. Bij defensie en in gevangenissen wordt de imam op de eigen achterban afgestuurd en is de dominee of de pastoor er voor iedereen.”

Dat levert de nieuwste discussie onder geestelijk verzorgers op: moeten ze allemaal alle spirituele behoeften bevredigen?

Doolaard: „Bij elke benoeming van een allochtone geestelijk verzorger speelt dat debat op. Ik vind dat je niet álles kunt. Ziet u mij als dominee een stuk Koran-Arabisch reciteren voor een moslim? En wat denkt u dat een katholiek ervan vindt als de imam hem komt bedienen?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden