Hoort levensbeëindiging op het bordje van de arts?

Schrijver Hugo Claus wilde niet wachten op dementie. (FOTO ANP)Beeld ANP

Dementerenden kunnen moeilijk een arts vinden voor euthanasie. Begrijpelijk, we moeten ook in gesprek blijven over wat een menswaardig leven is.

Nan Roosens documentaire ’Voor ik het vergeet . . .’ die gisteravond op tv te zien was, vertelt het verhaal van de dementerende Paul van Eerde die, als zijn huisarts weigert euthanasie toe te passen, de middelen zelf vergaart en met medeweten van zijn gezin het eigen leven beëindigt.

Er is kennelijk iets gaande in Nederland. De uitkomst van dat proces is nog allerminst zeker en ik hoop dat dat nog even zo zal blijven. Regionale Toetsingscommissies noteren een stijgend aantal gevallen van euthanasie bij dementerenden, al gaat het per jaar nog altijd om aantallen die op de vingers van twee handen zijn te tellen. Van Eerde’s huisarts is in haar weigering om euthanasie te verrichten zeker niet de enige. Misschien wist zij niet dat wet en jurisprudentie wel degelijk ruimte laten voor euthanasie bij dementerenden.

Zo’n euthanasie is gecompliceerder dan de zogenaamde klassieke euthanasiegevallen waarbij een patiënt aan kanker zou zijn overleden. Die complexiteit komt voort uit de Gordiaanse relatie tussen wilsbekwaamheid en ondraaglijk lijden in geval van dementie die Pauls weduwe Joke treffend beschrijft: „Zolang je nog goed bent, wil je niet dood. En als je niet goed meer bent, kun je die beslissing niet meer nemen.” En naarmate iemands verstandelijke vermogens afnemen, gaat hij soms minder aan zijn dementie lijden.

Wellicht wist Van Eerde’s arts dat er desondanks een ’fase’ bij dementie kan bestaan waarbij de ziekte behoorlijk is voortgeschreden, maar een euthanasieverzoek nog altijd weloverwogen genoemd kan worden. Desondanks weigerde zij, net zoals vele collega’s dat doen. Dat officieel hooguit 15 procent van de artsen principieel tegen euthanasie is, betekent niet dat de rest met regelmaat blijmoedig met de spuit op visite gaat. Bij de meeste artsen hakt een euthanasie er emotioneel, moreel en professioneel nog altijd in. Dat zij hun handelen ook nog eens voor een toetsingscommissie moeten verantwoorden, maakt het feest er natuurlijk niet groter op.

Is euthanasie sowieso al belastend, dat geldt a fortiori naarmate een te verwachten ’natuurlijk’ levenseinde verder achter de horizon ligt. Natuurlijk: het verhaal van Van Eerde is voor sommigen het zoveelste bewijs dat dokters het anno 2008 nog altijd beter weten dan hun patiënten. Maar onder de dekmantel van liberalisme en barmhartigheid is de moraal die achter die aanklacht schuil gaat vooral een zichzelf hardnekkig ontkennend moralisme. De moralist ontkent het bestaan van morele dilemma’s en hij verbaast zich over de traagheid en bekrompenheid van de anderen. Er is maar één beweging die hij weet te waarderen: de stapsgewijze omarming van het evident juiste. Maar wat als de doodswens bij dementerenden onoplosbaar blijkt? Dat is een regelrecht dilemma.

Aan dit soort morele vragen moeten we veel meer aandacht besteden. We moeten in gesprek blijven over wat een menswaardig leven is. En wat hebben dokter en samenleving met dit alles te maken? Van Eerde heeft dat debat niet afgewacht maar preludeerde daarmee paradoxaal genoeg juist op één van de mogelijke uitkomsten: dat levensbeëindiging bij dementie uiteindelijk niet thuishoort op het bordje van de arts.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden