Hoogerland fietst ellende van zich af

Vier maanden na zware crash verovert Zeeuw nationale titel. 'Dit mocht zeker geen verloren seizoen worden.'

KERKRADE - Zijn voorjaar mocht dan wel in duigen liggen, Johnny Hoogerland was, zijn wonden likkend in een Spaans ziekenhuis, niet van plan zijn hele seizoen door een val te laten verpesten. Hij keek gisteren goedkeurend naar het rood-witte-blauwe tricot om zijn afgetrainde lijf. Zie hier, zag je hem denken in de Rodahal in Kerkrade, het bewijs van mijn koppigheid en doorzettingsvermogen. "Ik heb mij na die vreselijke crash in februari voorgehouden dat dit zeker geen verloren seizoen mocht worden."

Hoogerland lag flink in de kreukels een paar maanden geleden, memoreerde hij na afloop van het NK wielrennen gisteren nog maar eens. Vijf gebroken ribben, vier beschadigde ruggewervels en een gescheurde lever had hij aan zijn Spaanse trainingsavontuur in de eerste lentezon overgehouden. Een onoplettende automobilist had hem in de flank geschept. Niet voor het eerst trouwens. In zijn eerste Tour in 2011 werd hij van de weg gereden door een wagen van de Franse tv. Zijn nationale trui zal dat beeld niet kunnen wissen, zei Hoogerland gisteren.

De Zeeuw keerde eind april terug in het peloton, in de Ronde van Romandië. "Ik wil over die voorliggende periode niet klagen, hoor", probeerde hij zich op voorhand te verontschuldigen, "maar ik heb een klote tijd gehad." Hij kon weer van voren af aan beginnen. Weg waren de resultaten van de intensieve trainingsmaanden in de winter. Een simpel ongeluk was alles wat daarvoor nodig bleek.

De weg terug zou lang en hard worden, wist Hoogerland, die zijn doel nooit uit het oog wilde verliezen. "Ik weet waarvoor ik dit allemaal doe." Hij werd, enigszins verrassend, opgenomen in de Tourselectie van Vacansoleil-DCM. Bij de ploeg weten ze dat grote ronden als de Tour het vuur in de 30-jarige Zeeuw ontsteken. Het was het beste nieuws tot afgelopen weekeinde. "Mijn beste uitslag was een 22ste plek in de Ronde van België een paar weken terug." Komt het nog wel goed, vroeg hij zich soms stilletjes af.

Ook voor dit NK slopen er twijfels binnen, verklapte de kersverse Nederlands kampioen. Hij had een kleine week samen met zijn Spaanse ploeggenoot Juan Antonio Flecha getraind. In de Pyreneeën, in diens vakantiehuisje. "Ik kwam pas woensdagnacht terug, meteen donderdag was de Tourploegpresentatie, dus ik had een beetje mijn vraagtekens voorafgaand aan dit NK."

Het nationaal kampioenschap kent echter zijn eigen wetten, een handje geholpen door de organisatie die de renners 22 keer door het Duivels Bosch stuurden. Het steilste stuk op deze klim bij Kerkrade benadert de twintig procent. Hoogerland had er zijn plan op afgestemd. "Ik wist dat ik hier geen trap te veel moest doen en dat het een afvalwedstrijd zou worden."

Hij zag de ene na de andere renner van naam wegvallen. Bauke Mollema, Robert Gesink en Lars Boom om maar wat kanshebbers te noemen. "Ik voelde mij verrassend fris", lachte hij. Dat met name Blanco (de voormalige Rabobankploeg) in de finale geen ijzers meer in het vuur had, verwonderde Hoogerland. Ze waren per slot van rekening met zeventien coureurs gestart, merkte hij op.

Als er een constante was dit seizoen, dan was het de aanhoudende tegenslag waarmee Vacansoleil moest zien af te rekenen. Valpartijen, verloren finales en een hoofdsponsor die onlangs bekend maakte ermee te stoppen. Naar een nieuwe geldschieter wordt nog steeds gezocht. Hoogerland zag wel wat paralellen tussen hem en het team. "Het zat ons niet echt mee. Ik hoop dat dit een keerpunt is." Als deze overwinning het management kan helpen bij het onderhandelen met potentiële sponsoren, dan is dat mooi meegenomen, merkte Hoogerland op over de zorgelijke toekomst van de ploeg.

Hij trok zijn kampioenstruitje recht. "Gaaf hoor, dat ik hierin straks de Tour mag rijden. Ik draag deze liever dan welke andere trui dan ook", glimlachte hij. "Er is niks mooiers." Trots was hij. Vooral ook omdat hij zich in het hele bescheiden lijstje plaatst met Zeeuwen die hem voorgingen. Op de vraag wie, hoefde hij niet eens na te denken. "Jan Raas, Cees Priem en Jo de Roo. Van hen weet ik het zeker", keek hij nog een keer glunderend naar het rood-wit-blauw om zijn borst.

Topsprinters tonen goede vorm voor de Tour
André Greipel is voor het eerst in zijn carrière Duits kampioen wielrennen geworden. De topsprinter van Lotto-Belisol gaf zijn concurrenten Gerald Ciolek en John Degenkolb van Argos-Shimano in Wangen im Allgäu het nakijken. Greipel is één van de kopmannen van Lotto in de Tour, vorig jaar won hij drie etappes.

Mark Cavendish, een groot concurrent van Greipel voor de ritzeges en de groene puntentrui in de Tour, was de beste van Groot-Brittannië. De Quick Step-coureur bevond zich in een kopgroep met David Millar, Peter Kennaugh en Ian Stannard. In de slotfase was Cavendish de snelste in de sprint, voor Stannard en Millar. Het was de eerste nationale titel voor Cavendish, die in 2011 wereldkampioen werd.

Peter Sagan, nog een kanshebber voor de groene trui, won de titel in Slowakije. Het multifunctionele toptalent van Cannondale werd voor de derde keer op rij nationaal kampioen.

Ook de Belg Stijn Devolder voltooide een trilogie. Na zijn titels in 2007 en 2010 was de renner van RadioShack nu de beste in La Roche-en-Ardenne. Afgelopen week moest Devolder nog een grote teleurstelling verwerken, toen hij hoorde dat hij niet geselecteerd was voor de Tour.

(anp)

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden