Hoog tijd om dertig jaar drugsbeleid te evalueren (opinie)

Als enige land gedoogt Nederland softdrugs. Maar er is nooit onderzocht of het heeft opgeleverd wat de politiek ermee beoogde.

Al dertig jaar heeft Nederland een drugsbeleid dat wereldwijd uniek is. In 1976 koos de politiek, na advies van een speciaal ingestelde staatscommissie, voor een beleid waarin duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen harddrugs en softdrugs. Kritiek en lof is er sindsdien altijd geweest, zowel op het geheel als op onderdelen. Ook in het Kamerdebat, donderdag, over het drugsbeleid zal die kritiek weer aan bod komen. Er is echter nooit grondig geëvalueerd wat de effecten zijn van het Nederlandse drugsbeleid. Zo’n evaluatie is zo langzamerhand hoognodig.

Het Nederlandse beleid ligt internationaal regelmatig onder vuur. Centraal staat sinds dertig jaar niet de strijd tegen drugshandel, maar de bescherming van de volksgezondheid. Het uitgangspunt is druggebruik te voorkomen en de risico’s ervan te beperken. Ook maakt Nederland, als enige, onderscheid tussen soft- en harddrugs en het principe van ’de scheiding der markten’. Het achterliggende idee is om de verkoop van softdrugs als cannabis uit handen te houden van de verkopers van harddrugs, opdat cannabisgebruikers minder risico lopen om harddrugs te gaan gebruiken. Coffeeshops worden gedoogd. Hoewel de ’scheiding der markten’ een belangrijke pijler van het beleid is, is nooit onderzocht of het wel werkt en heeft uitgepakt zoals het bedoeld is.

Ook het onderscheid tussen soft- en harddrugs staat de laatste tijd ter discussie. Om daar voor eens en altijd een antwoord op te geven is een nieuwe, kritische analyse van de risico’s van cannabis en andere drugs noodzakelijk.

Een belangrijke vraag is bijvoorbeeld of anno 2008 de risico’s van softdrugs nog steeds aanvaardbaar zijn, vergeleken met die van harddrugs. Onderzoek is ook nodig naar de risico’s van nieuwere drugs, zoals xtc, die sinds 1976 op de markt zijn verschenen. Een groep Britse deskundigen heeft vorig jaar gepoogd om de schadelijke gevolgen van het gebruik van tal van drugs in kaart te brengen en te vergelijken. Zo’n onderzoek kan ook in Nederland van grote waarde zijn.

Natuurlijk is er uit eerder onderzoek al wel het een en ander bekend. Jaarlijks worden in verschillende publicaties cijfers gepresenteerd over druggebruik. Die cijfers, bijvoorbeeld over druggebruik en drugssterfte, tonen aan dat Nederland het internationaal niet slecht doet. Door de jaren heen hebben veel Europese landen ook elementen van het Nederlandse beleid overgenomen. In veel landen kwamen er (school)preventieprojecten en kunnen harddrugsverslaafden spuiten omruilen.

Toch tonen de cijfers niet aan wat precies de voor- en nadelen zijn van het Nederlandse beleid. Slechts op deelterreinen zijn er evaluaties uitgevoerd, bijvoorbeeld toen er discussie was over het verhogen van de leeftijdsgrens in coffeeshops.

Er zijn nog talloze blinde vlekken. Bijvoorbeeld op het gebied van cannabis. Het gebruik van wiet en hasj is niet gestegen. In 2005 nam 3,3 procent van de bevolking wel eens softdrugs. Ook onder scholieren lijkt het gebruik de laatste jaren vrij stabiel, nadat tot 1996 sprake was van een sterke stijging.

Daar staat tegenover dat steeds meer softdruggebruikers een beroep doen op de verslavingszorg. Die trend is er niet alleen in Nederland, hetzelfde gebeurt in veel andere Europese landen. Wat het betekent, is niet duidelijk. Komen meer mensen in de problemen vanwege cannabisgebruik? Is de kwaliteit van het hulpaanbod verbeterd? Of heeft het toch te maken met de sterke stijging van het thc-gehalte in nederwiet, en met de voorkeur van een groep jonge gebruikers voor sterke wiet? Wederom relevante vragen, waarop we helaas het antwoord schuldig moeten blijven.

Wil de Nederlandse politiek, met rechte rug, het drugsbeleid voor de toekomst verder vormgeven, dan is een gedegen evaluatie voorwaarde. In de jaren zeventig werd het drugsvraagstuk belangrijk genoeg gevonden om er een Staatscommissie voor in het leven te roepen. Waarom nu niet?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden