Hoofdklassers in hockey miljoenenbedrijven

Bij de ruim 300 hockeyclubs die dit land telt, gaat jaarlijks 90 miljoen gulden om. De begroting van de doorsnee hoofdklasser is één en een kwart miljoen, maar er zijn ook uitschieters naar boven de twee miljoen.

Johan Woldendorp

Het accountants- en adviesbureau BDO presenteerde die cijfers op het tweede nationale hockeycongres. Contributies zijn veruit de grootste inkomstenbron. De 133 549 geregistreerde hockeyers (3,6 procent ofwel 4336 meer dan in januari 1999) brengen 39 miljoen gulden in het laatje.

Sponsoring wordt een steeds structurelere inkomstenbron (27 miljoen). Zij is daarmee belangrijker geworden dan een groot fenomeen in hockey, de baromzet. Die bedraagt nog altijd 23 miljoen; reden voor BDO-onderzoeker Hans van Gils om op te merken: ,,Dat een gezonde ziel niet in een dorstig lichaam kan wonen, gaat in dit geval niet op.''

Het is voor het eerst dat de hockeybond de geldstromen in beeld heeft laten brengen. Uit de getallen in de nul-meting valt dan ook weinig meer te lezen dan dat de hoofdklassers zo langzamerhand echte bedrijven zijn geworden met een omzet van meer dan een miljoen gulden en dat de meeste vierde klasseclubs een marginaal bestaan leiden.

,,Het onderzoek bevestigt dat de contributies en de baromzet onveranderd de twee pijlers zijn waarop een vereniging rust'', zegt KNHB-directeur Johan Wakkie. ,,De verschillen zijn soms heel groot. Stel dat we drie jaar geleden ook een meting hadden gedaan, dan zouden we nu concluderen dat vooral in de topklassen het sponsorniveau enorm is gegroeid.'' BDO heeft de cijfers niet uitgesplitst naar vereniging, maar Wakkie heeft goede redenen om aan te nemen dat de begroting van clubs als Amsterdam en Bloemendaal sinds 1997 met veertig procent is toegenomen.

Vorig jaar presenteerde de KNHB een onderzoek naar het betalingsniveau van sporttechnisch kader. Ook op dat punt bleken de verschillen significant, zowel in de sfeer van beloningen als het vastleggen van arbeidsvoorwaarden. De meeste trainers zouden bij ontslag geen been hebben om op te staan. Op dat vlak is er in een jaar tijd weinig verbeterd, constateerde Van Gils. ,,Eén derde van alle verenigingen legt heel weinig vast. Ook met betrekking tot vrijwilligers.''

Het nationale hockeycongres is er voor bedoeld om verenigingsbestuurders via workshops met elkaar in contact te brengen om over dit en andere onderwerpen te discussiëren. In vergelijking met de eerste editie in 1999 was de interesse twee keer zo groot. Tijdens een toernee in het land merkte Wakkie dat hij op veel vragen geen antwoord kon geven. ,,Dat clubs onderling zaken met elkaar bespreken is veel pragmatischer dan dat ik dat moet doen vanuit het bondsbureau in Bunnik. Mensen willen elkaar ontmoeten en dingen van elkaar horen.''

Het voorbeeld van de KNHB doet vooralsnog niet goed volgen. Kruisbestuiving is in de sport geen geaccepteerd gegeven. Wakkie: ,,Vorig jaar heb ik NOC-NSF uitgenodigd om eens te komen kijken. Wat wij hier doen, kan door elke bond worden opgepakt.'' De hockeybond heeft het voordeel boven veel van haar zusterorganisaties dat ze over sponsors beschikt die naast geld ook diensten aanbieden, zoals BDO en internetprovider Planet. ,,Door mee te gaan met de tijd kun je een deel van het kaderprobleem oplossen'', geeft Wakkie aan. ,,Jongeren zijn best bereid wedstrijdsecretaris te worden, als ze maar met internet mogen werken. Waarom zou je hen niet vragen in het bestuur te komen? Je verjongt dan meteen je organisatie.''

Van Gils wreef de aanwezigen ook de bedreigingen onder de neus waaraan verenigingen bloot staan: de concurrentie van andere sporten, het verloop van seniorleden (wat in beide gevallen een negatieve weerslag op het aantrekken en behouden van sponsors heeft) en de krapte op de arbeidsmarkt.

In het verlengde daarvan stelt Wakkie dat veel clubs te weinig waar voor het geld geven. ,,Je betaalt voor 52 weken contributie, terwijl een vereniging slechts 26 weken actief is.'' In zijn optiek dienen de clubs hun leden een meerwaarde te bieden, die zich uitstrekt tot huiswerkbegeleiding en kinderopvang.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden