Hongeren in het duister

Lang voor er Miss-verkiezingen waren werd er al obsessief gemagerd. Anorexia nervosa is van alle tijden en alle culturen. Bulimia daarentegen komt alleen in de westerse wereld voor. Amerikaanse onderzoekers zoeken naar de betekenis van die merkwaardige patronen.

,,Vecht voor elke hap!'', gebood de Britse arts William Gull zijn collega's eens. Zelf had hij dat ook gepoogd bij vier meisjes die zichzelf dreigden te verhongeren. Drie van hen overwonnen het syndroom, dat Gull in 1874 de naam anorexia nervosa gaf.

Toen al zat het lijf deze meisjes in de weg, in een tijd zonder tv, zonder kiosken vol modebladen, zonder het geraamte Twiggy en zonder Miss-verkiezingen met een stoet van sprieten. Het huidige slankheidsideaal sluimerde nog hooguit, maar ook in Gulls dagen werd toch al gemagerd tot aan de dood. En dan meestal om een ongrijpbare reden, en niet om het motief van goddelijke zuiverheid dat heilige vastenden in vroegere eeuwen voor hun geheelonthouding aanvoerden.

Is anorexia echt van alle dagen, en niet een hedendaagse gril van jonge vrouwen dromend van het postuur van de slanke den die in de schijnwerpers van de westerse schoonheidscultus glorieert? Inderdaad, voor zover de historische blik reikt zien we jonge vrouwen aan extreme magerzucht ten onder gaan. Een opsomming in het septembernummer van Psychological Bulletin bewijst het: anorexia is geen cultuurgebonden ziekte.

Bulimia nervosa -vreetbuien afgewisseld met braken, laxeren of excessief sporten om de kilo's weer kwijt te raken- lijkt dat wel te zijn. Maar ook achter deze eetstoornis vermoeden de onderzoekers een verre historische horizon. Bulimia is een eigentijdse uiting van een hysterie die zich vroeger in ander ziekelijk gedrag manifesteerde, suggereren ze in Psychological Bulletin. De variërende culturen zouden deze aandoening steeds weer op specifieke wijze hebben aangekleed.

Dat anorexia zich geenszins aan cultuurgrenzen houdt is eerder geopperd, onder meer door de psychiater dr. Hans Wijbrand Hoek die eind jaren tachtig op Curaçao speurde naar gevallen onder mensen die in het General Hospital daar waren opgenomen. Anorexia zou je op Curaçao, waar de weelderige Rubensfiguur wordt geadoreerd, niet moeten vinden, veronderstelde Hoek, maar hij vond ze wél. Een voorkeur voor mollige vrouwen in plaats van slanke latten belette niet dat op Curaçao anorexia ongeveer even vaak vookomt als in ons land. Voorbeelden van bulimia trof Hoek niet aan.

Zou dit een toevallige bevinding geweest kunnen zijn? De vreet- en vastenexperts Pamela Keel (Harvard University) en Kelly Klump (Michigan State University) vegen in de nieuwe studie alle onderzoeken op dit gebied bijeen en geven Hoek helemaal gelijk: anorexia waaiert over alle culturen uit. Weliswaar lijkt de eetstoornis in westerse landen in de afgelopen decennia wat te zijn toegenomen, maar die toename loopt vrijwel parallel met de frequentere visites van ons aan ziekenhuis en psychiatrische inrichting. Anorexia laat zich nu minder gemakkelijk verbergen dan vroeger.

Maar kijken Keel en Klump eens goed achterom, dan zien ze in de annalen van weleer talloze beschrijvingen van extreme magerzucht. Zoals die van William Gull: hij constateerde bij zijn vier hongerende meisjes naast ernstig gewichtsverlies ook een zwakke pols, huidveranderingen, uitblijven van menstruatie, en dat alles als gevolg van een ,,gebrek aan eetlust te wijten aan een ziekelijke geest''. Een tijdgenoot van Gull sprak van anorexie hysterique, een vorm van hysterie waar je niet aan tegemoet moest komen: eten zouden ze, een strategie die Gull onderstreepte met zijn oproep 'Vecht voor elke hap'.

Gaan we verder terug in de tijd, dan komen we onder meer langs de bedstee van een 26-jarige vrouw die, na een lange hongerperiode, zeven maanden hevige pijnen doorstaat om het vlees weer aan haar 'met huid beklede skelet' te eten. We passeren ook verscheidene bedden waar het doodslaken al overheen is getrokken.

Om maar eens stil te staan bij een beroemde hongerlijdster uit de 19e eeuw: Sarah Jacobs, de Welsh Fasting Girl. We schrijven 1867 als Sarah op 10-jarige leeftijd na hevige pijn in haar maag en het opgeven van bloederig schuim ook nog epileptische aanvallen krijgt. De porties eten na het herstel worden steeds kleiner, en een half jaar later begint haar echte vastentijd. Ze eet nog slechts appeltjes die op een theelepel passen. Inmiddels is Sarah al beroemd, komen de buren en afgelegen buren op bezoek, tot mensen van heinde en verre die het wonder willen aanschouwen.

Vanaf 10 oktober 1869 tot haar dood op 17 december dat jaar zal ze helemaal niets meer eten. Om bedrog uit te sluiten waken leden van een speciale toezichtscommissie dag en nacht bij haar, tot ze zien dat Sarah zienderogen achteruit gaat. Haar ouders negeren een oproep het meisje te voeden, overtuigd van de goddelijke bron van haar voedselweigering. De vraag blijft of diezelfde ouders hun toeristenattractie niet twee jaar lang hebben gekoesterd en Sarah heimelijk af en toe iets toestopten. Misschien wasten ze, zoals vaker schijnt te zijn gebeurd bij medisch ongeloofwaardige vastenperioden, hun dochter met een in melk en meel gedoopte handdoek.

Hoe dan ook, ze sterft, en met haar vele anderen die je tegenkomt langs het spoor terug van deze eetstoornis tot pakweg 1200 na Chr. Dan ben je ook de 261 vastenden gepasseerd die Rudolph Bell in 1985 in zijn historische beschouwing onderbracht bij het syndroom Heilige anorexia. Zo kregen de zelfverhongering van de heilige Catharina van Siena (in 1380), en haar visoenen van hemel en hel, een heel andere dimensie toen Bell er zijn licht over liet schijnen. Ze bad tot God om de gunst te mogen eten, zei ze. Maar moeten we hier spreken van heilige of liever van verborgen anorexia?

Wat was het ware motief? Ondubbelzinnige bewijzen voor zelfverhongering als religieus ideaal zijn nimmer gegeven, net zo min als nu vaststaat dat het slankheidsideaal dé achterliggende oorzaak is van het hedendaagse mageren. Wie zegt dat de heilige Catharina of Veronica niet mede werden achtervolgd door zorgen om hun gewicht?

Het weigeren van voedsel heeft door de tijd heen allerlei doelen gediend, schrijven Keel en Klump: roem, aandacht, morele zuivering, slankheid, maar in al die perioden leek het hongeren uiteindelijk een doel op zichzelf te worden, een opzettelijk en tegelijkertijd onvrijwillig hongeren, waar het slachtoffer zelf geen macht meer over heeft. Dan schudt de omgeving van onbegrip het hoofd, zoals bij de zangeres Karen Carpenter, die zeven jaar vruchteloos vocht tegen anorexia: ,,Een meid die alles had en iedereen kon krijgen'', zei een tante die er niets van snapte.

Probeer zo'n ongrijpbare drang niet vanuit heersende gedachten te behangen met halve oorzaken, betoogt de psycholoog Daniel Wegner in 'The Illusion of Free Will'. Anorexia louter begrijpen uit vetangst zou in de Middeleeuwen een illusie zijn geweest, en nu ook. De Maastrichtse hoogleraar eetstoornissen Anita Jansen betoogde dat al bij herhaling, een bewering die zij staaft met alleraardigste experimenten. Zij liet lijners en niet-lijners poseren in huidkleurig ondergoed en vroeg hen naar hun oordeel over het eigen lijf: lijners geven zichzelf op voorhand -ook bij ideale maten- een min. Ze zien dikke konten waar ze niet zijn en missen mooie tailles waar ze wel zijn. Hier speelt het slankheidsideaal een secundaire rol en lijkt de onvrede met het eigen lijf allereerst het gevolg van een vertroebelde blik bij sommige vrouwen (en enkele mannen).

Die 'overkritische' vrouwen vind je overal, liet psychiater Hoek op Curaçao zien. In Psychological Bulletin staat een waslijst van rapportages uit niet-westerse landen over gevallen van anorexia. De westerse invloed is er nihil en angst voor een te gevuld postuur lijkt er gezien de zorgen van alledag haast een beschamende gedachte. In India, Nigeria, Zimbabwe, Ethiopië, Korea, er wordt gemagerd, zelfs onder nomadische vrouwen. Soms uitdrukkelijk om vermeend overgewicht, soms juist niet. Tweederde van 70 anorexia-patiënten in Hongkong verzekerde dat het niet om de kilo's ging maar dat hun lijf voedsel simpelweg niet verdroeg.

Per saldo maakt deze metastudie -wat neerkomt op het bijeenvegen en evalueren van wat er door de tijd heen over is geschreven- van anorexia een nogal ondoorgrondelijke eetstoornis, een soort 'hongeren in het duister'. En dan voornamelijk door jonge vrouwen: er moet een reden voor zijn, maar die is al even duister. Als zij zich zo druk maken om hun lijf, waarom slaan dan niet veel meer vrouwen het eten over?

Psychologen dragen er wat motieven voor aan -het zouden meisjes zijn die moeite hebben met 'het vrouw worden', en met het zich losmaken van de ouders. Een andere theorie zegt dat het vrouwenlichaam al zo lang het object is van de mannelijke blik, dat het daardoor ook in de beleving en blik van jonge vrouwen is 'geobjectiveerd'. Boetseer eraan, en alles komt goed. Maar geen verklaring overtuigt.

Anorexia is in elk geval van alle tijden en van overal. Dat geldt niet voor bulimia, de dwangmatige vreetbuien van om de paar uur, waarbij het lichaam steeds weer op orde wordt gebracht door braken, laxeren, vocht afdrijven, vasten en zwaar zweten door lichamelijke inspanning. Het lijkt erop dat we de jaren zeventig als startpunt van deze stoornis moeten zien.

Een gril van nu dus, of hebben medici in voorgaande tijden niet goed opgelet? Een lastige vraag: in het begin van de 20ste eeuw zijn jonge mensen beschreven met een maag van elastiek, die maar niet uitgegeten raakten, maar slechts een beperkt deel van hen stak herhaaldelijk de vinger in de keel. Was hier echt sprake van bulimia? Verder terug in de tijd komen we in 1784 ene Samuel Johnson tegen, een bij vlagen extreme eter die senna als laxeermiddel gebruikt. Nog een eeuw eerder, rond 1678, stond een 50-jarige man erom bekend twintig dagen te schrokken en te braken, om vervolgens na een vastenperiode van twintig dagen weer normaal te gaan eten. Het was een jaarlijks terugkerend ritueel.

Verscheidene andere schrokkers figureren in de annalen, van wie sommigen geplaagd werden door darmparasieten zoals lintwormen. Ook de heilige hongerenden konden zich soms overgeven aan grote vreetpartijen, maar dit incidentele schransen lijkt meer een uitwas van hun werkelijke kwaal, anorexia.

Gaan we terug naar het begin van de jaartelling, dan komen de onvoorstelbare braspartijen van de Romeinen in beeld. Maar hun vreterijen en herhaalde gang naar het vomitorium kun je moeilijk het etiket bulimia opplakken, menen Keel en Klump. ,,Ze braken opdat ze kunnen eten, ze eten opdat ze kunnen braken'', zei Seneca ervan. Vrijwel alle vermaarde vreetzakken uit de historie zijn trouwens volwassen mannen, waar bulimia vooral jonge vrouwen treft. En heel vaak werd er door die grote eters van weleer helemaal niet gebraakt of gelaxeerd.

Bulimia is veel meer van nu en van onze cultuur dan anorexia, concluderen de onderzoekers. En voor zover er sporen van bulimia te vinden zijn in niet-westerse landen, betreft het altijd gebieden waar het Westen zijn invloed al danig heeft doen gelden. Mogelijke bulimia-patiënten blijken ook in die niet-westerse contreien vrijwel altijd met hun gewicht te zitten tobben.

Kortom, anders dan anorexia is bulimia wel degelijk een cultuurgebonden ziekte. Dat de cultuur je het typerende bulimia-gedrag moet aanreiken werd bewezen op een afgelegen Fiji-eiland. In 1995, bij de introductie van de televisie daar, haalde nog geen meisje het in haar hoofd om de vinger in de keel te steken, drie jaar later meldde 11,3 procent regelmatig opzettelijk over te geven.

Zorgen om het gewicht (en de anonieme toegang tot grote hoeveelheden voedsel) verklaren de toename van bulimia, weten Keel en Klump zeker. Bij anorexia spelen die zorgen een minder grote rol. Wat dan wel? Onze genen? Tweelingenstudies bevestigen dat zowel bij anorexia als bulimia de erfelijke bagage een rol speelt. Maar die studies zijn alleen in westerse landen uitgevoerd: pas na onderzoek elders wordt het wellicht mogelijk om genetische en culturele invloeden van elkaar te onderscheiden.

Verwacht dan niet direct de conclusie dat anorexia vooral in onze genen zit en bulimia ons louter door de cultuur tussen de oren wordt gepraat. Ook voor bulimia moet je een erfelijke aanleg hebben, schatten de onderzoekers. Dat die ziekte pas nu is gaan floreren zegt niets. Misschien is het een oude kwaal in nieuw gedaante, suggereren Keel en Klump. Bij bulimia blijken niet zelden precies dezelfde medicijnen effectief die ook helpen tegen psychotische symptomen, hevige angsten en ernstige depressies. Misschien ligt er een zelfde erfelijke outfit aan al deze verschijnselen ten grondslag en heeft de slankheidscultus een oude hysterie omgevormd tot moderne vraatzucht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden