Hongarije eert Nederlandse sporters

boycot | De olympische boycot van 1956, vanwege de Russische inval in Hongarije, veroorzaakte forse littekens in de Nederlandse sport. Na zestig jaar krijgen de getroffen sporters een eerbetoon.

Melbourne, 22 november 1956. Nog nooit was de openingsceremonie van Olympische Spelen zo laat in het jaar. Tienkamper Eef Kamerbeek keek er vanuit het vliegtuig op neer. Hij was al op de terugweg, zijn droom was door een boycot verstoord.

Kamerbeek zei herhaaldelijk dat hij de frustratie van Melbourne nooit had kunnen verwerken, ook al was hij vier jaar later in Rome wel deelnemer. Hetzelfde gold voor sprintster Puck van Duyne, die in 1952 zilver had gewonnen (200 meter) en haar moederschap vier jaar vooruit had geschoven voor wat een gouden illusie bleek. Toen Erica Terpstra als voorzitter van NOC-NSF tien jaar geleden excuses voor de boycot maakte, kon Van Duyne het niet opbrengen bij die bijeenkomst aanwezig te zijn.

Met Kamerbeek en Van Duyne waren ook hoogspringster Dini Hobers en verspringer Henk Visser met een vierdaagse vliegreis via Frankfurt, Rome, Beiroet, Karachi, Bangkok, Manilla, Diack en Sydney al vroeg in Melbourne gearriveerd om te acclimatiseren. Op 8 november kregen ze aan het ontbijt een telegram van het NOC: 'Buitengewone algemene vergadering besloot Nederlandse deelneming terugtrekken vanwege Hongarije stop Verlaat allen Olympisch dorp zoek elders onderdak stop Draag burgerkleding indien mogelijk verwijder badge stop Sorry sterkte.'

Tot 2006 vormden die laatste twee woorden de enige blijk van steun en medeleven voor de 58 leden van de olympische ploeg.

Op 4 november vielen Sovjettroepen Hongarije binnen om de opstand tegen het stalinistische bewind neer te slaan. Nederland schortte de culturele en sportieve contacten met Rusland op, van economische sancties was geen sprake.

Op 6 november nam het NOC onder leiding van voorzitter Hans Linthorst Homan het unanieme besluit om de Spelen in Melbourne te boycotten. "Het is beneden de menselijke waardigheid om de met bloed bevlekte Russische vlag te eren."

Voor dit 'democratische' besluit was geen sporter geraadpleegd, de beslissing kwam als donderslag bij heldere hemel. Spanje en Zwitserland volgden het Nederlandse voorbeeld. De Zwitsers kwamen daarop terug, maar waren te laat om nog een vliegtuig te boeken. De met bloed besmeurde Russische vlag werd bij de huldigingceremonies 98 keer gehesen, meer dan welk ander dundoek. Hongarije versloeg de Sovjets bij het waterpolo en eindigde als vierde in het medailleklassement.

Boedapest, 22 november 2016. De door de boycot getroffen sporters uit Nederland, Spanje en Zwitserland krijgen een officieel Hongaars eerbetoon als dank voor de morele steun. Ze worden tijdens een driedaags programma ontvangen in het Hongaarse parlement en bezoeken onder meer een gala en de conferentie 'Diplomatie in Sport'.

In 2006 kregen de Nederlandse sporters naast officiële excuses van NOC-NSF erkenning met het lidmaatschap van de vereniging van oud-olympiërs. Terpstra reikte ze de Melbourne 1956 Award uit. Onderscheidingen zijn er in Boedapest niet. "We reiken geen awards uit, want dat zou een boycot als diplomatiek instrument legitimeren", aldus parlementsvoorzitter László Kövér op de website van de organisatie.

De bijeenkomst wordt bezocht door een tiental Nederlandse sporters. Wim Mosterd (waterpoloër) en Ada den Haan (zwemster) nemen deel aan de rondetafeldiscussie 'boycot vanuit het perspectief van de sporters'. Marjolein te Winkel, schrijfster van het boek 'De Verloren Spelen', spreekt over de reacties van de Nederlandse sporters op de boycot en sporthistoricus Jurryt van de Vooren gaat in op de gevolgen van de boycot voor de Nederlandse sport.

Veel sporters namen na 1956 gedesillusioneerd afscheid. Mede daardoor liep de Nederlandse sport internationaal grote achterstand op. Na de succesjaren 1948 en, in mindere mate, 1952, volgde er een zware medailledip in 1960. Pas in 1964 werd weer goud gewonnen.

"De kranten uit die periode concludeerden dat Nederland de internationale aansluiting volkomen kwijt was", aldus Van de Vooren. "Volgens Het Vrije Volk liep Nederland door de boycot 25 jaar achter op de ontwikkelingen."

Het beleid van het NOC werd door de naweeën van de boycot lang beïnvloed. "Het was een mislukte actie gebleken, het NOC is nog twintig jaar beïnvloed in de wijze waarop het zich moest opstellen ten opzichte van de rest van de wereld. Dat Nederland niet meer zo ver op de troepen vooruit moest lopen. Volgens een intern rapport heeft het NOC met terugwerkende kracht spijt dat Nederland bij de Spelen van 1968 en 1972 is gebleven." Mexico werd niet verlaten na de studentenopstand en München niet na de Palestijnse aanslagen.

Van de Vooren verbaast zich erover dat sporters ook nu nog 'de rotzooi' voor anderen moeten opruimen. "Mijn conclusie voor dinsdag is dat het absoluut een misverstand is dat sport en politiek van elkaar te scheiden zijn. Maar sporters en politiek wil ik wel van elkaar scheiden."

"Het IOC, en iedereen die daarbij bestuurlijk is betrokken, is direct aansprakelijk voor de besluiten om sportevenementen te organiseren in willekeurig welk land. Je mag sporters die als gevolg van dat besluit daar uiteindelijk heengaan er niet op aanspreken. Thomas Bach als sporter zal ik niet aanspreken op wat gebeurde in de jaren 70. Thomas Bach als IOC-voorzitter is wel verantwoordelijk voor wat er nu gebeurt."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden