Honderd inzendingen, vijf winnaars

Ruim honderd inzendingen kwamen er binnen op de oproep voor 'de beste jonge columnist' van Trouw en De Kunstbende. Sommigen gingen over zware onderwerpen, zoals Kosovo of straatgeweld. Anderen over lichtere thema's zoals The Backstreet Boys, vervelende vaders (omdat-ie met een veel jongere vriendin op vakantie gaat en nooit meer met z'n eigen dochter/omdat-ie je uit 'zijn' tuinstoel jaagt als je je net lekker geïnstalleerd hebt) en het Studiehuis (Beste minister, dit kan toch niet de bedoeling zijn?).

Natasha Gerson, schrijfster en columnist bij Vrij Nederland, heeft de stapel met plezier gelezen, zegt ze. En was onder de indruk van de hoge kwaliteit, het observeringsvermogen en de originele verbanden die de jonge inzenders legden. Verfrissend, vond ze de meeste. Gerson: ,,Bepaalde misstanden kun je juist als je jong bent heel helder zien, omdat je geen vergelijkingsmateriaal hebt. Een jongere heeft er geen boodschap aan dat iets twintig jaar geleden al gedaan is. En terecht: veel van wat wij normaal beschouwen, is helemaal niet zo normaal.''

Columnisten van onder de twintig zijn een zeldzaamheid. Maarten van der Kamp (18) schrijft in Trouw, voornamelijk persoonlijke observaties, Liesje Schreuders (19) schreef een tijdje in NRC-Handelsblad, en Anna Woltz (16) beschreef vorig jaar onder het pseudoniem Rebecca haar vierde klas in De Volkskrant. Maar zowel Woltz als Schreuders zijn ook allebei voorlopig weer gestopt met het schrijven van columns. En Maarten houdt het voorlopig bij het beschrijven van kleine observaties (irritante dertigers op skeelers, petjes met opdruk) en laat kritiek op de maatschappij voorlopig achterwege. Woltz heeft er wel even over gedacht om zich ook op actuele thema's te richten, maar voelt zich daar nog te jong voor. En met het beschrijven van haar schooltijd, is ze wel zo'n beetje klaar, zegt ze, omdat ze alle aspecten van wat er in een klas gebeurt wel heeft gehad. ,,Ik heb nu even heel weinig te vertellen, ik heb eigenlijk helemaal niets te vertellen.''

Woltz zit nu in de vijfde. Deze week heeft ze proefwerkweek, waaronder een proefmondeling Nederlands. Van de acht boeken is Max Havelaar toch wel haar favoriete schrijver, dus haar hoor je niet zeggen dat oude rotten plaats moeten maken. ,,Ouderen hebben toch vaak meer te vertellen'', zegt Woltz beleefd.

Het kiezen van de beste column stelde de jury van Trouws jonge columnisten-wedstrijd voor grote problemen. Want wat een column is, laat staan een goede, daar is niemand het over eens.

H.J.A. Hofland, een van de nestors van het Nederlandse columnistengilde, hanteert de volgende definitie. ,,Een column bestaat uit een een eigen idee, een analyse en de feiten en dat samen geschreven in een herkenbare persoonlijke stijl. En een columnist is iemand die zich ongevraagd met de publieke zaak bemoeit.'' Maar daarmee zijn we er niet. Dat een column sommige mensen wel en anderen niet aanspreekt, bleek uit de zeer verschillende keuzes van favoriete columns die ieder jurylid eruit had gelicht. Maarten van der Kamp, Trouws jongste columnist, gruwt van jongeren die in de inzendingen zichzelf en de wereld volgens hem te serieus nemen, of meisjes die met hun popidolen dwepen. ,,Voor jullie is dat misschien schattig, of leuk, of herkenbaar. Voor mij niet'', beet hij de jury tijdens het overleg toe. Een column volgens Van der Kamp moet vooral origineel zijn, en grappig. En niet te pretentieus. Maar een wedstrijd betekent kiezen. We kozen er vijf.

'Sinterklaas is een egoïst' was de titel van een van de eerste columns die H.J.A Hofland (72) voor de schoolkrant schreef. ,,Als je jong bent ben je geneigd tot radicalere meningen'', zegt Hofland, die enigszins beschaamd terugkijkt op de tijd dat hij bijvoorbeeld bejaarden belachelijk maakte. We spreken ver voor de oorlog en Hofland was nog een puber. Ook al is hij na G.B.J. Hilterman een van de langst meelopende columnisten, de opkomst van de column heeft zelfs Hofland niet meegemaakt. Halverwege de negentiende eeuw mochten de eerste wijze heren onder aan de pagina met Hun Mening de week afsluiten. Van de rest van het nieuws gescheiden door een vette, zwarte streep. Ook toen Hofland begon was dat nog zo.

Maar het vak bloeide pas echt in de jaren zestig, toen in de hausse van democratisering iedereen een mening mocht hebben en die vooral ook uitte. Hofland was een van de vernieuwers, die in gewone mensentaal wereldleed, politiek en andere misstanden besprak en nog steeds bespreekt.

Inmiddels krijgt de krantenlezer te maken met een grotere hoeveelheid columnisten dan ooit en een kakofonie aan verschillende stijlen. Dat hebben we volgens Ruud Verdonck (53), columnist van Trouw, te danken aan het feit dat de kranten hun politieke of religieuze standpunt meer en meer zijn gaan loslaten. De krant op zichzelf streeft naar objectiviteit, de columnisten zorgen voor de identiteit.

Heel veel verschillende identiteiten, want Trouw alleen al heeft er een stuk of vijfentwintig die iedere week een hoek of strook vullen.

De toename van het aantal columns heeft een nieuw genre doen ontstaan, die van de poëtische beschrijving van het persoonlijk leven. De 'ik en mijn kat'-columns zoals Verdonck ze noemt. Verdonck vindt dat geen sport. En ook Hofland zegt te gruwen van het genre, of het moet wel heel mooi worden beschreven. Natasha Gerson (30) daarentegen, columniste bij Vrij Nederland, laat voor de afwisseling af en toe wel graag haar 'binnenkant' zien.

Gerson: ,,Je kunt nu eenmaal niet altijd vuur spuwen.'' Dat wordt niet altijd gewaardeerd door de eindredactie van Vrij Nederland. ,,Laatst kreeg ik het commentaar: moet dat nou, dat particuliere gezeur? Okee, zei ik. Binnen een half uur heb je een nieuwe column, dit keer wel over Kosovo. Maar boos was ik wel. Renate Rubinstein heeft er notabene heel 1973 voor uitgetrokken om in Vrij Nederland publiekelijk over haar scheiding heen te komen. En ik had er heel erg mijn best op gedaan.''

Net als Hofland en Verdonck, die op zijn twintigste al voor Trouw sportcolumns schreef, kon ook Natasha Gerson het publiek maken van haar mening al heel jong niet laten. Samen met een vriendinnetje begon ze op haar elfde de Natuurkrant, waarin ze iedereen aanklaagde die z'n rotzooi zomaar op de hei dropte. ,,Van het woord column hadden we toen nog niet gehoord, we noemden dat boze briefjes. En mijn moeder noemde ze toen, heel tuttig, cursiefjes.''

Goedbeschouwd mogen we ook Gerson, die in de jury zat voor de Trouw-columnistenprijsvraag, onder de categorie 'jonge columnisten' scharen. Ze is een van de weinige dertigers in het vak. Ze staat iedere week, vlakbij een van de nestors Piet Grijs (Hugo Brandt Corstius), ooit gevreesd om zijn mening. Nu is het vaak Gerson die snoeihard door de bocht komt. Zoals in de column over het huilen van May-Weggen tijdens de Bijlmerenquête. Hypocriet, volgens Gerson. Zij schreef: ,,Tranen? Ammehoela! Zenuwen! Ik verlang naar de Mirror, de Star, de fucking Sun desnoods, die in plaats van met een lullig koppetje als 'Maij-Weggen toont emotie tijdens verhoor' geopend hadden, met, in vijfduimsletters, één woord: 'Crocodile!'

Verder is het droevig gesteld met de jonge meningvormers. Twintigers zijn er wel, in de hippe bladen zoals BLVD en Strictly. Vaak van het soort 'wat ik vannacht nu weer beleefd heb.'

Hofland heeft vaak gezegd dat iemand die de oorlog niet heeft meegemaakt, geen goed schrijver is. Ook Verdock heeft zelden een goede columnn van een piepjonge schrijver gelezen. ,,Daar prik je zo doorheen.'' Maar ouderdom heeft ook gebreken. Want hoe blijft een mening vers? ,,Een voorwaarde voor een goede columnist is dat je nooit stopt met je te verbazen. Dat je je hoedt voor platgetreden paden'', zegt Natasha Gerson. ,,Het zijn er maar weinig die dat een leven lang volhouden. Jan Blokker en Piet Grijs willen nog wel eens eens pavlov-reacties opvoeren. Opa Grijs legt het allemaal even uit. Hofland daarentegen blijft zich verbazen, alsof hij steeds alles voor de eerste keer beziet.''

Hoflands truc: ,,Ik heb sinds ik op leeftijd ben, mij vast voorgenomen om nooit een column met het woord 'vroeger' te beginnen. Toen mijn oudste kind een jaar of zestien was, smeekte hij mij om niet telkens over de oorlog te beginnen, de Tweede Wereldoorlog, bedoel ik, 40-45. Voor mij blijft het steeds nieuw om erover te praten, maar voor hem niet.'' Hoewel Hofland geen namen wil noemen, omdat 'dat zo'n grachtengordel-gedoe' is, wil hij wel benadrukken dat er een heleboel jonge columnisten zijn die hij graag leest. ,,Natuurlijk speelt leeftijd een rol, het is als het ware of je de maatschappij op een andere manier fotografeert. Om maar wat te noemen: columns uit de cokesnuifscene - mits goed en intelligent geschreven - vind ik heel interessant. Die wereld ken ik niet, ik heb een keer een lijntje gesnoven en kon vervolgens niet slapen, vreselijk. Maar ik wil er wel graag over lezen.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden