Holodomor en Holocaust

Op de tweede dag van zijn slotpleidooi begon Ulrich Busch, de raadsman van Ivan Demjanjuk, met een schildering van de leefomstandigheden in de Oekraïne in de jaren dertig. De tijd van Stalin, van de collectivisatie van de landbouw, van de holodomor, de afgedwongen hongersnood die miljoenen Oekraïeners het leven kostte. Ivan Demjanjuk was toen een jongen van twaalf. Op dit punt stokte de voordracht van de verdediger even, zijn stem viel weg, hij zakte ergens in zijn keel, hij vond er een krakende versie van terug. Met een vinger wiste hij een traan vanachter zijn brilleglas vandaan, de voorstelling van die twaalfjarige jongen temidden van 'bergen van lijken' werd hem te veel. ,,Hij trekt alle registers open,'' fluisterde een Duitse collega me toe. Kort daarna hervond hij zijn stemgeluid, maar toen stond de inmiddels 22-jarige Ivan temidden van andere bergen van lijken: die van de Sovjetkrijgsgevangenen in Duitse gevangenschap.

Ook de afschuwelijke omstandigheden in die kampen, waarin massaal gestorven werd, schilderde hij. Daarop volgde een uiteenzetting over Trawniki, waar de SS speciaal geselecteerde krijgsgevangenen opleidde tot kampbewaker. Trawniki was een kamp met slechts één doel, aldus Busch, namelijk 'om van de Slavische Untermenschen diensthonden van de massamoordenaars te maken.'

Dat professor dr. Cornelius Nestler, advocaat van de medeaanklagers, in diens pleidooi eerder had gezegd dat Demjanjuk uit Trawniki of Sobibor had kunnen vluchten, kwam hem op een sneer van Busch te staan. 'Vivat academia! Vivant professores! ' riep Busch uit, leve de academie, leve de leraren, en voegde eraan toe dat 99,9 procent van de aanwezigen in deze zaal een diensthond van de SS zou zijn geworden.

Busch deelde zijn slotpleidooi in hoofdstukken in en gaf die hoofdstukken titels. Hoofdstuk 9 luidde: 'Een fictieve John Demjanjuk in Sobibor'. Daarin hamerde hij de data in van de aankomsten van de treinen van Westerbork in Sobibor. En zei dat het OM en de rechtbank maar moesten bewijzen dat Demjanjuk, van wie in de archieven verschillende versies hebben bestaan, exact op die data ook aanwezig was en indien aanwezig, ook beschikbaar en inzetbaar. Was hij niet toevallig ziek, of elders te werk gesteld, of gewoon vrij? Tot zeker drie keer toe herhaalde hij retorisch die aankomstdata: in de wetenschap dat niemand heel concreet zou kunnen zeggen dat een gelaarsde Ivan Demjanjuk destijds werkelijk op dat geïmproviseerde perron stond.

Er is geen concreet daderschap. Geen bewijs. Vandaar ook, zei hij, de boze uitvallen van de medeaanklagers richting zijn cliënt. Die verklaarde hij uit hun mateloze terleurstelling over diens zwijgen, en daarmee diens ongrijpbaarheid. Aan het slot van de tweede dag verloor hij zich in uitweidingen waarin hij deed voorkomen dat de joden zelf aan hun eigen vernietiging hadden bijgedragen. Daar raakte zijn betoog aan het groezelige en bekroop je het ongemakkelijke gevoel dat de holodomor hem meer raakte dan de Holocaust.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden